Rapport: Schijn van partijdigheid en ontbreken van essentiële gegevens

ROTTERDAM - De nationale 'nut- en noodzaak'-discussie over de tweede Maasvlakte is ernstig belemmerd door een gebrek aan ambtelijke ondersteuning, het ontbreken van essentiële gegevens en de 'schijn van partijdigheid.'

Vooral de geringe medewerking van de top van Verkeer en waterstaat leidde tot een 'valse start.' De projectmedewerkers, die de discussie in de praktijk gestalte moesten geven, hadden hierdoor van meet af aan 'het gevoel achter de feiten aan te rennen en in chaos te verkeren.'

Dit blijkt uit een vertrouwelijk rapport van het bureau Andersson Elffers Felix over de 'Verkenningsfase ruimtegebrek mainport Rotterdam' (VERM). Het rapport laat weinig heel van de organisatie van deze eerste 'nut en noodzaak'-discussie over infrastructuur. De VERM leidde in juni in het advies aan het kabinet om een tweede Maasvlakte aan te leggen van 1 500 hectare zonder, of van 1 000 hectare mét een eigen haveningang.

Volgens het rapport voelden de directeur-generaal en de directeur goederenvervoer van het ministerie zich aanvankelijk amper betrokken bij de discussie. Zij hadden, aldus de onderzoekers, 'onvoldoende besef over de urgentie en tijdsdruk waaronder de projectgroep moest functioneren.'

De projectleiding moest zich in de beginfase behelpen met gebrekkige behuizing, onvoldoende menskracht en een enkel telefoontoestel. “De communicatiestijl (...) binnen het departement zorgde er ook voor dat signalen voor verbetering onvoldoende voortvarend werden opgepikt.”

De VERM was de eerste proef met nut- en noodzaak-discussies, zoals die in 1994 door de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) werden voorgesteld. In de Maasvlakte-discussie werden echter belangrijke adviezen van de WRR niet opgevolgd. Zo hield Verkeer en waterstaat zelf de 'regie' in handen door, tegen de afspraken in, zowel de projectleider als de voorzitters van alle werkgroepen te leveren. De projectleiding had hierdoor 'in feite vanaf het begin de schijn tegen', aldus het rapport.

Verkeer en waterstaat, maar ook Economische zaken en het havenbedrijf Rotterdam waren volgens het rapport vooral op zoek naar meer draagvlak voor de gewenste uitbreiding. “In de projectgroep Maasvlakte 2 was de nut- en noodzaakvraag al beantwoord: de Maasvlakte moest er komen en 1000 en bij voorkeur 2000 hectare groot”, stellen de onderzoekers. Zij noemen het 'illustratief' dat de uitbreidingsplannen voor de Maasvlakte tijdens de discussie gewoon doorgingen.

Verkeer en waterstaat wordt verder een gebrek aan betrokkenheid verweten. De communicatie tussen de projectleiding en de ambtelijke top verliep 'moeizaam', wat tot onnodig veel tijdverlies leidde. De commissie die toezicht moest houden op de zorgvuldigheid van het proces, werd zo laat benoemd dat deze geen actieve rol meer kon spelen. Ook deze commissie liet achteraf kritische geluiden horen over de handelwijze van het ministerie.

Al bij het begin van de discussie waarschuwde het bureau Kolpron voor 'risico's en knelpunten.' Daartoe behoorden onder meer: 'Mogelijke partijdigheid van de minister van verkeer en waterstaat, de rol van de provincie Zuid-Holland en Rotterdam (Rotterdamse lobby) en het 'ontbreken van een juridische status voor de projectbeslissing.' De risico-analyse resulteerde niet in maatregelen om een eenzijdige discussie te voorkomen.

Positief is de evaluatie over de later verbeterde samenwerking tussen de ministeries. Als verzachtende omstandigheid noemt Andersson Elffers en Felix ook het gebrek aan ervaring met dergelijke discussies. De evaluatie spreekt zich niet uit over de kwaliteit van de uitkomst. Het kabinet besloot eind juli 'in principe' tot aanleg van een tweede Maasvlakte van 1000 hectare, maar heeft nader onderzoek naar de alternatieven beloofd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden