Review

Ralph van Raat redt muziek van Adams in de Matinee

Radio Filharmonisch Orkest en Groot Omroepkoor olv Edo de Waart, met Aurelia Saxofoon Kwartet en Ralph van Raat (piano). Werk van Adams, Keuris en Dvorák. Za 24/11, Concertgebouw Amsterdam. Uitzending op Radio 4 morgen om 20.02 uur.

Geldt dirigent Edo de Waart als belangrijk pleitbezorger en voortreffelijk interpreet van de muziek van John Adams – afgelopen zaterdag even niet. Het was niet de eerste keer dat De Waart in de ZaterdagMatinee verstek liet gaan op een moment waarop alle oren op hem waren gericht. In het recente verleden was hij wel vaker afwezig, of gooide hij ter elfder ure een programma om dat hij zelf had geïnitieerd.

Het publiek kreeg bij de ingang een brief waarin de dirigent stelde dat het geplande pianoconcert ’Century Rolls’ te zwaar bleek. Ze hadden de afgelopen dagen hard gewerkt, maar het was niet gelukt om het stuk presentabel te krijgen. De Waart leek te hebben geleerd van de verkiezingen, want het uitstel bleek zijn voordeel te hebben: het werd ’een kwestie van réculer pour mieux sauter dus!’ Let op het woordje dus en het uitroepteken.

Pianist Ralph van Raat, die de solopartij in ’Century Rolls’ zou vertolken, was bereid om in plaats daarvan John Adams’ solowerk ’Phrygian Gates’ voor zijn rekening te nemen. Van Raat, die volgend jaar een cd met het pianowerk van Adams uitbrengt bij Naxos, moest zodoende twee zware werken instuderen met zijn toch al gevulde agenda. Na Frederic Rzweski’s een uur durende ’The People United’ in september, speelde hij eerder deze maand een soloprogramma met muziek van Louis Andriessen, was hij solist in een soloconcert van Peter van Onna en voerde hij ook nog een uitgeschreven versie van het ’Köln Concerto’ van Keith Jarrett uit. En alles uit het hoofd! Dus.

Zo ook ’Phrygian Gates’, het werk waarmee John Adams in 1978 definitief zijn eigen stem vond. Het twintig minuten durende pianowerk was op zijn plaats in de grote zaal, want het oversteeg het karakter van een solowerk ruimschoots. Het is eerder een soort orkestwerk voor één musicus, waarin Adams een romantisch gebaar maakt; een soort mini-Bruckner-symfonie, waarin de strijkersnevels vervangen zijn door de verworvenheden van de minimal music.

Van Raat is een meester als het gaat om dat breukvlak tussen lyrische expressie en keiharde motoriek. Zijn uitvoering van Adams’ opus 1 werd op geen enkel moment plat machinaal – een gevaar dat wel degelijk dreigt bij dit in alle opzichten zware werk. Van Raat liet ’Phrygian Gates’ meeslepend zingen, natuurlijk ademen, verblindend van kleur verschieten, de ruimte vullen met sonore klanken en intiem fluisteren. Adembenemend dus.

Schokkend om te beseffen dat de in 1996 op vijftigjarige leeftijd overleden Tristan Keuris maar een jaar ouder was dan Adams. Schokkend omdat de Nederlandse componist zo’n eigen geluid had dat net zoals zijn Amerikaanse collega lak had aan de academische hokjesgeest. Zijn ode ’To Brooklyn Bridge’ uit 1988 was van een tijdloze verstilde schoonheid in De Waarts handen.

Met diezelfde handen stak hij trouwens een zakdoek in de lucht, nadat de zachter-dan-zachte slotnoot van het tweede deel van de Negende symfonie van Dvorák om zeep was geholpen door een luide hoester (dodelijke blik de zaal in vanaf de bok). Dvorák en De Waart, dat was mooi woest slingeren tussen powerplay en tederheid. Een dirigent die Dvoráks ’Uit de Nieuwe Wereld’ zo fris kan laten klinken en Keuris zo mooi ingetogen, die vergeef je de zoveelste late programmawissel. Dus.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden