Radiozenders helpen overleven in Rafah

De radio speelde tijdens de Israëlische inval in Rafah een centrale rol. Als levenslijn, als uitlaatklep, en zelfs als hulp bij een bevalling. Een week later spelen er weer liefdesliedjes.

GAZA – In het koffiehuis in hartje Gaza volgen tientallen mannen het laatste nieuws uit Rafah, op een van de eerste dagen van de Israëlische inval. Meer dan vijf lokale radiozenders beconcurreren elkaar in de Gazastrook, alle met welluidende namen: Al Choeria (Vrijheid), Al Manar (De Vuurtoren), Alwan (Kleuren), Asjabab (De Jeugd) en Saut al Aksa, de Stem van Al Aksa, die pas nog doelwit was van Israëlische raketten. Daarnaast heeft het Palestijns bestuur ook nog zijn eigen zenders.

Al Manar staat bekend als een van de onafhankelijkste stations. De uitzendingen zijn live, waarbij de luisteraars een groot deel van de zendtijd hun meningen mogen spuien. Het station werd twee jaar geleden opgericht door Talal Aboe Rahma. In de volksmond heet hij de Doeraman. Want Talal werkte jaren als cameraman en was degene die de opname maakte van Mohammad Al Doera, het jongetje dat schuilend met zijn vader in het begin van de intifada werd doodgeschoten.

Nu zit Talal in de studio achter de microfoon en praat hij met de luisteraars. De zender kent geen controlekamer. Wie belt zit in de uitzending. Dat directe maakt Al Manar zeer populair.

,,Beste luisteraars, een Israëlische Apache heeft een raket afgeschoten op een vredelievende demonstratie in Rafah, en tientallen mensen gedood”, meldt hij op de tweede dag van de Israëlische inval. (Later zou blijken dat het een tank was en dat er acht doden waren gevallen, red.). Meteen luchten woedende luisteraars hun hart via de ether.

,,Ze zijn vervloekt”, zegt de 69­jarige Mohammad alBeltaji. ,,Ik heb de Tweede Wereldoorlog meegemaakt en de nakba (de catastrofe van 1948) en de Zesdaagse oorlog. Nimmer zijn er zulke gruwelijkheden gepleegd. Wat wil Sjaron?”

Talal: ,,Je weet, mijn beste, dat Israël een excuus heeft waarom het Rafah aanvalt? En het Israëlische kabinet heeft al verklaard dat de huidige actie op zijn best een tijdelijke maatregel is. De tunnels die ze ontdekken kunnen 0 weer worden vervangen door nieuwe tunnels en op den duur zullen nieuwe smokkelteams in actie komen.” Aan het eind van zijn uitleg schakelt Talal over naar wat muziek. Door de ether klinkt een wijsje uit de film Oorlog en Vrede.

Tot de volgende beller: ,,Hallo, is dat Al Manar?” Amani alChoedari 20, een studente van de Azharuniversiteit uit haar woede.

,,Sjaron beweert dat er smokkeltunnels zijn. Waarom doodt hij dan kinderen en onschuldige burgers? Het is een strafexpeditie om de Arabieren te vernederen na de dood van 13 Israëlische soldaten in Gaza.”

Talal neemt weer het woord, met op de achtergrond opnieuw de muziek uit Oorlog en Vrede. ,,Dames en Heren, de Israëlische minister van oorlog en terreur, Sjaoel Mofaz, heeft in een interview met Kanaal 2 van de Israëlische televisie uitgelegd dat Israël geen andere keus had dan de operatie voort te zetten, ondanks de gebeurtenissen bij de demonstratie.” Tijdens een muzikale onderbreking legt Talal kort uit: ,,Zulke mededelingen doen de luisteraars beseffen hoe groot de ramp in Rafah nog wordt.”

Dan hangt Fahmi Moessa uit Rafah aan de lijn. Hij klaagt zijn nood over het gebrek aan water, voedsel en melk voor de kinderen. Talal doet een krachtige oproep om hulp. ,,Deze man en zijn kinderen verkeren in nood, hun huis is omgeven door Israëlische terroristen. Help hen... !” Binnen de kortste keren komen bij het station de telefoontjes binnen van organisaties en mensen die om het adres en het mobiele telefoonnummer van Fahmi vragen.

De liveuitzendingen stonden de afgelopen dagen centraal in het leven van de meeste Palestijnen in Gaza. Winkels waren dicht, kantoren gesloten, terwijl men het nieuws uit Rafah volgde. Een van de hoogtepunten (of dieptepunten) was wel de zwangere vrouw in Rafah die moest bevallen maar haar huis niet uitkonvanwege het uitgaansverbod en de Israëlische scherpschutters. Via de radio werd ze stap voor stap bij de bevalling begeleid.

In de studio van Al Manar is de toon inmiddels, na de terugtrekking van Israëlische troepen, iets veranderd. ,,We proberen een beetje naar het normale leven terug te keren”, zegt Talal Aboe Rahma. ,,We zenden weer liefdesliedjes uit. Onze luisteraars moeten weer op adem komen.” En tot de luisteraars: ,,Ja, dames en heren, de gebeurtenissen in Rafah waren zwaar, maar wij Palestijnen houden stand.” Dan zet hij met een knipoog een lied van Kenny Rogers op: 'Je hoeft niet te vechten om een man te zijn.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden