Radicale democratie achter nationaal hek?

De opvatting is diep ingedaald dat de democratie alleen in kleine gemeenschappen kan werken. Hoe kleiner, hoe beter. Het is een van de argumenten die populisten inbrengen tegen de Europese Unie. Maar wat zei James Madison, een van de stichters van de Verenigde Staten? Hoe groter, hoe beter. Hoe kleiner, hoe riskanter voor de vrijheid.

Het Amerika in die dagen, dertien staten met krap vier miljoen inwoners, is absoluut niet te vergelijken met het Amerika van nu of met Europa, maar het kan geen kwaad bij de tegendraadse visie van Madison stil te staan. Zeker nu het soort van democratie inzet van een heftige politieke strijd is, zowel in relatie tot de nationale als de Europese schaal.

In deze column heb ik Amerika vaak aangeduid als de eerste moderne democratie. Dat is misschien niet helemaal juist. De rechtsdenker en politicus Madison zag de jonge federatie als een 'niet-tirannieke republiek', die als voornaamste doel had de vrijheid te hoeden. Niet de democratie stond centraal in zijn visie, maar de vrijheid. Niet zo gek na de onafhankelijkheidsoorlog tegen de tirannieke Engelse koning.

Madison doelde echter niet alleen op de zojuist gewonnen vrijheid van de federatie, maar ook op de vrijheid van burgers. In dat perspectief was hij beducht voor de democratie. De Franse politiek denker Tocqueville zou de democratie later beschrijven als 'een olifant die je moet leren berijden om te voorkomen dat hij je verplettert'.

Het is in onze dagen misschien even wennen aan de gedachte dat democratie niet vanzelfsprekend de vriend van de vrijheid is. Maar het is niet nodig ver in de geschiedenis terug te gaan om die beduchtheid te begrijpen. Madison was de democratie toegedaan als een belangrijke tegenmacht van een sterke centrale regering, maar hij vreesde de wil van de meerderheid, omdat die dingen kon doordrukken die de individuele vrijheid om zeep zouden helpen.

In kleinere gemeenschappen achtte hij dat gevaar reëler dan in een grote republiek, omdat daarin de diversiteit van opvattingen en belangen groter zou zijn. Of die visie nu nog volledig houdbaar is, betwijfel ik. De wijsheid erachter is dat wel: de democratie moet omwille van de vrijheid zichzelf duchten.

De betekenisvolle verschuiving in het denken waartoe Madison aanzet, is dat je niet de volksinvloed centraal stelt, laat staan die invloed verabsoluteert zoals populisten doen, maar de vrijheid. Precies daarom was hij niet alleen voor een ingetoomde (representatieve) democratie, maar ook voor een regering die niet alleen het volk bestuurt, maar ook controle op haar doen en laten mogelijk maakt. "Als engelen mensen zouden besturen, had je geen controle van binnenuit en van buitenaf nodig."

Deze visie krijgt nog meer reliëf bij de wetenschap dat de confederatie van Amerikaanse staten de onafhankelijkheidsoorlog tegen de Engelsen bijna had verloren door een gebrekkig centraal gezag. Madison was, alweer omwille van de vrijheid, voor een sterke federale regering, maar maakte desalniettemin voluit ruimte voor de tegenmacht, in de vorm van volksinvloed en, kort gezegd, de rechtsstaat.

Vertaald naar onze tijd dringt de conclusie zich op dat het de Europese Unie ontbreekt aan macht en slagvaardigheid om adequaat op crises te reageren. Die gevolgtrekking betekent geen desavouering van de democratie, zoals absolutisten onmiddellijk zullen roepen. De stelling is zelfs verdedigbaar dat de tegenmacht op Europees niveau gebrekkig werkt, omdat de macht gebrekkig werkt. De besluitvorming van 28 regeringsleiders is moeizaam, de bevoegdheden zijn nog te beperkt, de uitvoering is vaak een kwestie van afwachten.

Het ontbreekt de Europese macht bovendien aan een gezicht. In de jonge Verenigde Staten kreeg de macht pas een gezicht met George Washington, de eerste president onder de nieuwe grondwet (van Madison). In werkelijkheid was hij de vijftiende president. Hij had veertien voorgangers, die de 'vergeten presidenten' worden genoemd. Dat zal vermoedelijk ook het historische lot van Van Rompuy en Tusk zijn, zou het tot een Verenigde Staten van Europa komen.

De crises en dreigingen waarop de Unie een antwoord moet vinden, onderstrepen de noodzaak van een sterker centraal gezag. Dat streven zou wellicht meer vaart krijgen als de vrijheid in collectieve en individuele zin voorop zou staan. De twee eeuwen oude wijsheid uit het Westen leert dat een radicale democratie waarin de wil van de meerderheid beslissend is, de vrijheid bedreigt. Zeker als je om die democratie nationale hekken plaatst.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden