Rabbae (NCB) wil pact tussen overheid en minderheden

UTRECHT - NCB-directeur Mohammed Rabbae zou het minderhedendebat graag beperkt zien tot 'een handeling'. Hij stelt een 'nationaal pact' voor tussen overheid en minderhedenorganisaties. "Met wederzijdse afspraken waaraan we elkaar kunnen houden."

In de werkkamer van Mohammed Rabbae liggen veel paperassen. Nota's, nota's en nog eens nota's. "Je zou bijna denken dat er veel voor de minderheden wordt gedaan. Discussies, onderzoeken en stoere taal. Maar de reele situatie is anders" zegt NCB-directeur Mohammed Rabbae een beetje bitter.

Er is de afgelopen 20 jaar wel wat bereikt, vindt hij. Migranten hebben stemrecht voor de gemeenteraad, hun rechtspositie is verbeterd en een dubbele nationaliteit behoort sinds kort tot de mogelijkheden. "Maar is helaas niet gelukt door te stoten naar de kern van de problemen: het onderwijs en de werkgelegenheid. De verharding die we nu in de politiek tegenover migranten zien, is een ritueel gordijn om de onmacht te verdoezelen."

Het Nederlands Centrum Buitenlanders telt ruim 30 medewerkers, wordt jaarlijks voor 4,5 miljoen gefinancierd door WVC en moet de laatste maanden veel kritiek verduren. Zelforganisaties bestrijden het alleenrecht van het NCB het woord te voeren namens 'de' migranten. Persoonlijke vijanden richten giftige pijlen op Rabbae. "We zijn geen uitzendbureau voor demonstranten" , zei secretaris Abdoe Menebhi van het Komite Marokkaanse arbeiders in Nederland (Kman) onlangs. "Wie vertegenwoordigt het NCB?" vroeg voorzitter M. Cherouti van de Unie van Marokkaanse moskee-organisaties (Ummon) zich in deze krant af. Het NCB moet afgeschaft worden, schrijft Rabbae's aartsrivaal, de zakenman David Pinto in tal van ingezonden brieven. "Het NCB vertegenwoordigt niemand. Wat hebben Turken en Marokkanen er eraan?"

Rabbae: "Er zijn enkelen die de waarde van ons werk ondergeschikt willen maken aan de belangentegenstellingen van de organisaties. Het NCB is geen zelforganisatie en dat is maar goed ook. De zelforganisaties zijn afhankelijk van de inzet van vrijwilligers. Ze zijn volop in ontwikkeling en hebben recht op onze steun. Maar er zijn teveel personen die het spel niet volgens de regels kunnen spelen."

Minder rancuneus, maar bedreigender voor de grootste professionele belangenorganisatie voor minderheden is de opinie van premier Lubbers, onlangs in het NRC. Volgens Lubbers zullen 'traditionele organisaties' als het NCB invloed moeten afstaan aan nieuwe organen als de onlangs van de grond gekomen Islamitische raad.

Rabbae: "Ik vraag nooit naar representativiteit. Dat is zinloos, want er is geen organisatie die 'de' minderheden kan vertegenwoordigen. Het NCB pretendeert dat niet, heeft dat nooit gedaan. Wat doet het er toe of Ali of Hassan de belangen van migranten behartigt? Het gaat erom dat het gebeurt, dat zou het gemeenschappelijk belang van alle organisaties moeten zijn."

Rabbae staat wantrouwig tegenover Lubbers' uitspraak. "Ik ken Lubbers. Uit afspraken zijn meermaals goede besluiten en standpunten voortgekomen. Ik denk dat hij met zijn nadruk op de Islamitische raad een electoraal accentje voor het CDA heeft willen leggen. En wat het NCB betreft: wij worden in Den Haag wel eens als lastig ervaren."

Rabbae ziet het belang van de zelforganisaties vooral in hun rol bij het zoeken en vinden van een eigen, steeds veranderende identiteit voor verschillende migrantengroepen en het signaleren van de problemen.

Islamitische organisaties hebben volgens hem vooral betekenis voor de ouderen: "Die gaan niet naar het buurthuis, maar naar de moskee."

Dat het NCB invloed zou moeten afstaan aan de Islamitische raad gaat er bij Rabbae niet in. "Het NCB steunt de Raad in haar opdracht om de beeldvorming en inbedding van de islam in de samenleving te bevorderen. Maar ik zie een gevaar in het 'islamiseren' van het minderhedenvraagstuk. Ik zie de Islamitische Raad bovendien niet bezig zijn met alle sectoren, van arbeidsmarkt tot en met sport."

Rabbae ziet het NCB als een "stabiele, professionele organisatie die de belangen van migranten kan behartigen, zonder interne richtingenstrijd of politieke verhoudingen in Den Haag. "Je kunt van vrijwillige organisaties moeilijk verwachten dat zij zich verdiepen in dubbele nationaliteit, de gevolgen van een kinderbijslagmaatregel of de Europese wetgeving. Of neem het plan Simons, de sociale zekerheid of decentrale huisvesting. Wij hebben daar gespecialiseerde beroepskrachten voor. Tien jaar geleden waren wij al bezig met de problemen op de arbeidsmarkt en in het onderwijs. Den Haag toonde daar toen nog geen interesse voor."

Rabbae bestrijdt Lubbers dat het NCB te ver van de migranten is komen te staan. Rabbae: "Dat zegt meer over het Haagse circuit dan over het NCB. Bovendien: wat had Lubbers verwacht? Dat wij liever zaten te slapen terwijl in Den Haag cruciale beslissingen worden genomen over minderheden?"

"Lubbers' uitspraak dat hij een aanspreekpunt wil bij de minderheden, kan cruciaal blijken. Wil hij wachten tot de Islamitische Raad volwassen is? Dat kan volgens Rabbae nog wel even duren. "NCB zou invloed moeten afstaan. Dat vind ik merkwaardig. Het NCB heeft zijn positie aan zichzelf te danken. Net als de premier zelf. Als de politiek wil bepalen hoe de macht onder de minderhedenorganisaties wordt verdeeld, sta ik daar wantrouwig tegenover. Dat bepalen die organisaties zelf."

"Wij zijn al vijf jaar bezig met de Wet Bevordering Arbeidskansen. Die is er nog niet, terwijl de werkloosheid onder migranten toeneemt. We hebben geen tijd meer voor dat soort processen en hebben ook geen tijd meer om van mening te verschillen."

Het minderhedendebat dreigt volgens Rabbae te mislukken, omdat het gaat over ongrijpbare zaken waar de minderheden niets aan hebben voor hun dagelijkse problemen. "Het is tijd op te houden met verdeel en heers-spelletjes en het bespelen van onderlinge tegenstellingen." Rabbae zou het debat beperkt willen zien tot 'een enkele handeling'. "De organisaties maken met de regering vier of vijf afspraken om de problemen samen aan te pakken. Een nationaal pact waarin afspraken worden gemaakt over criminaliteitsbestrijding, onderwijs, werkgelegenheid en integratie. Met verplichtingen waaraan we elkaar kunnen houden."

Volgens Rabbae moeten de migrantenorganisaties wijzen op de verantwoordelijkheid van de eigen gemeenschap als het gaat om integratie, rol en positie van de vrouw, mobilisatie op de arbeidsmarkt, beleving van de eigen religie en te werken aan betere relaties met de Nederlanders. Het zou een gemiste kans zijn als de overheid niet zo'n pact met de migrantenorganisaties zou willen sluiten.

Lubbers deed zo'n voorstel. Hij bepleitte 'wederzijdse afspraken waar je elkaar aan houdt'. Rabbae: "Dat is al namens de minderhedenorganisaties in Den Haag voorgesteld. We wachten nog op antwoord."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden