Q-koortspatiënten wachten vergeefs op excuses

Oud-ministers onder ede gehoord

Jacqueline van den Bos weet dat ze de volgende dag op zal zijn, na het bijwonen van de hoorzitting van de Nationale Ombudsman in Den Bosch. De Q-koortspatiënte werkt nog maar één dag in de week, en kampt nog steeds met vermoeidheid. Toch luistert ze de hele dag naar de verhalen van hoge ambtenaren, deskundigen en de oud-ministers Ab Klink en Gerda Verburg. Eindelijk kunnen Van den Bos en tientallen andere patiënten de verantwoordelijken horen over de aanpak van de epidemie.

Ombudsman Alex Brenninkmeijer hoorde hen gisteren onder ede in het Brabantse provinciehuis. Hij vindt dat de overheid te weinig aandacht besteedt aan de slachtoffers. Brenninkmeijer onderzoekt nu of zij toch een schadevergoeding zouden moeten krijgen. Tot dusver vindt de Kamer dat niet nodig.

De voor mensen besmettelijke geitenziekte stak in 2006 de kop op in Oost-Brabant. In 2008 volgden de eerste maatregelen, en eind 2009 werden de eerste geitenbedrijven geruimd. Zeker 24 mensen zijn aan de ziekte overleden, veel anderen werden chronisch ziek. Een commissie concludeerde twee jaar terug al dat de overheid doortastender had moeten optreden.

Klink (oud-minister van volksgezondheid) en Verburg (landbouw) zijn blij dat ze eindelijk kunnen reageren op de kritiek. "Wat zich hier heeft voorgedaan, is nergens ter wereld eerder gebeurd", benadrukt Verburg in haar verhoor. "We moesten in het donker op zoek naar oplossingen." De zaal reageert schamper.

Klink erkent uiteindelijk voorzichtig dat er eerder een vervoersverbod voor geiten had moeten komen, om te voorkomen dat de ziekte zich verspreidde. "Dat klinkt niet onlogisch in de oren." Volgens Verburg had haar ministerie sneller werk moeten maken van de meldplicht voor besmette bedrijven. "Maar ook als dat wel was gebeurd, had dat waarschijnlijk geen effect gehad op het aantal gevallen van Q-koorts."

Bij die twee kanttekeningen bleef het. Klink en Verburg prezen hun 'toegewijde' ambtenaren, en benadrukten dat hun ministeries wel degelijk op dezelfde lijn zaten bij de aanpak.

Volgens Jos van de Sande, hoofd infectieziektenbestrijding van de GGD Hart voor Brabant, leefde 'het gevoel van urgentie' onvoldoende. Toen hij de noodklok luidde in de media, werd hem dat 'niet in dank afgenomen'. De overheid had burgers beter moeten informeren, vindt hij. Bijvoorbeeld door de lijst met besmette bedrijven meteen openbaar te maken.

Volgens Klink waren er in het begin te weinig besmette bedrijven bekend. "Als we die hadden genoemd, hadden we het probleem juist geminimaliseerd." Zijn ministerie waarschuwde daarom liever voor alle geitenbedrijven. Verder was de GGD zelf verantwoordelijk voor het voorlichten van burgers, zegt hij. Van de Sande had zich door tegenwerking niet moeten laten beïnvloeden.

Brenninkmeijer vraagt hem aan het eind van zijn ondervraging: wil de oud-minister nog iets persoonlijks zeggen? Er hangt spanning in de zaal. "Ik wil niet dramatiseren", reageert Klink. "Het is zo makkelijk om je als politicus met veel leedwezen uit te drukken."

Aan het eind van de middag gaat Brenninkmeijer de zaal in voor reacties. "Ik heb heel veel gehoord", zegt patiënte Van den Bos. "Maar niet de drie woorden die ik had willen horen: 'het spijt me'."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden