Opinie

'Pygmalion' in een lesbische versie: regisseur Pieter Kramer bewerkte het bekende verhaal voor het Ro theater.

In de satire 'Pygmalion' van George Bernard Shaw, beter bekend als de musical 'My Fair Lady', krijgt het naïeve bloemenmeisje Eliza Doolittle een sneltreincursus beschaving van professor Higgins. Regisseur Pieter Kramer situeert het stuk met het Ro theater in het naoorlogse Rotterdam, dat tussen de gebombardeerde straten de beschaving weer tracht op te bouwen. ,,De ondertitel van het stuk, 'platvloers en wederopgebouwd', heeft betrekking op Eliza Doolit tle én op haar stad,'' vertelt Kramer.

Samen met schrijver Ko van Den Bosch, van theatergroep Alex d'Electrique, heeft hij ook de inhoud van het stuk stevig verbouwd. Zo is Higgins in de rol van Olga Zuiderhoek een lesbienne. ,,De voorstelling straalt de sfeer uit van de romans van de Rotterdamse -eveneens lesbische- schrijfster Anna Blaman. Bij het lezen van die boeken zag ik donkere, naoorlogse straten en damespensions voor me. Ik heb me verdiept in de sfeer van zo'n pension, waar het voor de buitenwereld niet opviel als vrouwen een liefdesrelatie hadden.''

In de voorstelling hoopt de vrouwelijke Higgins de heteroseksuele Eliza voor zich te winnen. Maar Loes Luca bijt als het volksmeisje -ofwel 'de slonzige steegmeeuw'- stevig van zich af en volgt uiteindelijk een eigen weg.

De musical 'My Fair Lady' is een jeugdliefde van Kramer. Het was de eerste theatervoorstelling die hij in een 'echt theater' zag en thuis leerde hij de liedjes -'als het effe kan, ja dan..'- van de grammofoonplaat uit zijn hoofd. Nog steeds vindt hij het een 'ijzersterk liefdesverhaal'.

,,'Pygmalion' vertelt het verhaal van de beeldhouwer die verliefd wordt op het beeld dat hij zelf heeft gecreëerd. Dat is ook het lot van de regisseur. Je zet een voorstelling op het toneel die vervolgens een eigen leven gaat leiden en zich steeds meer van je losmaakt. Een repetitieproces is meestal een heftig gebeuren, waarbij je met vallen en opstaan de première bereikt. Als de voorstelling geslaagd is, raken de acteurs tijdens de tournee steeds beter op elkaar ingespeeld. Als regisseur maak je dit proces niet mee.''

Kramer is bekend van geestige televisieseries als 'Hertenkamp' en de '30 minuten' met acteur Arjan Ederveen, speelfilms als 'Theo & Thea en de ontmaskering van het Tenenkaasimperium', 'Ja zuster nee zuster' of 'Ellis in Glamourland'.

Na de theaterversie van 'Ja zuster nee zuster' is 'Pygmalion' al weer zijn tweede regie bij het Ro theater.

De komende jaren vormt hij, samen met de nieuwe intendant Carel Alons en oudgediende Alize Zandwijk, de artistieke kern van het gezelschap en zal hij de plek opvullen van de vertrekkende artistiek leider Guy Cassiers. Hij vindt het nog te vroeg om toekomstplannen uit de doeken te doen.

Maar wil wél kwijt dat hij het Ro theater ziet als een gezelschap dat bij Rotterdam hoort en wortels heeft in de cultuur van de stad. ,,Ook wil ik graag werken met een min of meer vaste cast van acteurs. Als regisseur kun je zo een band met hen opbouwen, maar ik vind het ook belangrijk dat het publiek de spelers weer terugziet in een volgende voorstelling.''

Behalve met Loes Luca en Olga Zuiderhoek werkte hij in het verleden onder meer samen met Kees Prins, Beppie Melissen of Arjan Ederveen.

Wie hen kent, begrijpt meteen waarom hij als regisseur op hen valt, maar zelf vindt hij dit lastig onder woorden te brengen. ,,Het is in elk geval geen gemakkelijke, platte lol in de zin van 'van dik hout zaagt men planken'. Je speelt het bloedsereus, maar toch pakt het grappig uit. Arjan Ederveen zegt het treffend, het draait niet om 'komische humor'.''

,,Acteurs zijn vaak bang om er onvoordelig of lelijk uit te zien,'' vervolgt hij. ,,Maar een gevoel van gêne is het grootste gevaar voor een acteur. Hoe ongegeneerder ze op het toneel durven te staan, hoe liever ik het heb. Een acteur als Arjen Ederveen houdt daar juist van en kickt erop om de grenzen op te zoeken en dingen te doen waarbij je denkt 'dit kan écht niet!' Soms sla je dan de plank finaal mis, maar als je net over een grens gaat, kom je vaak op een vondst waar je anders nooit aan had gedacht.''

Waarom balanceert hij zo graag op het randje? ,,Humor schuilt in de onvolkomenheid van mensen, in hun tekortkomingen. Juist in gênante situaties laat je het achterste van je tong zien en ben je kwetsbaar. De humor waar ik van houd, is geen lach zonder traan. Los daarvan trekt het me aan om te provoceren en mensen tegen de schenen schoppen. Als het publiek zich een beetje ongemakkelijk gaat voelen, kun je ze over een grens trekken en de alledaagse verwachtingen doorbreken.''

Het verbaast hem dat anderen zijn werk soms zien als 'kitsch of camp', omdat hij een en ander zou cultiveren in al te uitbundige persiflages. ,,Daar herken ik mezelf helemaal niet in'', benadrukt hij. ,,Dat is het laatste waarmee ik geassocieerd wil worden. Ik neem het zeer serieus. Maar ik haal mijn neus niet op voor een commerciële manier van denken. Al heb ik bewondering voor theatermakers die compromisloos voor hun eigen idee gaan, ik zou niet willen dat het publiek na afloop van een van mijn voorstellingen denkt : 'Moet dát met mijn belastingcenten worden betaald?' Met zijn versie van 'Pygmalion' ligt dat in elk geval niet voor de hand.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden