PvdA moet toon integratie matigen

De PvdA stelt op het congres in maart een visie op het

„Het is de harde toon, maar ook de argumentatie”, antwoordt Kalma op de vraag wat zijn bezwaar is tegen de jongste integratienotitie van de PvdA. „Het is logisch dat je als partij een eigen gezicht zoekt op het terrein van integratie. Maar wij hadden dat al. Nu dreigt het door te schieten. Deze notitie is een stap terug ten opzichte van wat de PvdA enkele jaren geleden al heeft uitgesproken. Ze verstoort de groeiende consensus in de partij.”

In december bracht de PvdA-leiding een notitie over integratie uit. Onder de titel ’Verdeeld verleden, gedeelde toekomst’ gaven (onder anderen) partijvoorzitter Lilianne Ploumen, partijleider Wouter Bos en fractievoorzitter Mariëtte Hamer de aftrap voor de inmiddels op gang gekomen partijdiscussie, die in maart moet uitmonden in het aannemen van een resolutie door het PvdA-congres.

Maar volgens Kalma is de notitie van de partijleiding geen goede basis voor de beoogde besluitvorming. Samen met twee partijgenoten – Eerste Kamerlid Pauline Meurs en Kees Groenendijk, voorzitter van het bestuur van het Centrum voor Migratierecht van de Nijmeegse Radboud Universiteit en oud-hoogleraar rechtssociologie aan die universiteit – schreef Kalma in het maandblad Socialisme & Democratie een kritisch tegenstuk over wat zij zien als ’de valkuilen van het integratiebeleid’.

Eén van die valkuilen is de sterke nadruk die Ploumen cs leggen op ’ons Nederland’ en het ’gezamenlijke Nederlanderschap’ als voorwaarde voor volwaardig burgerschap. Nieuwkomers, hun kinderen en kleinkinderen, aldus het stuk van de PvdA-leiding, moeten onvoorwaardelijk kiezen voor Nederland. Kalma: „Dat Nederlanderschap wordt er bij wijze van spreken in gehamerd. Natuurlijk mag je van nieuwkomers vragen dat ze zich aanpassen. Maar de partijbestuursnotitie stelt zulke hoge eisen als het gaat om het voldoen aan de Nederlandse cultuur, dat die nadruk op Nederlanderschap onbedoeld nieuwkomers kan uitsluiten. Zijn Marokkaanse Nederlanders soms geen volwaardige Nederlanders?”

In hun stuk herinneren Kalma, Van Meurs en Groenendijk hun partijgenoten nog maar eens aan de andere benadering, die sprak uit de integratienota van wijlen Schelto Patijn, de vroegere PvdA-burgemeester van Amsterdam. Vier jaar geleden omarmde de PvdA dat stuk – getiteld: ’Integratie en immigratie: aan het werk!’ – als basis voor haar integratiebeleid. „Burgers kunnen met meer samenlevingen een binding hebben zonder dat dit volwaardige deelname aan de Nederlandse samenleving in de weg hoeft te staan”, heette het toen.

Op meer punten, vindt Kalma, legt de notitie van de partijleiding het af tegen dat werkstuk van Patijn. Zo missen Kalma, Van Meurs en Groenendijk een stevige stellingname van het partijbestuur tegen ’het dedain en de hufterigheid die Wilders en anderen aan de dag leggen jegens minderheidsgroepen’. Kalma: „In het stuk van Patijn werd gewezen op racisme, op de nog steeds bestaande afkeer van vreemdelingen en op de noodzaak om op te komen voor verdraagzaamheid. Want met verdraagzaamheid bestrijd je het populisme van extreem-rechts. Maar die notie ontbreekt in de notitie van het partijbestuur.”

Dat geldt ook voor een ander wapen dat volgens Kalma, Van Meurs en Groenendijk moet worden ingezet tegen racisme en vreemdelingenhaat: de erkenning dat Nederland een immigratiesamenleving is. Kalma: „Natuurlijk brengt immigratie ook problemen met zich mee. Maar zonder immigranten zou de Nederlandse economie echt direct tot stilstand komen. En dat inzicht ontbreekt helaas in het stuk van het partijbestuur.”

Dat de PvdA-leiding in zijn notitie onderstreept dat nieuwkomers in Nederland de beginselen van de rechtsstaat moeten onderschrijven, deelt Kalma. „Ook de commissie-Patijn stelde dat trouwens al. Maar het verhaal van het partijbestuur over de rechtsstaat is wel heel erg eenzijdig. Al te gemakkelijk wordt gesproken over extra bevoegdheden voor burgemeesters, over het inhouden van kinderbijslag, over ’statusverlagende’ straffen en over het registreren naar etnische afkomst.”

„Maar de rechtsstaat heeft twee kanten. Niet alleen burgers zijn gebonden aan regels, ook de overheid mag niet zo maar alles. En voor die kant heeft de notitie van het partijbestuur veel te weinig oog. Het stuk heeft een populistische ondertoon. In mijn partij hoor ik wel zeggen dat een beetje populisme geen kwaad kan. Maar de notitie laat zien dat je daar heel erg voorzichtig mee moet zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden