PvdA hoeft zich met JSF van klaplopers niks aan te trekken

Het is voor de PvdA nog altijd een beetje pijnlijk dat het kabinet-Den Uyl wetgevend slechts weinig tot stand bracht, maar met de aanschaf van meer dan honderd jachtvliegtuigen van het type F-16 wel ’de wapenorder van de eeuw’ plaatste. Van het progressiefste kabinet ooit werd verwacht dat het macht, kennis en inkomen zou spreiden, niet dat het straaljagers zou kopen.

De sociaal-democraten stonden na de Tweede Wereldoorlog niet meer zo vijandig tegenover het leger als voordien, maar de weerstanden bleven sterk en werken tot op de dag van vandaag door.

Het is dus beslist geen toeval dat de PvdA in het JSF-debat in de hoek zit waar de klappen vallen en moeite heeft haar geloofwaardigheid overeind te houden.

Voor de oude socialisten gold de krijgsmacht, net als de kerk en het koningshuis, als een bolwerk van het kapitalisme dat moest worden bestreden. De verhouding tot deze instituties is pas heel geleidelijk een normale geworden en die ontwikkeling is voortdurend gepaard gegaan met oprispingen van de oude sentimenten.

We hebben lang vastgehouden aan een wereld waarvan we hoopten dat-ie was zoals we wilden dat-ie was, zei Relus ter Beek drie jaar geleden tegen deze krant, terugblikkend op de ontwikkeling van zijn partij. Ter Beek was defensiewoordvoerder van de fractie in de jaren tachtig, toen de PvdA zich door haar verzet tegen de plaatsing van kruisraketten in een politiek isolement manoeuvreerde.

Wim Kok heeft tijdens zijn leiderschap tussen 1986 en 2002 welbewust gepoogd de partij met de harde realiteit te verzoenen. Begin jaren negentig nam hij als vicepremier politieke verantwoordelijkheid voor deelname van Nederland aan de eerste Golfoorlog en voor de vredesmissie in Bosnië, die zo fataal afliep.

Een van de laatste daden van zijn tweede kabinet was het besluit tot deelname aan ontwikkeling van de JSF, de Joint Strike Fighter van de Amerikaanse vliegtuigfabriek Lockheed Martin. Kok verklaarde bij die gelegenheid dat hij een rechte lijn zag tussen dat besluit en de aanschaf van het toestel rond 2010.

Hij heeft tot nu toe gelijk gekregen. Dat de coalitie die rechte lijn nu, op aandrang van de PvdA, in stukken heeft geknipt en het besluit tot aanschaf naar een volgende regeerperiode heeft getild, doet daar niet of nauwelijks aan af. Defensiespecialisten als Bert Kreemers en Ko Colijn blijven ervan overtuigd dat de keuze voor de JSF, de favoriet van de luchtmacht die al sinds jaar en dag met Amerikaanse toestellen vliegt, in feite al gemaakt is.

Kok vond het realistisch sommige wetmatigheden die de Nederlandse positie in de internationale verhoudingen meebrengt, zoals de hechte band met de Amerikanen, te aanvaarden. In 2003 zei hij, zijn partij indringend waarschuwend voor oude reflexen,’dat we de Florence Nightingale van de wereld worden, als we de Verenigde Staten steeds de kastanjes uit het vuur laten halen en zelf afzijdig blijven’.

De uitspraak deed denken aan het onwankelbare uitgangspunt van Piet de Jong, premier tussen 1967 en 1971, dat Nederland door dik en dun achter de Amerikanen moest blijven staan, omdat anders klaplopen dreigde.

Deze lijn hoeft niet te ontaarden in slaafse volgzaamheid, als Nederland zich als een kritische, maar betrokken bondgenoot gedraagt. Dat betekent niet als vanzelf een keuze voor Amerikaanse jachtvliegtuigen, maar wel een keus voor het beste wat er te krijgen is.

Dan is het niet zo onbegrijpelijk dat de luchtmacht kijkt naar het land met een superieure militaire technologie. De sociaal-democraat Henk Vredeling, die als Den Uyls minister van defensie de F-16’s aankocht, had als verklaard Europeaan moeite met de keus voor een Amerikaans toestel, maar de doorslag gaf voor hem dat als hij militairen in een oorlog stuurde ze wel over het allerbeste materiaal moesten beschikken.

Het voordeel van de positie die de PvdA in het JSF-debat inneemt, is dat zij een kritisch tegenwicht kan bieden aan de logica van de vanzelfsprekendheid. Het nadeel is dat zij tussen voor- en tegenstanders dreigt te worden vermalen. De positie is dus een invloedrijke zoals nu, hoe relatief ook, is gebleken, maar ook een kwetsbare.

Die kwetsbaarheid is in het JSF-debat vergroot door de inzet van de partij bij de verkiezingen de deelname aan het project te beëindigen. Een meer consistente en doordachte lijn vanaf het besluit van Kok II had de partij in deze fase een hoop ellende bespaard.

Van de kritiek, laat staan de hoon van de linkse en populistische oppositie, hoeft de PvdA zich weinig aan te trekken. SP, GroenLinks, PVV en, in het geval van de missie in Afghanistan, ook D66 kiezen voor een rol van militaire afzijdigheid op het internationale toneel. Ze willen wel veilig achter de dijken zitten, maar op een koopje. Het is gemakkelijker een moslim met een uitgesproken mening voor een terrorist uit te maken, dan de strijd tegen het echte terrorisme aan te binden.

Voor zover de oppositiepartijen werkelijk bezorgd zijn over de kosten van het JSF-project, hadden ze zich fermer achter de kritische opstelling van het PvdA-Kamerlid Eijsink mogen opstellen. De Kamer is controleur van het regeringsbeleid en bewaker van het overheidsbudget, maar sommige fracties bedrijven liever partijpolitiek en laten hun kerntaak over aan de Algemene Rekenkamer.

Het onheilige vuur dat de oppositie deze week op het altaar van haar verontwaardiging over het coalitiecompromis liet ontbranden, doet meer afbreuk aan de geloofwaardigheid van de politiek dan het compromis zelf.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden