'Publiek moet je verwennen met speciale arrangementen'

Zwarte omgeploegde aardappelvelden strekken zich uit zover het oog reikt. Aan de horizon verrijzen grijzige fabriekshallen, waar aardappelzetmeel wordt verwerkt tot lijm, plastic of spekkies. Hier, in de Groninger Veenkoloniën, groeven vierhonderd jaar geleden de eerste arbeiders het hoogveen van het Bourtanger moeras af. De turf werd te drogen gelegd en verkocht als brandstof voor woningen en kleine fabriekjes, zoals steenbakkerijen en bierbrouwerijen.

door Sandra Kooke

Douwe Huizing, directeur van het Veenkoloniaal museum in Veendam, kan er eindeloos over vertellen. Over de stad Groningen, die de grond van haar Veenkoloniën verpachtte aan boeren; over de ondernemingszin van de boeren waardoor dit gebied de 'kraamkamer van de industrialisatie' werd; over het vervoer van de turf per schip, als gevolg waarvan schepen uit deze streek uitvoeren over de Oostzee en de Middellandse Zee; over W. Scholten, de man van honderd miljoen, die als eerste Nederlandse miljonair in de negentiende eeuw een aardappelimperium opbouwde van Veendam tot ver in de Oekraïne; over de strokartonfabrieken en de arbeidersopstanden onder leiding van stakingsleider Fré Meis. Voor Huizing is deze streek niet verbonden met turf, jenever en achterdocht, zoals het vooroordeel over de Veenkoloniën luidt, maar met durf en dynamiek.

Is er publiek voor dit verhaal, voor de geschiedenis van de Veenkoloniën? Het Veenkoloniaal museum krijgt jaarlijks twintigduizend bezoekers over de vloer. Maar daar moet het wel allerlei trucs voor uit de kast halen. Een mooie tentoonstelling over de historie van de turfstekers is niet voldoende. Toeristen komen nauwelijks in deze streek waar het museum vrijwel de enige attractie is. Het Veenkoloniaal museum moet het hebben van regiobewoners met belangstelling voor het eigen verleden. Die moeten op een speciale manier gelokt worden. Huizing: ,,Toen wij in 1992 verhuisden naar het huidige pand, besloten we het museum goed op de kaart te zetten door elk weekeinde speciale activiteiten voor publiek te organiseren.'' De afgelopen maand waren dat bijvoorbeeld een concert, een filmmiddag met films over aardappelen ('Aardappel in de puree?') en een vooroudermarkt met allerlei verenigingen die zich bezighouden met stamboomonderzoek.

Daarnaast kent het museum speciale arrangementen voor groepen bezoekers. Dat loopt uiteen van een simpel kinderpartijtje tot een 'cultuurhistorisch en gastronomisch verantwoord verwenarrangement'. Dat laatste is een dagvullend programma met een bezoek aan het Veenkoloniaal museum en de hunebedden in het Drentse Borger. Tussendoor krijgt de bezoeker koffie met de onvermijdelijke Groninger koek, streekeigen hapjes in het nagebouwde sluiscafé, een aangeklede broodmaaltijd als lunch en een diner met pannenkoeken.

Ook zijn er thema-arrangementen. De geschiedenis van de scheepvaart in Veendam brengt de bezoeker niet alleen in het museum, maar ook naar de zeemansgraven op de oude Veendammer begraafplaats. Bezoekers kunnen na een diaserie door een scheepsjager (in authentieke dracht) worden rondgeleid langs de bootjesbouwer, de sluis en een origineel Groninger bolschip, dat op de binnenplaats van het museum ligt. De industrieel Scholten is onderwerp van een dagtocht per bus. Die gaat langs oude fabrieksterreinen, zijn huis en theekoepel in Groningen en zijn landgoed in Klazienaveen.

Het museum werkt intensief samen met andere attracties in de regio. Samen met het subtropisch zwemparadijs en de museumspoorlijn worden schoolreisjes aangeboden. Huizing: ,,In je eentje krijg je geen mensen naar deze regio. Dat is trekken aan een dood paard. Daarom doen we het samen. Met het zwembad proberen we ook ouderen te trekken, met de combinatie fitness en cultuureducatie.''

Deze aanpak heeft succes gehad. Van de twintigduizend bezoekers per jaar is ongeveer zestig procent binnengehaald met een speciaal arrangement of een weekeinde-programma.

De keerzijde van de medaille is dat al die activiteiten enorm veel tijd kosten. De negen medewerkers van het museum - vijf in loondienst, vier door middel van een regeling voor werklozen - en de kleine honderd vrijwilligers zijn bijna constant met publieksactiviteiten bezig. De conservator is tegelijkertijd verantwoordelijk voor het beheer van het gebouw en de ontvangst van groepen. In zijn kantoortje hangt de 'authentieke dracht' van de scheepsjager.

Doordat het publiek zoveel tijd vergt, is er te weinig aandacht voor de kerntaak van het museum: het beheer van de collectie. De kelder van het museum puilt uit met boerenkielen, kleedjes, zeilscheepjes, kopjes en glazen met oude logo's, gereedschappen en boerenkarren, voornamelijk binnengekomen door schenkingen. Als aandenken aan een tentoonstelling over elektriciteit staan er een tiental ampèremeters, oude broodroosters en zelfs een droogkap. Alles is keurig geregistreerd en heeft een nummer, laat Huizing zien. ,,Maar het ontbreekt aan duidelijke omschrijvingen. Van sommige gereedschappen weten we niet eens waar het voor dient. Misschien kunnen er negen van de tien boerenkarren weg. We weten het niet.''

In het meerjarenplan voor de komende periode heeft het museum ervoor gekozen meer tijd te besteden aan het beheer van de collectie. In tien jaar tijd moet de collectie op orde worden gebracht en goed geregistreerd worden. Huizing: ,,Het is een lastige keuze, want minder activiteiten leidt tot minder bezoekers. Dan kun je in een vicieuze cirkel terechtkomen.''

Ooit, als geld en tijd het toelaten, moeten interactieve media het museum aantrekkelijker maken. Voor de korte termijn heeft het Veenkoloniaal museum de hoop gevestigd op de komst van een cultuurcentrum in Veendam. Dat moet aan het museum vastgebouwd worden. Als het museum onderdeel wordt van het centrum, kunnen projecten worden opgezet samen met de arthotheek, de bibliotheek, de muziekschool en de VVV. Ook kan de ingang, winkel, café en informatiebalie gezamenlijk worden opgezet. Zo houdt het museum weer meer tijd over voor het eigenlijke werk. En komen er hopenlijk vanzelf meer bezoekers.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden