Pubers plannen

interviews | Huiswerk plannen en aan het werk gaan. Dat klinkt simpel, maar voor de meeste scholieren is het een enorme opgave. Hoe doe je dat, met een puberbrein en al die prikkels?

Thijs Keersemaker (15) hield zich de eerste twee jaar van het gymnasium maar net staande. Huiswerk plannen was er niet bij. Zijn vader Robert zag de stoet onvoldoendes hoofdschuddend voorbijtrekken. "Op de basisschool heeft Thijs nooit veel hoeven doen. Ineens werd hij geconfronteerd met veel huiswerk in een hoog tempo." Daarnaast maakte Magister, de elektronische leeromgeving waarmee bijna alle middelbare scholen werken, het plannen er niet makkelijker op. "Het nadeel: je kunt er nauwelijks een week mee vooruit kijken", zegt Keersemaker. "Dat werkt niet als je een moeilijke toets hebt." De laatste maanden van afgelopen schooljaar pakte hij elk weekend zijn telefoon en bekeek samen met zijn zoon wat er die week gebeuren moest. Ook ging Thijs naar de huiswerkklas. Dat moet maar genoeg zijn, vindt zijn vader. "We hebben twee jaar lang lopen trekken, zijn lief geweest, hebben geduld gehad, meegedacht. Ik heb mijn zoon laatst gezegd: ik ga het niet nog een jaar zo doen. Je doet school voor jezelf en niet voor mij, ik heb geen tijd om je constant te stimuleren. Vroeger deed ik het ook allemaal zelf."

Nogal wat pubers hebben moeite met plannen. Welke ouder is nooit geconfronteerd met toetsen die pas rond elf uur 's avonds ontdekt worden, dat gezellige weekenduitje dat niet kan doorgaan omdat er schrikbarende achterstanden weggewerkt moeten worden, of kinderen die denken de stof prima te beheersen nadat ze hem één keer afwezig hebben doorgekeken? Enerzijds willen ouders hun kinderen stimuleren en helpen, anderzijds zijn er ook nog kostbare zaken als zelfstandigheid en al-doende-je-kop-stoten. In dat spanningsveld ontstaan irritaties die met grote regelmaat eindigen in ruzies en slaande deuren.

Toen de kinderen van de Amsterdamse Marjolein Padmos, zelf opgeleid tot lerares, naar de middelbare school gingen, nam zij zich voor om hen niet constant achter de broek te zitten. Ze zette een plan-agenda in elkaar met extra kolommen, waarin dagelijks en voor de lange termijn per vak aangegeven kon worden wat de deadline is en hoeveel tijd daar in gaat zitten. Fijn hulpmiddel, vonden haar kinderen. Padmos vermoedde dat er wel eens meer scholieren mee geholpen zouden kunnen zijn en ontwikkelde de agenda verder: inmiddels werkt bijna 20 procent van de brugklassers met deze papieren CitrusPers-agenda. Toen ze er onlangs in dit magazine iets over vertelde, raakte dat een snaar: meer dan tachtig ouders (en een aantal scholen) reageerden, omdat ze niet weten wat ze met hun slecht-plannende pubers aan moeten. Eén van hen was Robert Keersemaker: hij bestelde meteen een agenda voor zijn zoon.

Pubers kunnen een extra steuntje in de rug gebruiken, blijkt uit recent hersenonderzoek. De hersenen van pubers zijn nog volop in ontwikkeling, met name de gebieden van het brein - de prefrontale cortex - die we gebruiken om te plannen en zelfstandig te werken. Terwijl enerzijds het plannen geen prioriteit krijgt, hebben bij pubers emoties en impulsen de overhand, liet hoogleraar ontwikkelingspsychologie Eveline Crone zien in haar succesvolle boek 'Het puberende brein'. Conclusie: pubers kunnen niet plannen.

Een hopeloze zaak? Het ligt genuanceerder dan dat, zegt Crone inmiddels. Zij noemt het puberbrein nu vooral 'flexibel': pubers kunnen zich als zij willen urenlang concentreren op zaken die zij interessant vinden. Door oefening kan de activiteit van de prefrontale cortex juist versterkt worden. Dietsje Jolles, in 2011 gepromoveerd bij Crone, vult aan: "Dat de hersenen van adolescenten nog volop in ontwikkeling zijn, betekent niet dat je altijd moet wachten totdat de hersenen er 'klaar' voor zijn om bepaalde functies uit te voeren. Uit mijn promotieonderzoek is gebleken dat kinderen de zogeheten onvolwassen hersengebieden bij voldoende oefening soms wel gaan gebruiken. Ondersteuning door ouders of leerkrachten zou wel eens kunnen helpen.'

Eva Ottevangers, een van de initiatiefnemers van huiswerkinstituut Westwijs in Amsterdam, merkt dat elke dag. Middelbare scholieren zijn van nature inderdaad geen planners, bevestigt ze, gefocust als ze zijn op de korte termijn.

"Maar als je ze kunt laten zien dat er een duidelijke relatie is tussen plannen en betere schoolresultaten, worden ze er vanzelf enthousiast over." Hoe snel de scholieren die bij Westwijs over de vloer komen het plannen aanleren verschilt, merkt Ottevangers. "De één heeft het in een half jaar onder de knie, een ander denkt: wat fijn dat jullie me hierbij helpen, ik leun nog even achterover. Dat zijn meestal jongens, hoewel het per kind enorm verschilt." Zo rond de vierde of vijfde klas valt het kwartje en groeit het besef dat plannen ook voor later belangrijk is, zegt de begeleider.

Prioriteiten stellen is een van de belangrijkste aandachtspunten bij huiswerkbegeleiding. Door weekschema's in te vullen, krijgen de scholieren letterlijk overzicht. Dat veel scholen nogal halfslachtig werken met Magister, is volgens Ottevangers een nadeel. "Soms staan toetsen er wel in, maar het huiswerk niet, of staan de documenten op een andere plaats. Dan heb je echt een schema of een agenda nodig om overzicht te krijgen." Niet alleen brugklassers melden zich bij het huiswerkinstituut, ook bovenbouwleerlingen. "Zij kunnen hulp gebruiken in de vierde en vijfde, als ze projecten doen en zelfstandiger moeten werken."

Dat extra ondersteuning veel kan schelen, merkte Monica Hoppenbrouwers uit Utrecht. Haar dochter haalde in de tweede klas veel onvoldoendes. "Fatou was door de basisschool en de brugklas heen gevlógen. Alles ging vanzelf. Ik denk dat pubers vaak de kracht van de herhaling onderschatten. Ze denken snel: ik lees het even door en dan ken ik het wel." Aan het einde van de vierde klas kreeg haar dochter via school een activeringstraject aangeboden in de vorm van huiswerkbegeleiding en studiecoaching, bedoeld voor scholieren die onderpresteren.

Dat maakte een wereld van verschil. "Zij doen eigenlijk alles wat je als moeder zou willen doen", zegt Hoppenbrouwers. "Maar het werkt beter als mijn dochter die adviezen van iemand anders krijgt dan van mij." Als moeder probeert ze het midden te houden tussen steunen en loslaten. "Ik vind het goed als kinderen zelf leren plannen. Bovendien ben ik geen moeder die samen met haar kind uren gaat zitten huiswerk maken."

Veel ouders twijfelen over hun rol: doen ze nu te veel of te weinig? Vroeger kregen ze toch zelden hulp van hun ouders, laat staan huiswerkbegeleiding? Is het onderwijs zoveel moeilijker geworden? Een van de grote verschillen is dat hedendaagse scholieren veel meer afleiding hebben, zegt Eva Ottevangers. "Ze leiden drukke levens met sport en hobby's, en dan zijn er ook nog al die spelcomputers, games en sociale media op hun smartphone. Het vergt nogal wat om dat te negeren en in plaats daarvan iets te doen waar je weinig zin in hebt."

Waar meisjes doorgaans druk zijn met Facetime, Snapchat en Instagram, verliezen veel jongens zich in games als Fifa, Minecraft en videoblogs. Er is veel wilskracht voor nodig, weten psychologen, om de juiste keuze te maken bij aan de ene kant dertig piepende berichten op Snapchat en anderzijds die verschrikkelijke wiskundetoets - ook zonder boterzachte prefrontale cortex.

Daarnaast stellen ouders ook hogere eisen aan hun kinderen, is de indruk van Ottevangers. "Ze zijn mondiger en verwachten meer van hun kinderen. Ze zijn vaak hoger opgeleid en gaan ervan uit dat hun kinderen dat ook moeten kunnen."

Terugkijkend zou Marjolein Padmos veel relaxter zijn over de schoolprestaties van haar kinderen. "Je wilt als ouders graag dat je kinderen op hun achttiende leuk met hun diploma's zwaaien, maar van dat idee ben ik inmiddels teruggekomen." Haar kinderen hadden geen makkelijke schoolcarrières. Haar dochter stapte over van de havo naar de mavo, en deed toen ook nog een peperdure examen-training. "Waarom moeten kinderen al zo snel meedoen met het serieuze leven?" vraagt Padmos zich af. "Het is goed om ook kind te kunnen zijn, lekker te klooien. We worden zo oud tegenwoordig dat je nog alle tijd hebt om vervolgopleidingen te kiezen of te werken. Mijn jongste dochter wist pas op haar 24ste dat ze naar de filmacademie wilde. Prima toch?"

Wat niet wegneemt dat leren plannen ontzettend nodig blijft, aldus Padmos, wat je er ook mee doet. "Dat is voor alles in het leven handig. Leren plannen is net als fietsen, je verleert het niet meer."

Bijles, fijn voor wie het zich kan veroorloven

De Onderwijsinspectie maakt zich zorgen over de opmars van 'schaduwonderwijs', onderwijs-activiteiten, zoals bijles, buiten school om. Omdat vooral kinderen van hoger opgeleide ouders hieraan meedoen, is het aannemelijk dat het de onderwijsongelijkheid vergroot, signaleert het inspectierapport 'De staat van het onderwijs'.

Die ongelijkheid groeit toch al: bij gelijke intelligentie van leerlingen wordt het voor schoolkeuze en schoolloopbaan steeds bepalender welke opleiding hun ouders hebben gehad. De toename van het schaduwonderwijs wordt in de eerste plaats veroorzaakt door het gedrag van de ouders, aldus de inspectie. Hoger opgeleide ouders lijken zich steeds meer bewust van hun invloed op de schoolcarrière. Ze kiezen gerichter het onderwijs voor hun kinderen en investeren vaker in huiswerkklassen en toets- en examentrainingen.

In Amsterdam kost wekelijks drie middagen huiswerkbegeleiding gemiddeld 300 euro per maand. Instituut Westwijs richt zich bewust op lagere inkomensgroepen (219 euro per maand). Toch lukt het nog niet goed om die lagere inkomensgroepen te bereiken. "Zij vinden het soms toch nog te duur."

'Ik zat op het randje van blijven zitten'

FATOU HOPPENBROUWERS (15), UTRECHT

"De eerste klas vwo ging prima, maar in de tweede liep ik een beetje vast. Ik heb op de basisschool nooit mijn best hoeven doen. Dat heeft misschien in mijn nadeel gewerkt. Ik wist wel dat ik te weinig deed, maar ik kon me er niet toe zetten. Toen ben ik naar 3 havo gegaan. Net als mijn vriendin zat ik ook afgelopen schooljaar op het randje van blijven zitten. Het laatste blok kregen we samen een traject aangeboden via school, speciaal voor kinderen van bovenbouwklassen die onderpresteren.

Het was een traject van drie maanden waarbij we driemaal per week drie uur met leerlingen van andere Utrechtse scholen begeleiding kregen. Ze hielpen ons met het maken van een realistische en concrete planning, en daarna werkten we aan onze taken. Het fijne was niet zozeer het maken van een planning - dat kan ik best, al had ik het uit mezelf niet gedaan - maar vooral dat ik moeite heb om met huiswerk te beginnen en om aan één stuk door geconcentreerd te werken. Nu moest ik wel.

Ik gebruik geen agenda, want alles staat in Magister. Dat is niet perse handig, want je moet eerst op het vak klikken om te zien wat je moet doen. Scholen zouden ook in bovenbouw aandacht moeten besteden aan studievaardigheden. Ik heb nu geleerd hoe ik moet plannen, hoe ik begin met leren - zoals een wekker zetten, zodat je binnen 20 minuten na thuiskomst aan de slag gaat - en hoe ik een samenvatting maak. Ik vind het best vervelend als mijn moeder iets zegt over huiswerk. Het liefst doe ik alles zelf, tot ik het snap. Ik leg mijn telefoon altijd weg. Héél soms kijk ik even, maar als ik geconcentreerd bezig ben, kan ik me goed voor alle berichten afsluiten."

'Ik had niet door wat ik verkeerd deed'

FELIX HOOGENDIJK (14), AMSTERDAM

"Op onze school is het gebruik van een agenda verplicht. Sommige docenten zetten het huiswerk wél in Magister, anderen niet. Dat is irritant, want daardoor moet je steeds op twee plekken kijken. Ik zou het liefst alles in Magister hebben. Gelukkig is er altijd wel iemand in mijn Whatsapp-groep die weet wat we moeten doen.

Het eerste jaar van het gym vond ik niet moeilijk. Ik plande niet zoveel, deed alles pas een dag van tevoren, ook de toetsen. Maar in de tweede klas kregen we ineens veel meer huiswerk en gingen we dieper op de stof in. Ik had niet door wat ik verkeerd deed: dan leerde ik de avond ervoor vier uur achter elkaar aan een wiskundetoets en haalde ik nog een onvoldoende. Vaak ging ik na school ook uren gamen. Over een uurtje ga ik echt stoppen, dacht ik dan, en daarna: o, het is nog maar vijf uur, het kan nog wel even. Mijn ouders zeiden steeds dat ik het anders moest aanpakken, maar ik dacht dat het wel ging. Aan het eind van het jaar had ik niet zulke goede cijfers.

Toen ben ik drie keer per week begonnen met huiswerkbege-leiding. Ik heb vooral geleerd om het werk te spreiden: als ik vandaag veel doe, hoef ik morgen minder te doen. Ook als ik geen huiswerkbegeleiding heb en ik thuis ben, doe ik het zo. Ik kan niet voor alle pubers praten, maar zelf vind ik plannen wel moeilijk. Ook omdat ik vroeger nooit zo werd uitgedaagd. Maar een beetje begeleiding scheelt enorm. Aan het eind van afgelopen schooljaar ging het heel goed: ik haalde alleen maar zevens en hoger. Ik weet nu hoe het moet."

'Ik ben van school gewisseld'

FLEUR GEERDSEMA (13), UTRECHT

"Toen ik vorig jaar begon aan mijn havo/vwo-brugklas - op de basisschool kreeg ik een havo-advies - had ik er veel zin in. Maar al snel bleek dat het plannen moeilijk was. Ik haalde alleen maar onvoldoendes. Het vele huiswerk in combinatie met de toetsen werd me te veel. Op dinsdag zeiden leraren bijvoorbeeld: morgen moet je dit en dat af hebben. Ik turn vier keer per week en soms lukte het me gewoon niet om mijn huiswerk voor die tijd af te hebben. Ik kwam soms huilend thuis. Verschrikkelijk vond ik het. Ik wil echt mijn best doen en als het dan niet lukt, is dat stom.

Toen heeft mijn moeder geregeld dat ik naar een andere school kon. Daar krijg je elke vrijdag een weektaak. Als het dan niet meteen de volgende dag lukt, heb je andere momenten. Dat gaat veel beter en ik haal nu ook goede cijfers. Mijn moeder is projectleider van de zomerschool in Utrecht, waar basisscholieren extra taallessen krijgen en achtstegroepers zich kunnen voorbereiden op de middelbare school. Dat scheelt, mijn ouders zijn heel betrokken en ze helpen me altijd wel. Ze weten de goede toon te vinden en als ik iets niet snap, vraag ik het altijd.

Ik maak nu elke twee weken op een A4 of A3 een leerplanning waarop per dag staat wat ik ga leren. Daarbij heeft mijn mentor goed geholpen. Ik heb bijvoorbeeld moeite met begrijpend lezen, dus dan weet ik dat ik daar meer tijd voor moet reserveren. Als je er iets aan gedaan hebt, kruis je dat aan, zodat je ziet wat je nog aan werk over hebt. Ik denk dat pubers best kunnen plannen, als ze maar willen."

5 tips

1. Maak planningen die zowel concreet als realistisch zijn.

2. Stel prioriteiten: wat zijn de moeilijke vakken die extra aandacht nodig hebben? Die vakken in stukjes knippen en regelmatig herhalen.

3. Bekijk oude planningen en kijk wat er eventueel misging. Stel bij als iets meer tijd blijkt te kosten dan gedacht.

4. Plan vrije tijd in en beloon jezelf tussendoor.

5. Visualiseer de schoolweek in een schema of agenda (bijvoorbeeld een educatieve agenda, www.citruspers.net).

BRON: HUISWERKINSTITUUT WESTWIJS

Reageren

Kent u of bent u een puber met planningsproblemen? Of heeft u de gouden tip waarmee het huiswerkinstituut overbodig wordt? Mail het ons in 120 woorden, onder vermelding van uw woonplaats, via tijdpost@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden