Pubers gaan niet met zo'n doosje voor de kassa staan

Op eerste liefde volgt vaak eerste keer seks. Hoe en wanneer brengen ouders het condoom ter sprake?

Een jongen is niet zo'n beetje verliefd, hij is verschrikkelijk verliefd. Hij loopt niet, hij zweeft. Hij slaapt niet, hij pingt. Hij straalt, zingt, eet amper, checkt elke minuut zijn blackberry, verknalt zijn proefwerken op school, staart wazig voor zich uit. De jongen is zestien, zijn hart is voor het eerst geraakt. Door een meisje dat hem ook aanbidt. Wat is het leven mooi.

Zijn ouders hebben een vooruitziende blik: van verliefdheid komt vaak seks. In de tussentijd moeten zij aan de bak: ze moeten hun zoon doordringen van de noodzaak van condooms.

Daar zijn jongeren slordig mee, bleek onlangs uit de 'Thermometer seksuele gezondheid' van onderzoeksinstituut RIVM. Van alle jongeren die zich op geslachtsziekten lieten onderzoeken, bleek 14 procent er één te hebben. Chlamydia bijvoorbeeld, de aandoening die tot onvruchtbaarheid kan leiden.

Maar hoe breng je dat onderwerp, als ouders van een puber? "Schat, je gebruikt toch wel een condoom hè, als jullie er straks aan toe zijn", probeert deze moeder tijdens de afwas. Haar zoon reageert als gebeten: "Ma, alsjeblieft zeg, hou óp."

Tsja, wat nu? Een soa-foldertje op zijn kussen leggen? Erop vertrouwen dat hij vlak voor de Eerste Keer zelf naar de drogist stapt?

Slecht plan, vindt Marina van der Wal, die samen met Jan Dijkgraaf 'Het enige echte eerlijke puberopvoedboek' schreef. Pubers gaan niet voor de kassa staan met zo'n betekenisvol doosje in hun hand. "Dat vinden ze eng, ze schamen zich dood." Ik ben het centrum van het heelal, dat weet een zestienjarige zeker. In die winkel kijkt dus iederéén naar hem.

Pubers en condooms zijn ook om een andere reden lastig te combineren. Het rubbertje is nu een beetje vervelend, maar beschermt tegen misère op de lange termijn. In de vorige zin staan twee begrippen waarmee pubers niks kunnen, zegt Van der Wal: 'vervelend' en 'lange termijn'. "Ze gaan voor de kick, voor de vlinders. En ze hebben een toekomstvisie die reikt tot de volgende pauze. Dan denk je niet aan de gevolgen van een chlamydia-infectie."

Dus is er volgens Van der Wal maar één optie: ouders moeten zich verantwoordelijk voelen voor de condoomaanvoer. Toen zij zelf een keer de badkamer binnenliep, en constateerde dat haar zonen echte mannen waren geworden, toog zij meteen naar de winkel. "Zonder overleg. 'Hier staat de pot', zei ik vervolgens. 'Wij vullen 'm als 'ie leeg is'."

Maar is zo'n aanpak niet te voortvarend voor de broze puber? Stel nou dat het verliefde setje zielstevreden is met kusjes en knuffels? Dat de Eerste Keer nog niet eens een fantasie is? Is dat gezeur over condooms van ouders dan niet gênant?

Ja, zegt Van der Wal, dan wel. Zegt de jongen drie keer 'Ma, hou óp', met het schaamrood op zijn kaken? Dan moet het condoomgesprek nog even wachten.

Reageren? Zelf een opvoedvraag insturen? Mail iris.pronk@trouw.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden