'Psychologie bedrijven interesseert me niet'

ROTTERDAM - In Frankrijk staat ze bekend als 'die vrouw die met zwarte acteurs werkt'. Dat doet ze inderdaad: kolonialisme en de multiculturele samenleving zijn bij haar vanzelfsprekende thema's. Er is echter meer aan de hand. Claire Denis maakt mooie films over het andere Frankrijk.

Elke vorm van truttigheid, zo vaak en niet altijd ten onrechte geassocieerd met de recente Franse cinema, ontbreekt in het werk van Denis. Het is de onderkant van de samenleving die haar interesseert en door haar zonder enig vals sentiment in beeld wordt gebracht. 'J'ai pas sommeil' is de derde film van Denis die in Nederland wordt uitgebracht. Eerder waren hier het debuut 'Chocolat' (1988) en 'S'en fout la mort' (1990) te zien. 'U.S. Go home', de door Denis geregisseerde aflevering uit de serie 'Tous les garçons et les filles de leurs âge' zal te zien zijn als de VPRO de hele serie gaat uitzenden.

Denis debuteerde op latere leeftijd, na regie-assistentschappen bij Jacques Rivette, Wim Wenders en Jim Jarmusch. Gevraagd naar haar positie binnen de Franse cinema ontkent ze dat ze zoiets heeft. Qua elan en thematiek past ze bij de jongeren, qua leeftijd bij een vorige generatie. Hooguit hanteren de tijdschriften dat onzinnige etiket van hierboven en verbinden dat met suggesties over haar seksuele voorkeur. Iemand die zwarte acteurs gebruikt moet wel gek zijn op zwarte mannen, zo is de redenering. Nog steeds is een zwarte acteur meer zwart dan acteur.

'J'ai pas sommeil' is een politiek incorrecte film. Centraal in het groepsportret van Parijse personages staat Camille, een seriemoordenaar. Hij is zwart, homoseksueel, travestiet, drugsgebruiker en heeft aids. Voor sommigen is deze collectie eigenschappen reden om Denis van stigmatisering te beschuldigen. Denis draait de redenering om: wie ontkent dat een zwarte homo een moordenaar zou kunnen zijn, vindt hem kennelijk zo anders, dat hij tegen negatieve beeldvorming in bescherming moet worden genomen.

Naar aanleiding van de authentieke zaak Paulin-Mathurin - twee mannen werden in 1987 veroordeeld wegens de moord op ten minste twintig oude vrouwen - schreef Denis met Jean-Pol Fargeau een scenario in de vorm van een gezelschapsspel. Denis: “Net als bij ganzenborden cirkelt de film langzaam richting centrum. Ook letterlijk, want we beginnen op de périphérique van Parijs. Het lot bepaalt waar je onderweg zult stoppen. Het is als met gokken, we hadden bij het schrijven geen enkele zekerheid.”

Waarom richt de film zich vooral op de omgeving van de moordenaars en niet op de twee mannen zelf?

“Voor mij was dat de reden om de film te maken. Het beschrijven van de moordenaars vind ik volstrekt oninteressant, dat zou de zoveelste film over seriemoordenaars worden. Anderen mogen het doen, maar voor mij werkt dat niet, het heeft niets te maken met wat ik voelde toen ik de kranteberichten las. Ik wilde weten hoe het zou zijn als de moordenaar mijn broer was, of mijn zoon. Mensen die hem kenden of van hem hielden.”

De film geeft geen enkele verklaring voor de moorden. Waarom niet?

“Ik heb de twee psychiaters ontmoet die de daders hebben onderzocht om te kijken in hoeverre ze verantwoordelijk konden worden gesteld. Zij kwamen er niet uit, waren het niet met elkaar eens. Het ging niet om lust, de slachtoffers werden niet misbruikt. De enige seksualiteit speelde tussen de twee mannen onderling. Geld is ook onzin, de buit was steeds gering. Zelfdestructie vanwege de aids-besmetting klopt ook niet, want dat wist Paulin pas later. Steeds als ik een motief ontwaarde, was er onenigheid over. Er is geen verklaring.”

Als u een verklaring had gevonden, had u die dan gebruikt in de film?

“Waarschijnlijk niet. Ik wilde het vooral zelf weten, voor mijn eigen onderzoek. De psychologische benadering van personages interesseert me niet echt, in geen van mijn films. Uit principe ben ik meer geïnteresseerd in, om het ouderwets te zeggen, behaviour dan in psychologie. Ik ben niet het soort intellectueel dat nog steeds met Skinner dweept, maar ik vermijd het verklaren van personages. Film verarmt als je de psychologie van je personages probeert te achterhalen. Het gaat om de relatie tussen de kijker en het personage. Die moet een gevoel overbrengen: herkenning, sympathie. Ik geloof meer in een intuïtieve dan in een rationele relatie.”

Het gevolg is dat elk moreel oordeel in uw film ontbreekt.

“Dat is een essentiële eigenschap van de film. Niet alleen als filmmaker, maar ook als mens wil ik op geen enkele manier een moreel oordeel vellen over anderen. Ik kan iemands opinie bestrijden, maar ik zal daarbij nooit het woord moraal gebruiken. Moraal is een vreemd woord. Je moet moreel zijn om een film te maken, om te kiezen hoe je een moord filmt. In de andere betekenis is moraal een woord dat de samenleving gebruikt om een aanvaarde levenswijze af te bakenen. Ethiek is iets dat iedereen voor zichzelf creëert, moraal is iets dat de samenleving voor een groep mensen creëert. Ethiek is absoluut, moraal is veranderlijk.”

Wat te doen met mensen die uw film veroordelen omdat u de moordenaars niet veroordeelt?

“Misschien hebben ze gelijk en zit ik fout. Ik heb de film gemaakt overeenkomstig met wat ik juist achtte. Die beslissingen zitten in de film en ik denk nog steeds dat het klopt. Maar ik ben een zeer tolerant mens, ik kan me voorstellen dat mensen om die reden niet van de film houden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden