Psychogram van een meeloper

Klassieker Franz Werfel laat latent antisemitisme vooroorlogs Oostenrijk zien

Misschien was Franz Werfel (1890-1945) niet de grootste Duitstalige schrijver van zijn tijd, maar wel een van de succesvolste en gefortuneerdste. Met zijn opera-roman 'Verdi', het nog steeds actuele 'De veertig dagen van Musa Dagh', over de Turkse genocide op christelijke Armeniërs, en vooral zijn Lourdes-epos 'Het lied van Bernadette' bereikte hij tot in Amerika toe een miljoenenpubliek. De foto's van de kolossale villa's die Werfel samen met zijn vrouw Alma Mahler-Werfel in Oostenrijk en Amerika bezat, maken niet alleen slecht betaalde boekbesprekers jaloers.


De nu vertaalde korte roman 'Het bleekblauwe handschrift van een vrouw' (1941) toont aan waarom de lezers hem op handen droegen. Centraal staat de hoge Weense ministeriële ambtenaar Leonidas, die door zijn vlijt en knappe uiterlijk carrière heeft gemaakt en getrouwd is met de eveneens mooie Amelie, een van de rijkste vrouwen van Wenen. Het kinderloze paar leidt een tevreden bestaan, tot Leonidas op zijn vijftigste verjaardag een brief ontvangt van een in Duitsland woonachtige en bijna vergeten joodse jeugdvriendin, Vera Wormser. Met haar heeft hij 18 jaar geleden een korte hartstochtelijke verhouding gehad, 'de enige echte liefdesroes in zijn leven'.


Op discrete manier vraagt Vera hem om protectie voor een 17-jarige jongen, die wegens de nieuwe rassenwetten in Duitsland niet meer welkom is op school - ogenschijnlijk de zoon van de geadresseerde. Leonidas verheimelijkt de brief voor zijn vrouw en raakt in een ernstige crisis. Enerzijds ontwikkelt hij hevige schuldgevoelens, anderzijds schaamt hij zich voor zijn 'kersverse zoon, grotendeels een Israëlische knaap' en beseft hij dat het ook in Wenen anno 1936 (twee jaar voor Hitlers annexatie) niet gemakkelijk is voor een Joodse jongeling, nog afgezien van het feit dat Leonidas' carrière in gevaar dreigt te komen.


Werfels korte, succesvol verfilmde roman herinnert met zijn dramatische stof en hartstochtelijke vertelwijze aan populaire auteurs als de Hongaar Sándor Márai of aan Werfels landgenoot Stefan Zweig. Handig voert hij de spanning op en vooral in het tweede deel raken de ontwikkelingen in een stroomversnelling en worden ze bijna onnavolgbaar.


Allereerst leidt Leonidas schuldgevoel tot uitvoerig en welhaast wellustig beschreven zelfbestraffingsfantasieën (er is zelfs sprake van een bijna kafkaësk tribunaal). Om zijn geweten te sussen wil hij zijn vrouw alles opbiechten, maar op het moment suprême blijkt juist de zachtmoedige Amelie gekweld door schuldgevoelens omdat zij haar echtgenoot heeft verdacht van een 'dubbelleven'. Hierna volgen nog diverse andere verrassende wendingen, waarvan we er slechts één willen verklappen. Tijdens een dramatische ontmoeting tussen Leonidas en Vera Wormser in een Weens hotel blijkt dat het in de brief niet om hun beider zoon ging, maar om het kind van een van Vera's vriendinnen.


De lezer die enige pathetiek en sentimentaliteit niet schuwt zal zeker plezier beleven aan deze gevarieerde avonturenroman. Werfel vertelt nu eens in de ik-vorm of met innerlijke monologen, dan weer in de derde persoon, flashbacks berichten over het verleden. De hoofdpersoon beeldt hij zeker niet on-kritisch af, en terloops laat deze roman veel zien over het latente antisemitisme in Oostenrijk voor WOII - hierin is Werfel verwant aan eerder vertaalde schrijvers als Arthur Schnitzler of Heimito von Doderer. Je zou Werfels portret van Leonidas met goed recht het psychogram van een meeloper of van een opportunist kunnen noemen.


Aanvankelijk laat Leonidas zich nogal denigrerend uit over de Joden, die hij 'een gebrek aan tact' en andere onhebbelijkheden toedicht. Later, nadat hij door schuld wordt gekweld, houdt hij tijdens een kabinetszitting een vurig pleidooi voor een Joodse arts als kandidaat voor een hoge post, nota bene een kandidaat die hij eerder op grond van zijn ras heeft afgewezen. En nog weer later, nadat hij van Vera zijn 'onschuld' heeft vernomen, laat hij deze wetenschapper weer pardoes vallen. De slotscène speelt zich af in de Weense opera, waar Leonidas, half slapend, met zijn geweten in het reine tracht te komen.


Marc Rummens heeft 'Het bleekblauwe handschrift van een vrouw' elegant vertaald, het boek is smaakvol uitgegeven. Kortom, een aanrader.


Franz Werfel: Het bleekblauwe handschrift van een vrouw Vert. Marc Rummens. Vrijdag; 140 blz. euro 19,90

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden