Pruis neemt zichzelf de maat

Essayiste spaart zichzelf niet in haar zoektocht naar het nut van schaamte

Hoe kun je over jezelf schrijven zonder narcistisch te worden? Wat is het nut van schaamte? En waarom willen vrouwen altijd de ideale gastvrouw zijn?


In haar nieuwe essaybundel 'Genoeg nu over mij. Confessies van een ervaren schamer' verkent schrijver en literair criticus Marja Pruis (1959) thema's als ijdelheid, zelfhaat, schaamte en humor. Zonder zichzelf te sparen gaat ze op zoek naar de diepere betekenis van schijnbare banaliteiten: ons eigen spiegelbeeld, het belang van mooie kleding, waarom publiek sterven zo populair is. Ze zoekt het ongemak haast op.


Dat gaat volgens een beproefd recept: Pruis wisselt complexe analyses af met - vaak hilarische, soms wat overbodige - persoonlijke anekdotes. Beperkte ze zich in haar vorige essaybundel 'Kus me, straf me' (in 2013 bekroond met de Jan Hanlo Essayprijs) voornamelijk tot de literatuur, in 'Genoeg nu over mij' verbreedt ze de blik.


Moeiteloos verbindt ze een roman van Graham Swift met het tv-programma 'Sterren op het doek', het werk van Simone de Beauvoir met de statements van Beyoncé. Op een bezoekje aan de kapper volgt een verhandeling over de betekenis van begeerte in A.F.Th. van der Heijdens roman 'Advocaat van de hanen' - wat mij betreft een van de hoogtepunten uit de bundel.


De liefde van Ernst Quispel voor zijn Zwanet in AFTh's 'Advocaat van de hanen' verklaart Pruis aan de hand van het verschijnsel 'mimetische begeerte', geïntroduceerd door René Girard. Deze Franse filosoof en antropoloog ging ervan uit dat het niet mogelijk is lief te hebben op eigen kracht, zonder bemiddeling van een ander. Denken we dat een ander op een derde valt, dan bootsen we die begeerte na.


Pas als Ernst ziet dat zijn Zwanet een ander is gaan beminnen, ontvlamt zijn eigen liefde. "Iets moet je op het idee brengen. Je de ogen openen", schrijft Pruis. Kapers op de kust, kortom, behoeden ons voor algehele onverschilligheid jegens de ander.


Ruime aandacht heeft Pruis (zoals altijd) voor de vrouwenzaak. "Mijn feminisme stamt nog uit de tijd dat tentoongestelde vrouwelijke schoonheid wantrouwend stemde, zwart en wit ongenoemd bleven, iedereen in ondefinieerbare lappen gehuld ging." Hoe anders is dat nu. Aan de hand van het werk van onder anderen de Nigeriaans-Amerikaanse Chimamanda Ngozi Adichie beschrijft Pruis haar ambivalente gevoelens bij het hedendaagse 'powerfeminisme': het viert de vrouwelijkheid, maar zet ons tegelijkertijd gevangen in een 'korset van feminiteit'. Vrouwen moeten "op en top vrouwelijk zijn en toch niet leeghoofdig. Spitsvondig en adrem zijn, zonder dat je een castrerende bitch bent." Wat ze er precies mee aan moet, Pruis lijkt er nog niet helemaal uit.


De ondertitel van de bundel is ontleend aan een bijzonder gesprek dat de auteur ooit voerde met psychoanalyticus Louis Tas. Van hem leerde Pruis dat schaamte de emotionele reactie is op de angst voor afwijzing. Een gebrek aan empathie met jezelf. Wie zijn schaamte niet weet te overwinnen, gaat ten onder aan zelfhaat of wraaklust - de enige manier om de gêne te bezweren.


Toch is een zekere mate van schaamte wenselijk in het leven, verzekert hij de aarzelende interviewster. Alleen 'echte fouteriken' voelen volgens Tas geen enkele schaamte; ze gaan op geen enkele manier bij zichzelf te rade, zoeken het altijd bij de ander. En ontslaan zichzelf daarmee van de verantwoordelijkheid voor hun eigen daden. "Het onderkennen van schaamte laat mensen voelen dat ze mensen zijn."


Schrijven, stelt Pruis, is op zichzelf een beschamende bezigheid. En schrijven met het oog op publicatie al helemaal. Het begint altijd als iets stiekems, citeert ze filosoof Cornelis Verhoeven in 'De mythe van het schrijverschap': "Wat je kunt zeggen hoef je niet op te schrijven. En wat je schrijft is van die aard dat je het niet kunt zeggen." Haar eerste schrijfsels bewaarde Pruis tussen het ondergoed in haar kast. Niet toevallig begon ze pas met publiceren na het overlijden van haar vader; ze had zich doodgeschaamd als hij iets van haar had gelezen.


Tijdens het schrijfproces kan schaamte leiden tot stilstand of volgzaamheid; het bekende writer's block. Alles om een afwijzing te vermijden. Maar voor Pruis bleek het geschreven woord juist een uitkomst. "Papier is geduldig, papier is veilig. Op papier kun je alles zeggen zonder dat iemand je gek aankijkt. Dat het geschreven woord ook een ontvanger heeft, kan lang een abstractie blijven." Zo wordt schrijven voor Pruis een gezegende staat; "achter een schrijvend ik is het goed schuilen."


Elders in het boek legt zij uit dat het schrijvende ik dat we kennen uit haar columns en essays eigenlijk Marja Pruis niet meer is. "Ik openbaar mezelf niet, ik doe niet aan hartenkreten, ik geef niet eens mijn mening, ik ben alleen maar bezig met het rangschikken van materiaal." Door dat 'evaluerende' ik in te zetten, komt Pruis tot haar standpunten, is ze in staat oordelen te vellen, streng te zijn - essays te schrijven.


Dat kan niet zomaar iedereen. In essays is het gebruik van 'ik' misschien nog wel leugenachtiger dan in fictie, meent Pruis. De schrijver suggereert dat zijn schrijvende en zijn echte ik samenvallen. Bovendien loopt hij voortdurend het gevaar te vervallen tot exhibitionisme, tot het 'naakte narcisme' van de vele 'stukjesschrijvers' tegen wie Pruis fel van leer trekt: amateurs zijn het, die alleen over en voor zichzelf schrijven, hengelend naar likes en waardering. "De memoir, het essay, de column, ze gaan aan eigenpijperij ten onder", parafraseert ze de Amerikaanse essayiste Leslie Jamison. Over jezelf schrijven moet je verdienen.


Dat klinkt heel streng, maar Pruis heeft wel een punt. Met deze tirade tegen de banaliteit - en vóór de schaamte, in zekere zin - brengt zij een ode aan 'haar' genre, het literaire essay (dat toch al niet zo lekker in de markt ligt). "De kunst van het essay is uiteindelijk de balans zien te bewaren tussen het ik en het verhaal, de scalpel zijn werk laten doen." Met 'Genoeg nu over mij' laat Marja Pruis zien dat zij die kunst verstaat.


Marja Pruis: Genoeg nu over mij. Confessies van een ervaren schamer


Nijgh & Van Ditmar; 288 blz. euro 21,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden