Protest soennieten Irak laait op

Demonstraties tegen sjiitische overheersing 'Kloof tussen groepen groeit'

Soennieten in Irak hebben voor vandaag opnieuw een dag van massale protesten aangekondigd. Honderdduizenden demonstreren al twee weken tegen de overwegend sjiitische regering in Bagdad, die hen zou marginaliseren door te weigeren de macht te delen en soennieten gelijke rechten te geven. Betogers hebben belangrijke wegen afgesloten - zoals die tussen de Jordaanse grens en Bagdad. Premier Noeri al-Maliki heeft met geweld gedreigd als de demonstraties niet ophouden.

De protesten begonnen na de aanhouding in december van tien bewakers van de Iraakse minister van financiën, de soenniet Rafia al-Essawi, die zelf inmiddels is ondergedoken. Ze worden beschuldigd van terrorisme. Een jaar geleden werden om dezelfde reden bewakers van vicepresident Hasjemi opgepakt. Die soennitische voorman vluchtte naar Iraaks Koerdistan en daarna naar Turkije, en is inmiddels bij verstek ter dood veroordeeld.

Veel Irakezen nemen dergelijke beschuldigingen van terrorisme - altijd indirect, via een onbekende tipgever en op grond van het anti-terreurartikel in de grondwet - niet meer serieus. Duizenden soennieten zijn op grond van dit 'soennitische artikel', zoals het smalend wordt genoemd, opgepakt en zitten zonder proces vast. De betogers eisen hun vrijlating. Maliki heeft als vredesgebaar de vrijlating van zevenhonderd vrouwelijke gevangenen aangekondigd, maar dat lijkt de brand niet te kunnen blussen.

Slogans uit de Arabische Lente hebben inmiddels hun intrede gedaan. Betogers roepen om het vertrek van de regering. Volgens Khidher Domle, onafhankelijk journalist en politiek analist in de Koerdische stad Duhok, spelen politieke groepen in op de gevoelens van de soennieten. "Maliki wordt te sterk. De groepen grijpen alles aan om een einde te maken aan de sjiitische controle in Irak."

Volgens hem spelen daarbij opvolgers van de verboden Baathpartij een rol. In betogingen zijn portretten van Saddam Hoessein en de oude Iraakse vlag waargenomen, net als die van het Vrije Syrische Leger (de soennitische rebellen in het buurland) en de aan Al-Kaida gelieerde Islamitische Staat van Irak. "Soennieten voelen dat niemand anders voor hun rechten opkomt", verklaart Domle die aanwezigheid. Het wantrouwen tegen politici is zo groot dat de (soennitische) vicepremier Al-Moetlak bij een betoging in Ramadi werd bekogeld met flessen en stenen.

Iraakse soennieten voelen zich gesterkt door de gebeurtenissen in Syrië, waar de soennitische opstandelingen aan macht winnen. Dat verklaart deels Maliki's acties, zegt Domle. De premier is bang dat de soennieten in Irak hun macht ook uitbreiden. "Essawi werd gezien als een van hun toekomstige leiders."

Domle stelt dat de kloof tussen sjiieten en soennieten in Irak steeds groter wordt. De Iraakse premier noemde deze week in een donderspeech de aanwezigheid van de vlag van het Syrische verzet in de protesten als voorbeeld van de 'sektarische dimensies' daarvan. "Als Maliki geen goed antwoord heeft of geweld gebruikt, is de kans groot dat dit het begin is van een afsplitsing van de soennitische provincies van Bagdad en het zuiden", voorspelt Domle.

De Koerdische regio - autonoom binnen de federatie Irak - is het model waarmee soennitische ideologen werken. Ze weten de Koerden aan hun zijde in hun protest tegen Maliki. De spanningen tussen de Koerden en Maliki zijn de afgelopen weken hoog opgelopen nadat de laatste Iraakse troepen stuurde naar de zogenoemde omstreden gebieden, die beiden opeisen.

Een half jaar geleden mislukte een opzet om Maliki via een motie van wantrouwen te wippen, omdat president Talabani (een Koerd) weigerde mee te werken. Omdat de president na een beroerte voorlopig is uitgespeeld, lijkt zo'n actie nu meer kans te hebben. "In de zomer hadden de Koerden hun steun al toegezegd aan een soennitische delegatie", zegt Khidher Domle. "Iedereen wil van Maliki af. Nu lijkt de beste tijd om daaraan te werken."

Soennieten en sjiieten
Soennieten vormen een minderheid (35-40 procent) in Irak, maar hadden tot de Amerikaanse invasie in 2003 de macht in handen. Onder Saddam Hoessein werd de sjiitische meerderheid gemarginaliseerd. De Amerikanen hielpen in 2006 de sjiiet Noeri al-Maliki aan de macht, die ook na de verkiezingen van 2010 een regering wist te vormen.

Sinds 2003 worden voormalige Baathleden (de partij van Saddam) geweerd uit de hogere banen, al is die regel door gebrek aan kundige bestuurders, onderwijzers en militairen verzacht. Bestuur en leger bestaan echter grotendeels uit sjiieten. Wie werd geweerd, verloor ook zijn pensioen, een maatregel die veel soennieten op diverse niveaus heeft geraakt en nog steeds veel onvrede veroorzaakt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden