Promotiecampagne van vijf miljoen jammerlijk mislukt

ENSCHEDE - Om maar gelijk een misverstand uit de weg te ruimen: Twente is nog steeds een industriële regio en wil dat nadrukkelijk ook uitstralen. Daarbij past geen kneuterig imago van een landelijk gebied met veel groen en fietsroutes. Nee, in Twente wordt eerst en vooral gewerkt. Ontspanning, dat komt later wel.

Het lijkt een beetje een open deur die Ton Beune, hoofd ontwikkeling van de Ontwikkelings- en investeringsmaatschappij voor Overijssel (OOM) intrapt. Maar de aanleiding voor zijn betoog is verontrustend genoeg om Twente nog eens duidelijk neer te zetten. In een paar maanden tijd heeft een aantal gerenommeerde bedrijven besloten om Twente te verlaten. Bovendien blijkt dat de streek, althans qua beeldvorming, ronduit slecht scoort bij elders gevestigde bedrijven die op zoek zijn naar een andere locatie.

“Je kunt er als regio wel van overtuigd zijn dat je veel te bieden hebt, maar als die boodschap niet overkomt, schiet je daar weinig mee op. Ik denk dat Twente meer moet laten zien van de eigen kracht en daar ook geloof in moet hebben.”

Beune is programmacoördinator van het project Versterking industriepotentieel Twente (VIT). Dat is begin vorig jaar opgezet als 'aanjager' om de samenwerking tussen bedrijfsleven, overheid, arbeidsvoorziening, kennisinstituten en onderwijsinstellingen te verbeteren. “In Twente werd voor de industrie wel veel beleid gemaakt, maar het ontbrak aan coördinatie en overzicht. Iedere partij was toch wel op een eilandje bezig. Dat proberen we met VIT te doorbreken. Noem het maar een communicatieprogramma.”

Voor sommige bedrijven komt het project te laat. Enschede en omgeving zijn pijnlijk getroffen door de verhuizing van het hoofdkantoor van Arke Reizen naar Rijswijk, van streekvervoerder Oostnet naar Arnhem, zorgverzekeraar Oostnederland/RZR naar Wageningen, en mogelijk ook van bouwbedrijf Kondor Wessels (dat fuseert met Volker Stevin) naar Rotterdam.

De trek naar het westen bracht voorzitter Van Leersum van de Kamer van koophandel voor Twente en Salland tot de verzuchting dat “Twente één groot filiaalbedrijf dreigt te worden”. Beune zwakt die uitlating liever wat af. “Het is inderdaad jammer dat zulke bedrijven wegtrekken, maar laten we er ook niet te treurig over doen: het zijn relatief kleine hoofdkantoren, die natuurlijk wel een flinke spin off en uitstraling hadden. Daar staat tegenover dat Twentse bedrijven als Johma en Profood bezig zijn met vernieuwing en uitbreiding. En er komen ook nieuwe bedrijven bij. Ericsson vestigt hier het onderzoekscentrum voor mobiele telefonie, met 350 arbeidsplaatsen.”

Volgens cijfers van de kamer van koophandel zijn vorig jaar 198 bedrijven uit Twente vertrokken, en hebben zich er 176 nieuw gevestigd. Per saldo is de regio in de plus geëindigd: tegenover ruim 1800 verdwenen bedrijven staan ruim 2800 nieuwe bedrijven.

Het resultaat, of beter gezegd: het ontbreken van resultaat van de Twente-promotie steekt schril af bij deze cijfers. Een promotiecampagne van vijf miljoen gulden uit Europese fondsen om sleutelfiguren uit het bedrijfsleven op de voordelen van Twente te wijzen, is jammerlijk mislukt. Noemde in het voorjaar van 1994 nog 5 procent van de ondervraagde ondernemers Twente als een aantrekkelijke vestigingsregio, vorig jaar bleek dat gedaald naar 2,7 procent.

Werknemers zouden niet bereid zijn naar Twente te verhuizen, belangrijke toeleveranciers en afnemers zitten te ver uit de buurt en de regio zou het bedrijfsleven te weinig voorzieningen bieden, bijvoorbeeld op het gebied van (beroeps)onderwijs. Maar liefst 53 procent van de ondernemers was niet in staat om een bedrijf te noemen dat in Twente is gevestigd.

Beune: “Wat ons ontbreekt, is een duidelijk regionaal eindproduct, zoals Philips en Daf in Eindhoven. In de sfeer van toelevering komen er wel heel veel kwaliteitsproducten uit Twente, die anderen in staat stellen om een hoog niveau te handhaven. Het zou goed zijn om een campagne op te zetten die dat duidelijk maakt. Iets in de trant van 'Geen feest in Nederland zonder Twentse producten', waarbij je dan kunt wijzen op bedrijven als Grolsch, Johma en Bolletje.”.

Het op elkaar afstemmen van initiatieven begint langzaam maar zeker vruchten af te werpen. Bedrijven zijn met name geïnteresseerd in samenwerking en clustervorming, het bijeen brengen van bedrijven die in dezelfde productieketen opereren. Clustervorming geldt als een belangrijke voorwaarde voor een goede structuur van de industrie. In de textielindustrie, de voedings- en genotsmiddelenindustrie en in de medische technologie tekenen zich nieuwe samenwerkingsverbanden af. Een aardig voorbeeld is de Twentse Modulengroep waarin zestig metaalbedrijven samenwerken. Zij schrijven gezamenlijk in op projecten die voor afzonderlijke bedrijven te groot zouden zijn.

Het is zeker geen weelde dat Twentse bedrijven zich bewust worden van de noodzaak tot samenwerking. Uit het Regionaal technologieplan van de provincie Overijssel bleek begin dit jaar dat bedrijven veel te weinig gebruik maken van de royaal aanwezig technologische kennis, bijvoorbeeld van de Universiteit Twente.

Grote bedrijven hebben hun onderzoek- en ontwikkelingsafdelingen ingekrompen of de deur uit gedaan; kleine bedrijven operen op zichzelf en teren op soms tientallen jaren oude kennis. Beune: “Ondernemers hebben een zekere schroom om bijvoorbeeld naar de universiteit te stappen. Ze hebben het idee dat ze dan zijn overgeleverd aan Willie Wortels of verstrooide professoren. Daarom zijn de rollen hier omgedraaid, en komt de wetenschap naar het bedrijfsleven.” Een voorbeeld is het membraan-applicatiecentrum, dat ondernemers in het midden- en kleinbedrijf heel praktisch laat zien wat ze met behulp van membraan-technologie kunnen filteren en zuiveren.

Nog altijd werkt een kwart van de Twentse beroepsbevolking in de industrie. De werkloosheid in de regio ligt met ruim 8 procent beduidend hoger dan het landelijk gemiddelde, om maar te zwijgen over Enschede met 14 procent werkloosheid. De industrie is daar voor een niet gering deel debet aan. Het nagenoeg verdwijnen van de textielindustrie en daarvan afhankelijke bedrijven laat tot op de dag van vandaag zijn sporen na.

Het enige 'lichtpuntje' is dat ook de komende jaren flink wat geld vanuit de Europese fondsen richting Twente zal blijven stromen. De regio heeft onlangs nog 173 miljoen gulden subsidie toegekend gekregen voor het ontwikkelen van transport, distributie, industrie, toerisme en werkgelegenheid.

“Zeker in de bulkproductie blijven bedrijven op zoek naar de landen met de laagste loonkosten. Dat verlies aan werkgelegenheid is op zich niet te stuiten. Maar we kunnen wel proberen te voorkomen dat werkgelegenheid in de Twentse industrie onnodig verloren gaat, dat wil zeggen door gebrek aan kennis en inzicht en aan samenwerking.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden