Privacykwestie bij dopingcontroles verdeelt de topsport

Wielrenners moeten bij dopingcontroles na een wedstrijd onder strenge begeleiding hun urine inleveren. Beeld Hollandse Hoogte / Patrick Post

De privacy van sporters is bij dopingcontroles niet goed gewaarborgd, zegt een rapport. Allang bekend, vindt het hoofd Nederlandse Dopingautoriteit. Maar alternatieven ziet hij niet.

Voor schaatser Kai Verbij is het simpel. Hij wil een schone sport beoefenen, zonder doping. Dus vindt hij het prima als hem wat minder priva-cy wordt gegund ten behoeve van een strenge dopingcontrole. Geef de dopingautoriteit maar gegevens over waar hij wanneer en met wie is, zei hij drie weken geleden bij zijn teampresentatie. Als daardoor maar streng kan worden opgetreden tegen zondaars.

Dat alles openbaren, dat is een gedachte die niet altijd leidend is bij sporters, zo blijkt. Dinsdag kwam een rapport uit van de Tilburg University, die de privacygevoeligheid bij dopingcontroles onderzocht. Onderzoeker Bart van der Sloot: "Alle atleten willen een schone sport, maar ze zeggen wel bijna allemaal dat het antidopingsysteem heel ingrijpend is."

Van der Sloot deed op verzoek van de Europese Commissie onderzoek, vooral ook omdat in mei nieuwe Europese privacyregels ingaan. Aan de onderzoekers in Tilburg de vraag hoe en of dopingcontroles in alle lidstaten aan die wetgeving voldoen. Ook in Nederland.

Privacy, het is voor een sporter ingewikkeld. In allerlei opzichten. Een sporter die presteert, bijvoorbeeld Verbij, moet dagelijks aangeven waar hij of zij zich bevindt, met daarin een zogeheten 60-minute time slot, een uur waarin een atleet zeker beschikbaar is voor dopingcontrole. Dat uur wordt vaak opgegeven in de vroege ochtenduren, als de atleet in kwestie toch thuis is.

Maar dan kan dus wel om 06.00 uur de deurbel rinkelen. Of, in het geval van oud-roeier Sjoerd Hamburger, dat op het pannenkoekfeest van de kinderen van zijn coach opeens een wildvreemde gast verscheen. Hamburger: "Dat was ongemakkelijk, maar is nog overkomelijk. Als jouw werkgever vraagt dat je áltijd beschikbaar moet zijn, dan wordt het anders. Dat zou niet mogen. En in de sport vinden we het normaal"

Hamburger is nu voorzitter van NL Sporter, een organisatie die opkomt voor de belangen van topsporters. "Sporters zijn kwetsbaar, die zijn met presteren bezig en niet met nadenken wie hun e-mail leest. Daarom is het goed dat dit onderzoek er nu is."

Persoonsbescherming

Het onderzoek van Van der Sloot concludeert nu: de dopingcontroles voldoen niet aan de toekomstige Europese persoonsbeschermingwetgeving, op drie manieren. Soms 'zeer ingrijpende' lichaamsonderzoeken worden niet goed onderbouwd, er worden privacygevoelige gegevens verzameld terwijl de sporter 'verzuipt' in een overdaad aan regelgeving en tot slot is de rechtspositie van de atleet mogelijk in strijd met het recht op een eerlijk proces.

Zo vinden de Tilburgse onderzoekers dat de regels veel te ingewikkeld zijn. Van der Sloot: "Het zijn tweehonderd documenten met duizenden pagina's aan regelingen. Ik snap dat atleten daar weinig chocola van kunnen maken. Wat ik heel belangrijk vind is dat het nut en de noodzaak van testen niet duidelijk zijn. Van veel middelen die op de dopinglijst staan is de werking niet bewezen. Dus wil je controleren, dan moet het bewezen zijn dat het van invloed is op de sportprestatie."

De privacygevoeligheid van dopingcontroles is geen nieuw punt. Al in 2009 werd eenzelfde conclusie getrokken. Herman Ram, hoofd van de Nederlandse Dopingautoriteit en een van de respondenten, schippert al jaren tussen privacyrechten en regels die gelden vanuit Wada, de mondiale antidopingorganisatie. "Dit heeft wel betekenis, want dit is nu eenmaal door de Europese Commissie gevraagd. Maar alles wat hierin staat, is allang bekend."

Ram vindt op sommige punten de argumenten van het onderzoek kort door de bocht. Bijvoorbeeld over het nut en noodzaak van de tests. "Dan raak je aan de kern van het antidopingbeleid. Er is afgesproken dat mondiaal toe te passen, en dat er niet per individuele situatie wordt gekeken of een bepaald middel wel of niet prestatiebevorderend is. Wil je dat wel, dan keer je je af van het harmoniserende beleid. Dan ga je naar een situatie terug waarin bijvoorbeeld de bond eigen regels maakt."

Wel snapt Ram de kritiek op de hoeveelheid regels. "Complexiteit is een van die dingen waar ik ook niet blij mee ben. De veelheid aan regels wordt veroorzaakt door de noodzaak de positie van de sporter goed te beschermen. Alleen, zie ik een alternatief? Nee."

Net zomin er een beter alternatief is voor het whereaboutsysteem. Vorig jaar voerde de Nederlandse dopingautoriteit bijna 1300 zogenoemde out-of-competitioncontroles uit. In Nederland zitten 320 sporters in de zogenoemde testingpool. Ram: "Bij hen hebben we beleid. Waarom die sporters daarin zitten, dat kan ik goed uitleggen."

Impact

Wat er in mei gaat veranderen, is dat in heel Europa dezelfde regels gaan gelden. Ram: "Niet langer is de toestemming van de sporter de basis waarop een controle kan worden uitgevoerd. Die grond schiet nu tekort. Dat heeft impact, die nog niemand kan overzien."

In Nederland is al zeven jaar een nieuwe dopingwet in de maak die dit punt behandelt en de grondslagen voor controle wettelijk regelt, zegt Ram. Maar die wetgeving laat voorlopig nog op zich wachten. Een wetsvoorstel ligt wel bij de Tweede Kamer, maar werd controversieel verklaard. Dit na een discussie waarin bijvoorbeeld hoogleraar sport en recht Marjan Olfers kritiek had op de gebrekkige privacybescherming van atleten. De onlangs geïnstalleerde Kamer gaat het voorstel opnieuw bekijken. Ram: "Maar hoe hoog die op de stapel ligt, weet ik niet. Er zijn wel meer wetsvoorstellen controversieel verklaard."

Voor Ram is nu vooral de vraag wat de Europese Commissie met het rapport wil gaan doen. "Ze gaan zich heus niet verzetten tegen het mondiale dopingbeleid. Al was het alleen maar omdat Europa zich dan zou isoleren."

Dus, wat nu? Het allerbelangrijkst blijft volgens Hamburger het zoeken naar een andere, of extra methode. "Een andere manier van opsporen kan ook heel goed werken. Epo groeit niet in de grond, het komt ergens vandaan. Dat kan je ook gaan onderzoeken. En ik ben voor controles, maar we hebben geen discussie over of het doel de middelen heiligt. Dit onderzoek laat zien: de discussie moet nog worden gevoerd."

En terug naar Verbij: "Ik wil gewoon laten zien dat ik ook clean kan presteren. Ik zeg: alle waarden naar buiten brengen."

Lees ook: onafhankelijk dopingonderzoek bij Spelen in Pyeongchang

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden