Prins Bernhard nam na Lockheed-affaire wraak op Den Uyl, onthulde Van Agt in zijn biografie.

Politieke biografieën leveren vaak pikante naschriften bij kwesties die eens de natie hevig bezighielden. Zo onthullen de biografen van Dries van Agt dat prins Bernhard na de Lockheed-affaire op subtiele wijze wraak heeft genomen op Joop den Uyl.

De toenmalige premier had hem, vond hij zelf, onnodig hard aangepakt. Hij werd vanwege zijn betrokkenheid bij de smeergeldzaak uit zijn functie van inspecteur-generaal bij de krijgsmacht ontheven en hij mocht, wat hem zo mogelijk nog harder raakte, geen militair uniform meer dragen. Na de affaire bleef Bernhard een goede relatie onderhouden met Van Agt, de minister van justitie in het kabinet-Den Uyl. Maar met de premier, toch de eerst verantwoordelijke voor koninklijke zaken, ging hij het contact uit de weg. Van Agt heeft vorig jaar tegen zijn biografen verteld dat de prins Den Uyl niet mocht.

Hij kwam daar pas goed achter in 1980, toen hij samen met prins Bernhard, minister van buitenlandse zaken Van der Klauw en Den Uyl de Nederlandse delegatie vormde naar de begrafenis van de Joegoslavisch president, maarschalk Tito. Van Agt was toen premier, Den Uyl oppositieleider. De prins, een geroutineerd vlieger, zou het regeringsvliegtuig besturen. Het vertrek naar Belgrado was gepland om half één. De premier en de minister van buitenlandse zaken arriveerden ruim op tijd. „Joop den Uyl niet. De prins zat achter al die knoppen, met zo’n toeter op zijn oren. Naarmate de tijd verstreek, ging hij steeds vaker op zijn horloge kijken. Hij hoopte vurig, dat Den Uyl het niet zou halen!”

Volgens Van Agt gaf de prins klokslag half één gas. „En ja hoor, terwijl we nog over de startbaan gingen, zag ik de auto van Joop aankomen. Als we één minuut hadden gewacht, had Joop het gehaald. Ik riep: ’Daar is-ie! Daar is-ie!’ Volgens mij hebben we niet geroepen: ’Stoppen met dat ding!’ – wat we hadden kunnen doen. De prins zat te glunderen van voldoening.”

Memoires kunnen niet in een klein land

De politieke biografie is de laatste jaren een populair genre geworden. Tot een jaar of tien geleden was het nog behelpen in Nederland. Lang gaf alleen ’het verschijnsel Schmelzer’ inzicht in de binnenwereld van de politiek. Aan het eind van de jaren zeventig verscheen ’Dagboek van een onderhandelaar’ van Ed van Thijn over de beruchte formatie van 1977, enkele jaren later gevolgd door de tegenhanger ’Repeterende breuken’ van Joop van Rijswijk. Memoires van politici zelf zijn hier, anders dan in Engeland en Amerika, nooit in zwang geraakt. Nederland is daar volgens de gangbare verklaring te klein voor – je loopt degenen die je beschrijft elk moment weer tegen het lijf. Lubbers heeft met behulp van een ghostwriter zijn memoires op schrift gesteld, maar die liggen nog altijd in een kluis.

Bio’s van Wiegel, Fortuyn en Biesheuvel op komst

De laatste jaren verschijnt de ene na de andere biografie. Van Agt en Den Uyl kwamen dit jaar uit. In voorbereiding zijn biografieën over Hans Wiegel, Pim Fortuyn, Barend Biesheuvel, Pieter Jelles Troelstra, Dirk de Geer en Frida Katz. De laatste is wat minder bekend. Zij was de eerste vrouw die, in 1922, voor een protestantse partij haar intrede in de Tweede Kamer deed. In alle gevallen zijn de auteurs journalisten. De historicus H.J. Langeveld, die eerder een biografie in twee delen van Hendrik Colijn schreef, werkt nu aan Schermerhorn, de eerste naoorlogse premier. De politicoloog Hans Daalder bereidt het volgende deel voor van zijn lijvige biografie van Willem Drees.

Van Agt zette de zuidelijke tongval nog wat aan

Over de politieke betekenis van Van Agt is genoeg geschreven. Nog wat onderbelicht, is de bijdrage die hij heeft geleverd aan de emancipatie van de zachte ’g’ en daarmee aan de overbrugging van de afstand tussen boven en beneden de Moerdijk. In de jaren zeventig was die afstand nog groot. Er klonk nog gegniffel op de publieke tribune als een Limburgs Kamerlid het had over de ’duzend gulden’ collegegeld of een Brabander tachtig uitsprak als ’taggetig’. Van Agt vond dat de zachte ’g’ geen schampere bejegening verdiende. Van Agt was fier op de Brabantse taal en cultuur en droeg dat ook uit door zijn zuidelijke tongval nog wat sterker dan nodig aan te zetten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden