Prins Bernhard / Een held met streken

Voor vriend en vijand is prins Bernhard een intrigerende verschijning geweest. Meer dan enig ander lid van het koninklijk huis heeft hij voor zichzelf een speelruimte geschapen waarin hij van het leven kon genieten en zijn dadendrang kon uitleven.

,,Het maakt niet uit. Voor ons is en blijft hij een held'', zei 5 mei 2004 een van de deelnemers aan het traditionele veteranendefilé in Wageningen.

De vraag was hoe het ontzag voor prins Bernhard te rijmen viel met pakweg 'Lockheed', om maar het grootste schandaal uit zijn carrière te noemen. Het zou wat: de veteranen zijn altijd blijven marcheren voor degeen die zij zagen als symbool van hun eigen rebelse glorietijd. Bernhards heldenstatus is zelfs blijvend, sinds besloten is jaarlijks een veteranendag te houden op zijn geboortedatum: 29 juni.

Voor een ander deel van de bevolking is de prins sinds het Lockheed-schandaal in de jaren zeventig altijd een schurk gebleven, een corrupte boef, overspelig bovendien, die misbruik heeft gemaakt van zijn positie door zich door de Amerikaanse vliegtuigbouwer Lockheed vorstelijk te laten betalen voor zijn diensten. Een toenemend aantal Nederlanders echter neigt de laatste jaren naar een milder oordeel, ergens tussen heldenverering en absolute verguizing in. Zij hebben bewondering voor de levenskunst van de prins en vallen voor zijn charmes. Voor wie zo denkt is de prins niet een schurk, maar meer een kwajongen die alleen wat steekjes heeft laten vallen.

Zijn vrienden en vijanden zullen het in elk geval over één ding eens zijn: het leven van de prins was boeiend en intrigerend. In 1936 betrad hij het Nederlandse toneel als een volslagen onbekende man. Nu heeft hij datzelfde toneel verlaten als een figuur met hier en daar mythische trekken, omgeven met een waas van geheimzinnigheid. Voer voor historici.

Die geheimzinnigheid is vooral ook aan de prins zelf te danken. Weliswaar zocht hij graag de publiciteit en gebruikte hij journalisten, als het hem zo uitkwam. Maar met zijn charme en zijn wat minder gepolijst taalgebruik wist hij vooral de schijn van openhartigheid te wekken. Als puntje bij paaltje kwam, zweeg hij: ,,Het is jammer dat ik niet alles kan zeggen. Ik zou gedonder krijgen'', zei hij op tv tijdens zijn gouden huwelijksdag in 1987.

Bij zijn laatste publiciteitsstunt -de open brief in de Volkskrant in februari 2004, met een interview daarbij- is het voor een deel van hetzelfde laken een pak. Terecht en overtuigend veegt de prins daarin de vloer aan met het onbewezen verhaal over een brief die hij in 1942 aan de leiders van het Derde Rijk zou hebben geschreven met het aanbod Nederland namens hen te besturen als een soort stadhouder. Tamelijk overtuigend ook -al is het laatste woord daarover nog lang niet gezegd- weerspreekt de prins het verhaal dat de luchtlanding bij Arnhem in 1944 zou zijn verraden door de spion Chris Lindemans alias King Kong, een man die toegang had tot zijn hoofdkwartier als bevelhebber van de Binnenlandse Strijdkrachten. Op zijn woord is de lezer wellicht ook nog bereid te geloven dat zijn moeder, prinses Armgard, geen nazi-sympathieën had, dat zij in haar jonge jaren geen losbandig leven heeft geleid en dat kolonel Alexis Pantchoulidzev slechts een huisvriend was met wie Armgard nooit een intieme relatie heeft onderhouden, laat staan dat zij met hem gehuwd was.

Maar de open brief waarin de prins van zich afsloeg, liet ook vragen onbeantwoord en kwesties liggen. Zo schreef hij niets over de grote affaires in zijn leven: Greet Hofmans en Lockheed. Niets ook over zijn buitenechtelijke dochter in Parijs. Desgevraagd zei hij daarover in de Volkskrant: ,,Ik heb kennisgenomen van alle publicaties over haar, maar juist in deze zaak verkeer ik niet in de positie om hierover iets te zeggen. En daarmee basta.'' Evenmin iets over de bewering van een van zijn goede vrienden in het tv-programma 'Hoge Bomen' over nog een kind in de VS. De prins weerspreekt alleen de telkens terugkerende aantijging dat hij tijdens de oorlogsjaren in Londen twee zoons heeft verwekt. Dat is mooi, maar de prins wekt verre de indruk volledig te zijn.

Dat Juliana en Bernhard altijd bij elkaar zijn gebleven, mag een wonder heten. In vrijwel alles bleken zij elkaars tegenpolen. De vroegere hofmaarschalk Van Zinnicq Bergmann schetste in 1998 welke verschillen in persoonlijke wensen hij moest overbrengen aan buitenlandse gastheren: ,,Hare Majesteit heb ik nog nooit problemen zien maken wat betreft het eten of eigen comfort. Zij neemt bij wijze van spreken wat de pot schaft. De prins met zijn anjer, bier bij het ontbijt en zijn voorkeur voor witte bourgogne en champagne rosé, was dan ook uitgepraat en als dat moeilijkheden kon opleveren dan zorgde hij zelf daarvoor.'' Hoe de prins daar zelf voor zorgde, daarover kunnen Nederlandse diplomaten nog nachtmerries krijgen. Menig diplomaat heeft ervaren hoe moeilijk het is om champagne rosé op de juiste temperatuur te krijgen in de jungle van Afrika.

In Bernhard is op zeer oude leeftijd altijd nog iets te herkennen gebleven van de zwier waarmee hij als jongeman Nederland betrad en het hart van prinses Juliana veroverde. Hij was een onverwachte huwelijkskandidaat geweest. In onderhandelingen, die destijds gebruikelijk waren, waren al verscheidene kandidaten afgevallen. Ondanks de geruchten over de fabuleuze rijkdom van de Oranjes, had het Nederlandse hof de naam karig te zijn. Ook het dominante karakter van koningin Wilhelmina schrok kandidaten voor de hand van haar dochter af. Het tragische voorbeeld van prins Hendrik, de boerse landjonker die nooit heeft kunnen aarden in zijn betekenisloze rol naast koningin Wilhelmina, was ook al geen aanmoediging. En Juliana zelf maakte wel een heel ingetogen indruk na haar strenge opvoeding aan het afgemeten en kille hof in Apeldoorn. Een groter contrast dan met de losse sfeer waarin Bernhard was opgegroeid, was amper denkbaar.

Bernhard was een van de vele prinsen die begin twintigste eeuw nog rondliepen op de lappendeken van Duitse vorstendommetjes. Hoewel zijn vader prins was, kreeg hijzelf die titel niet toen hij op 29 juni 1911 werd geboren. Zijn vader had ruzie met zijn broer Leopold, de regerend vorst van het prinsdommetje Lippe. Vorst Leopold vond dat Bernhard senior de familie te schande had gemaakt, omdat hij was getrouwd met een gescheiden vrouw. Die vrouw was Bernhards moeder Armgard, die in haar jeugd in het uitbundige Berlijn de bijnaam Tolle Lola had verworven. De familieruzie werd pas na jaren bijgelegd en in 1916 werd Armgard alsnog prinses en de kinderen prinsen.

Bernhard groeide op in Brandenburg, op het landgoed Reckenwalde, ver van het prinsdom Lippe. Hij werd zo vertroeteld, ook door zijn Chinees-Britse kindermeisje, dat zijn drie jaar jongere broer Aschwin daaronder leed en zelfs weleens werd vergeten bij de maaltijd. Alle aandacht ging naar Bernhard uit, omdat zijn gezondheid een probleem was. Toen hij twee jaar was, onderging hij zijn eerste operatie, aan zijn keel. Een jaar lang moest Bernhard ademen door een buisje. Gedurende zijn leven zal hij een lange reeks operaties ondergaan. ,,Ik ben een halve dokter'', zei Bernhard weleens. Een tatoeage van een aesculaap op zijn linker arm, getuigde daarvan.

Belangrijker dan zijn vader was voor Bernhard de huisvriend van de familie, Alexis Pantchoulidzev. Die beweerde onder de laatste Russische tsaar aan het hof te hebben gediend. Maar er deden altijd geruchten de ronde dat hij een gewone Poolse of Wit-Russische paardenknecht was geweest. Hoe dan ook, Tschuli, zoals hij genoemd werd, was belangrijk in het gezin. Toen Bernhard senior overleed bleef hij aan de zijde van Armgard.

Welke bijzonderde positie Pantchoulidzev innam bij prins Bernhard bleek vele jaren later, in 1976, toen de Lockheed-affaire werd onderzocht. De eerste betalingen die de vliegtuigfabriek aan Bernhard had willen doen, bleken begin jaren zestig terecht te zijn gekomen bij Pantchoulidzev. Maar deze kon in 1976 niet meer gehoord worden, want hij was al overleden.

Bernhard was gehaaid in het benutten van buitenkansjes. Zelfs zijn ontmoeting met de Nederlandse prinses Juliana leek hij aanvankelijk in die categorie te plaatsen. Hij werd volgens zijn eigen verhaal getipt door de Nederlandse ambassadeur in Parijs. ,,Brengt u eens een beleefdheidsbezoek aan koningin Wilhelmina en prinses Juliana tijdens de Olympische Winterspelen in Garmisch-Partenkirchen'', had ambassadeur Loudon in Parijs gesuggereerd. ,,Dank u, dat zal ik graag doen. Dat is een aardig idee'', antwoordde de 24-jarige Bernhard naar eigen zeggen. Het was een wel heel laconiek antwoord voor een jongeman die nog maar net was afgestudeerd als jurist en pas een verkoopbaan had gekregen in het Franse filiaal van het Duitse mammoetbedrijf I.G. Farben. Cees Fasseur, de biograaf van koningin Wilhelmina, heeft laten zien dat in werkelijkheid Loudon geen initiatieven heeft ondernomen. Bernhard zelf was de zorgvuldige regisseur van zijn eerste ontmoeting met Juliana.

Bernhard vertelde zelf dat hij tot dan toe de liefde niet erg serieus had genomen. Van de eerste ontmoeting met Juliana, tijdens een lunch, bleef hem vooral bij dat de prinses nauwelijks een woord sprak, maar dat ze heel bekoorlijk kon blozen. Bij de volgende ontmoeting vond hij haar charmant en verrukkelijk spontaan, terwijl altijd werd beweerd dat de leden van het Huis van Oranje zo stijf en gereserveerd waren. Juliana was ontroerend onschuldig. Bernhard wilde haar onderwijzen, haar vormen, haar geest en gevoelens van geremdheid bevrijden.

Laat in de zomer van hetzelfde jaar 1936 worden er al zaken gedaan en stelt Bernhard de eis dat hij als echtgenoot een eigen staatsinkomen krijgt. Hij kreeg het, maar liefst 200000 gulden per jaar, een enorm kapitaal in de jaren dertig. Minister-president Colijn vond dat Bernhard wat geld mocht kosten: ,,Als hij hier komt om het voortbestaan van het Oranjehuis te verzekeren, dan moet daar een inkomen uit de staatskas tegenover staan.'' Op 8 september 1936 waren ze verloofd. De hele romance had zeven maanden geduurd. Meer tijd was er niet, schreef Wilhelmina in haar herinneringen, want zij werden opgejaagd door de nieuwshonger van het publiek.

Het is opvallend dat Bernhard door de keuring van Wilhelmina is gekomen, want zij moest niets hebben van de vele Duitse prinsen die zich aan de zijde van Hitler hadden geschaard. Bernhard was lid geweest van nazistische organisaties, zoals de Reiter-SS (om te kunnen motorrijden, verdedigde hij zich) en de Fliegersturm (om te leren vliegen). Bovendien: wie het ver wilde schoppen en bijvoorbeeld voor zijn examen wilde slagen, moest ergens lid van zijn, aldus Bernhard.

Hij ging op afscheidsaudiëntie bij Adolf Hitler, hij werd Nederlander, kreeg officiersrangen in de Nederlandse strijdkrachten en trouwde Juliana.

Van zijn inburgering in Nederland is vaak gezegd dat hij die weinig serieus heeft genomen. Aan politiek en staatsrecht deed hij niet veel. Het beheersen van de Nederlandse taal was echter onontkoombaar geworden in de tijd van de radio. Een Amsterdamse professor Duits gaf Bernhard les. Na drie jaar noteerde de Amsterdamse bankier E. Heldring, die ook was betrokken bij Bernhards opleiding, in zijn dagboek: ,,Hij is intelligent genoeg, maar na eenige tijd begint hem zoo iets als oefeningen in de taal en de uitspraak te vervelen en dan laat hij het loopen. Ein leichter Vogel. Het gevolg is dat zijn accent nog slecht is en hij veel germanismen blijft gebruiken''.

Maar dat gemopper viel in het niet bij het enthousiasme dat Bernhard bij het publiek wist te wekken met zijn sportauto, zijn aanstekelijke lach en zijn wereldse gedrag. Opvallend was de metamorfose van Juliana. Na een maandenlange huwelijksreis door Europa, kwam zij aan de hand van Bernhard terug als een stralende vrouw, gekleed in de duurste Parijse mode. Voorzichtige kritiek op de keuze van al te mondaine vakantieverblijven, weerde ze zelfbewust af: ,,Ik heb geen enkele behoefte aan andere bescherming dan die van mijn man''.

Bernhard leek een schot in de roos. De playboy-prins had echter meer ambities dan het zijn vrouw naar de zin te maken en zorgen voor troonopvolgers. De oorlog (zie elders in dit katern) zou hem de kansen geven die hij zocht. ,,Van alle mensen die ik ken, ben jij de enige die van de oorlog genoten heeft'', zei de Britse koning George VI tegen Bernhard, toen de strijd gestreden was. Bernhard erkende dat. De oorlog had hem de kans gegeven zich te bewijzen. Zijn militaire uniformen waren verrijkt met indrukwekkende sterren. Hij had leren vliegen en ook op andere terreinen had hij zijn zucht naar avontuur kunnen bevredigen.

Alleen zijn ambitie om ook echt wat te vertellen te krijgen in Nederland leek op weinig uitgelopen. Maar voor puur representatieve taken voelde de prins zich niet in de wieg gelegd. De regering gunde hem de functie van inspecteur-generaal van het leger. En van opeenvolgende regeringen kreeg hij alle vrijheid om de Nederlandse handelsbelangen wereldwijd te promoten. De prins maakte volop gebruik van die vrijheid. Desnoods deelde hij een koninklijke onderscheiding uit of zwaaide hij met een buidel steekpenningen van het bedrijfsleven om orders binnen te halen.

De prins stond in de jaren vijftig en zestig in hoog aanzien, ook internationaal. De Amerikanen zochten hem aan als voorzitter van de zogenaamde Bilderbergconferenties, jaarlijkse bijeenkomsten waarop de Amerikaanse en Europese elite informeel brainstormde over van alles en nog wat. Aanzien genoot hij ook als voorzitter van het Wereldnatuurfonds.

Maar buiten het gezichtsveld van het publiek begon zich op Soestdijk geleidelijk aan een drama af te tekenen. Door de oorlog was Bernhard vijf jaar lang gescheiden geweest van Juliana die in Canada verbleef, terwijl hij in Londen zat. In die Londense jaren had de prins al een zekere reputatie opgebouwd. Na de oorlog bouwde hij daar verder aan. Zijn escapades op erotisch en financieel gebied liepen de spuigaten uit, aldus de oud-medewerker van de Rijksvoorlichtingsdienst Rob de La Rive Box.

En toen werd, in 1947, Marijke geboren, de vierde dochter van het koninklijk paar die sinds 1963 bekend staat onder haar tweede naam: Christina. De prinses was gedeeltelijk blind. De wanhopige Juliana vestigde haar hoop voor genezing op de gebedsgenezeres Greet Hofmans. Toen Juliana -midden in de Koude Oorlog- pacifistische ideeën begon te verspreiden, bijvoorbeeld tijdens haar staatsbezoek aan de VS in 1952, ergerde Bernhard zich daar mateloos aan. Hij weet Juliana's pacifisme aan de invloed van de gebedsgenezeres.

Buitenlandse kranten kregen in 1955 lucht van de crisis op Soestdijk. Achteraf bleek Bernhard zelf achter de publicaties te zitten. De regering stelde een commissie van drie wijze mannen in onder voorzitterschap van oud-premier Louis Beel om de crisis op te lossen. Het advies van de commissie betekende een complete overwinning voor Bernhard. Juliana werd gedwongen haar contacten met Hofmans te verbreken en moest ook haar hofhouding 'opschonen'.

In later teruggevonden, ongepubliceerd gebleven aantekeningen van zijn biograaf Hatch verklaart de prins zich nader: ,,Ons huwelijk lag in puin. Toen Hofmans en haar vrienden mijn vrouw vertelden dat ik haar van de troon wilde hebben, dat mijn oudste twee dochters aan mijn kant stonden, en dat ik Trix op de troon wilde hebben, geloofde zij dat. Ze zei dat ik een bende vormde, samen met mijn moeder. En dat ik Trix op de troon wilde hebben als marionet, waarbij mijn moeder en ikzelf aan de touwtjes trokken. In 1956 vertelde Greet Hofmans aan mijn vrouw dat ik haar geld had misbruikt en dat ik andere dingen had gedaan die als crimineel konden worden beschouwd. Dus mijn vrouw verzocht me het huis te verlaten en verbrak het contact met mijn moeder. Haar moeder, prinses Wilhelmina, deed hetzelfde. Nu was er een openlijke oorlogstoestand. Ik zei dat ik het huis alleen zou verlaten als ik de pijp was uitgegaan. De pers kreeg er lucht van. Uiteindelijk kwam het zover dat het parlement tegen mijn vrouw zei dat ze een keuze moest maken. Omdat mijn vrouw geloofde dat Trix en ik dit complot smeedden samen met mijn moeder, wilden ze ons dit plezier (namelijk: aftreden) niet doen.

Aldus Bernhards versie van het verhaal. De historicus Lambert Giebels die een biografie schreef over Louis Beel meent dat Bernhard de invloed van Hofmans op Juliana bewust zwaar overtrok om Hofmans vervolgens als zondebok te kunnen gebruiken. Wellicht komt er ooit meer duidelijkheid in deze zaak, als het rapport van de commissie-Beel wordt geopenbaard.

De affaire-Hofmans deed het koningshuis langs de rand van de afgrond scheren. En het conflict zou nog jarenlang naijlen binnen het koninklijke gezin. Naar buiten toe was er echter niet veel meer aan de hand. Bernhard zette zijn mooie leventje gewoon voort. Alleen de huwelijken van zijn dochters Beatrix, Irene en Margriet in de jaren zestig leverden hem de nodige kopzorgen op.

De kentering in het leven van Bernhard komt met de Lockheed-affaire. In 1976 viel de bewonderde prins van zijn voetstuk, toen uit een Amerikaans parlementair onderzoek naar smeergelden bleek dat een hoge Nederlandse functionaris geld had gekregen van de vliegtuigfabriek Lockheed. Die hoge functionaris was Bernhard. Bij nader onderzoek door Nederlandse wijze mannen bleek dat de prins de indruk had gewekt dat hij invloed had op de aankoop van vliegtuigen. Als commissie zou hij in 1960 een miljoen dollar hebben gekregen via zijn stiefvader Pantchoulidzev. Bernhard ontkende dat hij het geld ooit had ontvangen, maar de wijze mannen lieten blijken daar weinig van te geloven. Zij toonden ook nog aan dat de prins in 1968 ongepaste vragen en aanbiedingen van Lockheed niet beslist genoeg van de hand had gewezen en dat hij later, in 1974, zelf had verzocht om commissies over eventueel te leveren vliegtuigen aan de Koninklijk Marine.

Deze corruptiezaak had tot een strafrechtelijke vervolging kunnen leiden, maar het kabinet Den Uyl zag ervan af. En dat had Bernhard vooral te danken aan Juliana, de vrouw die hij in de jaren vijftig mores had geleerd en die hij met regelmaat had bedrogen. Maar Juliana bleef hem loyaal. ,,Wat u ook doet, Bernhard is en blijft mijn man'', zei ze tegen de toenmalige premier. Het waren die woorden die het kabinet huiverig maakten om Bernhard aan te pakken. Want ze bevatten de dreiging dat Juliana zou aftreden als Bernhard strafrechtelijk zou worden vervolgd. En zo bleef de schade voor de prins beperkt, al zal hij dat zelf anders hebben gevoeld. De prins moest al zijn functies in het leger en in het bedrijfsleven neerleggen en kreeg een uniformverbod. Hij werd bovendien schietschijf van diverse scribenten, zoals Wim Klinkenberg, J.G. Kikkert en Thomas Ross.

Er is vaak gesuggereerd dat de prins extra geld nodig had voor zijn geheime vriendin in Parijs (Poupette), bij wie hij een dochter had. Diezelfde vriendin wier bestaan hij sinds het interview en de open brief in de Volkskrant van 7 februari 2004 in elk geval niet meer ontkent, al kon en wilde hij er verder ook niets over zeggen. Ook zijn geldvretende liefde voor peperdure autos en jachten is vaak genoemd. Hoe dan ook, Bernhard liet een buitenkansje op geld niet liggen. Zo wist hij oude aanspraken van zijn familie op een vergoeding voor de afschaffing van de prinselijke privileges in Duitsland in 1918, mee te smokkelen in het Nederlandse pakket van aanspraken op herstelbetalingen voor de oorlog. Bernhard streek daarmee in de jaren zestig in het geheim een miljoen mark op.

Bernhard heeft nooit helemaal de stap kunnen maken van een Duitse prins die zich kon wentelen in privileges zonder veel verplichtingen, naar een Nederlandse prins die bestaat bij de gratie van de wet en die geacht wordt met mate gebruik te maken van zijn voorrechten. Wat Bernhard zich veroorloofde, doet geen prins hem meer na.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden