Prikken en praten op de pijnpoli

Pijnverpleegkundige Tineke Hooijer met patiënt Henny Beekhuijs in de verkoeverkamer van het Kennemer Gasthuis.Beeld FOTO MAARTJE GEELS

De meeste ziekenhuizen hebben tegenwoordig een pijnpoli. Verpleegkundigen die hier werken, worden steeds beter opgeleid. Trouw liep een dag mee met pijnverpleegkundige Tineke Hooijer.

'Mijn literatuurstudie is goedgekeurd!" roept pijnverpleegkundige Tineke Hooijer (32) enthousiast, als ze de knusse personeelskamer betreedt van de pijnpoli in het Kennemer Gasthuis in Haarlem. Ze zet een appeltaart neer op de lange, eenvoudige tafel. Anesthesioloog en pijnbestrijder Oscar van Haagen staat op om haar te feliciteren. Het is woensdagochtend negen uur en de poli, gelegen op de tweede etage van locatie Noord, is net geopend.

De literatuurstudie is onderdeel van de dit jaar begonnen post-hbo- opleiding voor pijnverpleegkundigen aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Hooijer bestudeerde drie artikelen over een nieuw pijnbestrijdend medicijn gebaseerd op rode peper.

"Ik had nergens last van, tot ik op een zondagochtend uit bed stapte met vreselijke pijn in mijn been. Ik kon er niet op staan, moest hinkelen naar het toilet", vertelt Henny Beekhuijs (55) even later in de verkoeverkamer tegen Hooijer, die geduldig luistert. Hij heeft zojuist een zenuwwortelinjectie gekregen van de arts, waarbij een plaatselijke verdoving en een ontstekingsremmer zijn ingespoten, en mag nu drie kwartier rustig bijkomen, om te voorkomen dat hij buiten onwel wordt.

Slijtage
Terwijl z'n bloeddruk wordt opgenomen en hij een slok neemt van z'n koffie, vervolgt Beekhuijs: "Versleten rugwervels was de diagnose. Niet zo gek, ik heb 38 jaar gewerkt als postbode, dat is alleen maar sjouwen."

Slijtage is een veel voorkomende oorzaak voor chronische pijn - pijn die langer duurt dan drie maanden -, naast een beschadigd zenuwstelsel, weefselbeschadiging als gevolg van kanker, een whiplash en een hernia.

Beekhuijs kreeg vandaag voor de tweede keer een zenuwwortelblokkade en was vorige keer erg tevreden. "De pijn ging niet helemaal weg, maar veranderde wel van een akelige, scherpe pijn in een beetje zeurderige pijn. Wat een verschil."

Nadat Hooijer hem tot slot verteld heeft dat de anesthesioloog maximaal drie keer per jaar deze injectie geeft, omdat dit anders negatief kan zijn voor het immuunsysteem en botontkalking tot gevolg kan hebben, staat hij op en pakt zijn jas. "Moet je kijken hoe soepel ik alweer loop", lacht hij terwijl hij de rustkamer verlaat en langs de wachtkamer loopt waar de volgende patiënt al zit te wachten: een stevige man, die naar eigen zeggen 25 keer geopereerd werd aan zijn knie.

De pijnpoli van het Haarlemse ziekenhuis werd twee jaar geleden in deze vorm opgezet door Oscar van Haagen: "Toen ik hier kwam, hadden we nog geen aparte poli en was er een wachtlijst van 4 à 5 maanden. Deze lijst hebben we teruggedrongen tot twee weken. We hebben nu een eigen ruimte, met eigen apparatuur. Bovendien hebben we de pijnverpleegkundigen zelf ingewerkt, waardoor we zeer efficiënt samenwerken."

Van Haagen ziet zeker de meerwaarde van de opleiding tot pijnconsulent die Hooijer volgt. "Doordat een verpleegkundige meer kennis van zaken heeft, is ze meer betrokken en enthousiaster in haar werk. Bovendien kan ze straks taken van mij overnemen, zoals het intakegesprek."

Tijdens dit gesprek vult de patiënt een vragenformulier in. Dit geeft een beeld van wat voor soort pijn iemand heeft, waar de pijn zit, maar ook of er sprake is van depressie of angstaanvallen, wat invloed heeft op hoe pijn ervaren wordt.

Begrip
Hooijer is blij dat ze de nieuwe opleiding volgt: "Ik voel me zekerder in mijn werk." In de opleiding wordt ook aandacht besteed aan de psychosociale kant van de mens. "Hierdoor heb ik meer begrip gekregen voor de patiënten. Voor iemand die zich al naar voelt, omdat hij ziek is én geen liefdevolle partner heeft die geduldig luistert, is pijn nog minder draaglijk."

Het is 12 uur. Tijd voor het multidisciplinair patiëntenoverleg. Met een boterham in de hand en een kop koffie voor zich, zitten de twee anesthesiologen, de drie verpleegkundigen, een leidinggevende, een revalidatiearts en een psychiater om de lange tafel in de knusse personeelskamer. Aan de orde komt onder anderen een mevrouw, die naast pijn in een voet ook chronische vermoeidheid en angstaanvallen heeft.

De pijnbestrijders kunnen niet álle pijnlijdende mensen zelf helpen. Daarom overleggen zij maandelijks met andere specialisten. Soms verwijzen ze patiënten door naar een fysiotherapeut of een revalidatiearts. Of, wanneer de klachten psychosomatisch lijken te zijn, naar een psycholoog of psychiater.

De eerste patiënt na de lunch is Moos Sassoon (51), de stevige man, die na complicatie van een kijkoperatie in zijn knie, toen hij 25 jaar was, 25 keer onder het mes is geweest en vijf nieuwe prothesen kreeg. "Ik verdien geloof ik een plaatsje in het Guinness Book of Records", lacht hij.

Wanneer hij de behandelkamer binnenkomt, zweetdruppeltjes op zijn voorhoofd, met zijn rechterarm steunend op een kruk, zegt hij tegen de arts en de verpleegkundige: "Ik ben zo blij dat ik er ben. Ik heb zoveel pijn."

Hij doet zijn spijkerbroek uit, gaat liggen op de behandelbank en wijst de zere plek aan de zijkant van zijn knie aan. Hooijer kijkt aandachtig. Ze maakt de plek schoon en reikt de arts een schone naald aan die ze aansluit op een apparaat dat zorgt voor 'radiofrequente stroom': een stroompje dat zorgt dat de naald verhit wordt. Door de warmte wordt de zenuw die de pijn veroorzaakt, uitgeschakeld.

Voorlichting
Na de behandeling neemt Hooijer hem mee naar de verkoeverkamer. Op vriendelijke toon geeft ze hem daar voorlichting: "Ook als u de pijn straks minder voelt, moet u rustig aan blijven doen. Over drie weken bellen we u om te vragen hoe het gaat."

Hooijer heeft wederom alle tijd voor de patiënt en die vertelt haar dat hij flink baalt: "Ik heb een eigen bedrijf. Door de pijn aan mijn knie kan ik niet goed werken. Ik maak me veel zorgen. De kosten gaan door, weet je."

Als hij aangeeft ook geregeld depressieve gevoelens te hebben, knikt ze begrijpend en adviseert hem om hiervoor een afspraak te maken bij de huisarts.

Ze bekijkt de bloeddrukmeter en constateert dat 'alles in orde is'. "Dat komt door de fijne atmosfeer hier", reageert Sassoon, terwijl hij zijn kruk pakt en langzaam opstaat. "Daar word je rustig van."

Meer alert op pijn
'Pijn hoort bij het leven. Het is een symptoom van ziekte en ouderdom.' In de medische wereld werd vroeger zo gedacht over pijnklachten. Tegenwoordig ziet men pijn die langer dan 3 tot 6 maanden duurt als een ziekte op zich. Een ziekte waar 21 procent van de volwassen bevolking in Nederland mee te maken krijgt in zijn leven.

Anesthesiologen kwamen in de jaren zeventig van de vorige eeuw op het idee dat een zenuwbehandeling, die ze destijds alleen voor een operatie gaven, wellicht ook een oplossing kon bieden bij langdurige pijn. Pijn kreeg sinds die tijd meer aandacht. Ook doordat mensen steeds ouder worden, en dus vaker met pijnklachten te maken krijgen.

Eind jaren negentig kreeg het vak een enorme impuls doordat de overheid pijnbestrijding erkende als poortspecialisme: een specialisme waar de patiënt direct naar doorverwezen kan worden. Net als bijvoorbeeld de neuroloog en de internist.

Het vak bleef zich nadien professionaliseren en in 2010 stelde de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) normen op, waaraan een pijnkliniek moet voldoen. Zo moet bijvoorbeeld minimaal één arts pijnspecialist zijn.

Momenteel heeft ruim 85 procent van de Nederlandse ziekenhuizen een door de NVA erkende pijnkliniek.

Bron: Frank Wille, anesthesioloog/pijnspecialist en voorzitter van de sectie pijngeneeskunde van de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden