Prijzen we ons niet regelrecht de markt uit met die almaar uitdijende vakanties?

In de Verenigde Staten en in China zullen ze het fenomeen met nauwelijks verholen jaloezie hebben aanschouwd: hoe sinds gisteren in Nederland zo’n drieënhalf miljoen mensen met vakantie zijn gegaan, onder wie velen voor maar liefst veertien dagen. Dat is evenveel als de totale vakantieperiode in die landen. Terwijl het voor Nederlanders niet meer is dan een tussendoortje. In de zomer wacht immers de grote vakantie en met de Kerst en in het vroege voorjaar gaat het land andermaal op slot.

Vanzelfsprekend gun ik eenieder zijn vrijheid, graag zelfs. Al was het maar om dat daarmee (dankzij het kapitalisme nog wel) iets zichtbaar is geworden van het arbeidersparadijs dat Karl Marx ooit voor ogen stond: in de ochtend werken om in de behoeften te voorzien, in de middag jagen of vissen en de avond voor het gezin of vriendenbezoek. Vanzelfsprekend met een goed glas wijn binnen handbereik. Vakanties kwamen in zijn woordenboek niet voor, maar dat lijkt met zo’n dagindeling ook niet nodig.

Trouwens, voor dat eenvoudige arbeidersparadijs zou een moderne arbeider nog geen halve dag per week hoeven te werken, zo groot is de arbeidsproductiviteit in vergelijking met vroeger. Ware het niet dat de behoeften van de consument in diezelfde tijdsspanne oneindig veel groter zijn geworden, onder meer vanwege de symbolische meerwaarde die goederen vertegenwoordigen. Een kledingstuk dient al lang niet meer om het lichaam te bedekken, maar is een radertje in een caleidoscoop van lifestyles, die sterk aan mode onderhevig zijn. Idem de auto, de telefoon, het bankstel, de vakanties, tot het voedingspatroon toe. Om met de Franse filosoof Baudrillard te spreken: we leven in een symbolische wereld, losgezongen van de werkelijkheid.

Welnu, het lijkt erop dat in een land als de Verenigde Staten de belangen van de consument zwaarder wegen dan hier. Daar is men bereid langer en harder te werken dan hier, met zo’n veertien dagen vakantie als pleister op de wonde. En in China worden de mouwen nog verder opgestroopt, omdat men daar pas aan het begin staat van het consumentenparadijs. Die werklust van deze machtsblokken zou wel eens tot gevolg kunnen hebben dat we ons hier in Europa op termijn uit de markt prijzen. Minister Maria van der Hoeven maakt zich er in elk geval zorgen over. Zij bepleitte onlangs een herinvoering van de veertigurige werkweek. Minister Donner is eropuit de pensioenleeftijd op te trekken en dat alles om ervoor te zorgen dat we productief genoeg blijven om toekomstige problemen het hoofd te bieden, zoals de vergrijzing en de concurrentie met Amerika en het opkomende Azië. Ondertussen gaan we vrolijk met vakantie en doen we regelmatig het land op slot. Prijzen we ons niet regelrecht de markt uit met die almaar uitdijende vakanties?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden