Preventieve werking van cameratoezicht valt nogal tegen

Alleen directe actie politie schrikt af

Sinds Ede in 1998 als eerste Nederlandse gemeente camera's in het uitgaansgebied hing, volgde een kwart van de gemeenten dat voorbeeld. Duizenden camera's moeten criminaliteit voorkomen, maar werkt dat wel? Dat valt tegen, zo blijkt uit gisteren gepubliceerd onderzoek van bureau Regioplan.

Medewerkers ondervroegen in opdracht van de Politieacademie 43 daders en 'potentiële daders'. De conclusie: de camera's schrikken alleen af als daders ervan overtuigd zijn dat de politie meteen in actie komt. De daders waren hoofdzakelijk actief op de Amsterdamse Wallen en zitten nu vast. De 'potentiële daders' behoren tot risicogroepen en overwegen het plegen van delicten. Opvallend is dat vooral de laatste categorie verkeerde denkbeelden over cameratoezicht heeft. Zo denken ze vaak ten onrechte dat camera's niet aanstaan en dat de politie de beelden niet live bekijkt. Ook menen criminelen in de dop dat de kwaliteit van de beelden te slecht is om als bewijs te dienen. Voor oude camera's is dat soms zo, maar nieuwe camera's kennen dat probleem minder.

Volgens de onderzoekers ondergraven deze denkbeelden de preventieve werking. De politie zou dat met voorlichting moeten tegengaan, tenzij ze de jongeren in de val wil lokken, stellen ze. Van de vier dadertypen die het rapport onderscheidt, houden er drie nauwelijks rekening met camera's: verslaafden en daklozen, jongeren in het uitgaansleven en kleine criminelen. De eerste groep is vooral bezig met het doorkomen van de dag. Dronken jongeren zijn minder gevoelig voor hun omgeving, en dus ook voor de aanwezigheid van camera's. Kruimeldieven deinzen alleen terug als de buit te klein is in verhouding tot het risico. Eigenlijk proberen alleen keiharde criminelen de camera's te allen tijde te mijden. Maar 'hun' type delict (bijvoorbeeld grootschalige drugshandel) speelt zich doorgaans niet af in gebieden waar camera's hangen.

Moeten gemeenten die camera-aanschaf overwegen (zo'n vijftig) dat plan herzien? Niet per se, zegt Regioplan-onderzoeker Ad Schreijenberg. "Als ze beelden voor opsporing willen gebruiken, moeten ze dat doen. Maar als ze criminaliteit willen voorkomen, heeft het alleen zin als ze zó snel in actie kunnen komen dat ze de criminelen op heterdaad betrappen." Schreijenberg raadt dunbevolkte gebieden aan goed na te denken over de aanschaf. "Hangjongeren schrikken ze er niet mee af. Daarvoor is de inzet van oom agent gewoon beter."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden