Prettig energieke film, maar nergens wordt het scherp

Alleen maar nette mensen
Regie: Lodewijk Crijns. Met Géza Weisz, Imanuelle Grives, Annette Malherbe, Jeroen Krabbé.

¿¿¿

'Alleen maar nette mensen' is een ode aan de dikke billen van de Surinaamse vrouw - niet plat en breed zoals Hollandse vrouwen ze hebben, zo vertelt regisseur Lodewijk Crijns in een 'making of'-filmpje op YouTube, maar mooi rond en naar achteren uitstekend. Crijns zegt het alsof Surinaamse vrouwen er blij mee moeten zijn, maar toch was er al enig tumult om de trailer. Nogal in your face die trailer: deinende billen in tijgerprint, gouden tanden, trillende glittermobiel in vlezig decolleté.

De Joodse Amsterdammer David Samuels (Géza Weisz), vaak aangezien voor Marokkaan, ontdekt na te lang saaie seks met zijn nette Joodse vriendinnetje Naomi dat hij eigenlijk op een heel ander type valt: zelf 'bakra' valt hij op een 'tanga'. Terwijl hij zijn vriendinnetje in een dure schoenenwinkel in Oud-Zuid verveeld van commentaar voorziet ('Nee, je hebt geen dikke kont in die schoenen') ziet hij Surinaamse Rowanda (Imanuelle Grives) buiten voorbij wiegen en weet: haar wil ik.

En dat geeft gedoe, thuis in Oud-Zuid. Net zo cliché als de begeerde fabulous Bijlmer Queen met haar Sherida-ketting en glittermobiel zijn Davids tuttige, nette ouders (Annette Malherbe en Jeroen Krabbé) met hun belegen politiek correcte debatten over Wilders en hun feesttafel vol ingewikkelde borrelhapjes waar je er dan toch maar eentje van mag nemen. Als ze komen eten in de Bijlmerflat, kiepert vader per ongeluk zijn bord om op zijn schoot. Als Rowanda in te strakke minirok in Oud-Zuid bij een feestje aanschuift weet niemand wat tegen haar te zeggen.

Toen Surinaamse vrouwen bij de verschijning van Robert Vuijsjes boek struikelden over zijn karikaturale tekening van hun lijf, leden en inborst, verdedigde de schrijver zich door te zeggen dat hij niet een, maar alle bevolkingsgroepen in Amsterdam op de hak nam. Niet alleen de Bijlmer-billen ook de Barlaeus-borstjes. De regisseur noemt zijn verfilming nu een confrontatie met onze hokjesgeest.

En dat is het ook, maar wel een nogal slappe. Nu doet 'Alleen maar nette mensen' je wel zo'n beetje voor het eerst in een Nederlandse film op wilde Surinaamse en Antilliaanse feestjes in de Bijlmer belanden, terwijl je bij het beklemmende partijtje van de familie Samuels mag bedenken dat je dit soort partijtjes al heel vaak in Nederlandse films hebt gezien. Bovendien is een stoere Surinaamse vrouw in een hoofdrol sowieso al een verademing. Dat heeft de film alvast mee. Maar melige incorrecte grappen zijn niet per se veel grappiger als ze niet over een, maar over alle bevolkingsgroepen gaan.

En jammer is dat wel. De film zeilt in lichte toon om te harde botsingen heen, is zeker geestig af en toe, bijvoorbeeld als Jan Smits en Damaru's 'Ik heb een tuintje in mijn hart' inzet bij de eerste omhelzing tussen de kleine David en de grote Rowanda. Maar van karakterontwikkeling is geen sprake, noch van scherpe satire of een helder statement.

De hang om aan je eigen milieu te ontsnappen is van alle tijden en alle kringen, en zou best een gelaagde multicultikomedie hebben op kunnen leveren. Maar 'Alleen maar nette mensen' is eerder pubervermaak à la 'American Pie': lachen om tieten, konten, laffe mannen. Prettig energiek wel, maar niet meer dan even vermakelijk.Jann Ruyters

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden