Premier Baskenland wil buiten Madrid om met Eta praten

MADRID - De Baskische nationalisten willen onderhandelen met de Eta. De centrale regering in Madrid huivert al bij de gedachte, maar premier José Antonio Ardanza van de regionale regering in Spaans Baskenland wil een dialoog met de Baskische afscheidingsbeweging en met Herri Batasuna (HB), de politieke arm van de Eta. De zaak ligt zo gevoelig dat Ardanza de details van zijn voorstel binnenskamers houdt.

HENK BOOM

Ardanza kwalificeert zijn plan als het resultaat van tien jaar ervaring als lehendakari (premier) van Spaans Baskenland. Vijf verschillende ministers van binnenlandse zaken in Madrid versleet hij en in die tijd is hij tot de conclusie gekomen dat de politici in de Spaanse hoofdstad niets willen begrijpen van de identiteitsdrang van de Basken. Dus wordt het tijd om realistisch en pragmatisch te handelen: ondanks de recente aanslagen op gemeenteraadsleden van zijn eigen partij, de PNV, vindt Aznar dat 'de politiek' haar best moet doen de terroristen aan de onderhandelingstafel te krijgen.

“Het enige dat nu telt is of we in staat zijn om op serieuze en intelligente wijze oplossingen te zoeken die ons naar vrede brengen”, zei Ardanza deze week. Zijn uitgangspunt daarbij is dat de Eta een Baskisch probleem is dat alleen de Basken kunnen oplossen. Hoewel elke vergelijking met de situatie in Noord-Ierland mank gaat, wordt er wel naar verwezen. Want als in Ulster wordt gepraat over vrede, moet zo'n proces ook mogelijk zijn in Baskenland.

Om niet op voorhand schipbreuk te lijden wil Ardanza een herhaling voorkomen van de onderhandelingen met de Eta in 1989 in Algiers. “We hebben geleerd. Als er vooraf geen consensus bestaat over wat je uiteindelijk wilt bereiken, kom je er niet.” Daarom moeten het nu de Basken zijn die met Eta en HB gaan praten. Madrid moet zich al op de voorhand neerleggen bij de resultaten van die onderhandelingen.

Ardanza denkt eerst aftastende gesprekken te voeren over de vraag of er onderhandeld kan worden en vervolgens de echte gespreksrondes. De enige voorwaarde die vooraf wordt gesteld is dat de Eta voor onbepaalde tijd een wapenstilstand in acht neemt. De Baskische democratische partijen (HB wordt daartoe nog niet gerekend) leggen geen beperkingen op aan de gespreksonderwerpen.

Of het initiatief van de Baskische premier kans van slagen heeft, wordt in Madrid betwijfeld. Ardanza wordt afgeschilderd als de eeuwige opportunist, terwijl minister Jaime Mayor Oreja van binnenlandse zaken de laatste dagen wordt neergezet als een ijdele demagoog die nog nooit met oplossingen is gekomen. Het enige waarover alle partijen het eens zijn is dat er na dertig jaar een einde moet komen aan het terrorisme.

Volgens de regering-Aznar gaat het in feite om twee verschillende onderwerpen: het terrorisme en een politiek probleem in Spaans Baskenland tussen Basken met een nationalistische signatuur en Basken met een Spaanse signatuur. Mayor Oreja herhaalt daarbij voortdurend de officiële versie door er op te wijzen dat de Eta op sterven na dood is. “De terroristen verkeren in de laatste fase van hun cyclus. En dat betekent dat zich een radicalisering voltrekt en dat we nog moeilijke tijden tegemoet gaan”, aldus de bewindsman. In zijn ogen heeft de Eta politiek gezien geen enkele betekenis meer en kan alleen de politie een einde maken aan het terrorisme.

Tegelijkertijd moet - binnen de grenzen van de Spaanse grondwet - naar consensus worden gezocht over de toekomst van Baskenland. Meer autonomie kan, maar over onafhankelijkheid, of een referendum daarover (zoals de Eta wil) valt niet te praten. En dat nu is precies wat in Madrid wordt gevreesd: dat onderhandelingen eindigen in het collectieve verlangen naar onafhankelijkheid.

In PNV-kringen is men ervan overtuigd dat de regering-Aznar ervan uit gaat dat het Baskische probleem vanzelf oplost zodra de Eta is verslagen. Ardanza gelooft niet in die analyse. Nu hij op 25 oktober verkiezingen heeft uitgeschreven in Baskenland en hij daarna afscheid neemt van de politiek, wil hij de resterende maanden benutten om geschiedenis te maken met zijn poging de Eta over de streep te trekken. Dat Madrid niet staat te juichen, verbaast niemand in Baskenland. “Wordt het een mislukking dan zal dat afgestraft worden in de stembus en dat is het laatste wat Aznar wil”, aldus een PNV-zegsman.

Waarom dan niet wachten tot na de verkiezingen? Zinloos, is de Baskische repliek, want volgend jaar zijn er in Spanje gemeenteraadsverkiezingen en Europese verkiezingen en als dat achter de rug is, zijn de parlementsverkiezingen in 2000 in aantocht waarmee Aznar zijn mandaat met vier jaar hoopt te verlengen. De vrees voor electorale schade blijft dus groot. Nog afgezien van de vraag of Madrid óóit wil onderhandelen, omdat de centrale regering zich op het standpunt stelt dat met de Eta niet valt te praten. Aznar herhaalde dat standpunt woensdag nog eens na overleg met zijn parlementsfractie: 'Er komt geen dialoog. Wij zullen geen enkele concessie doen aan de Eta want het enige antwoord is dood en verderf.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden