Column

Premier als 'herder van een kudde stekelvarkens'

Premier Mark Rutte naast Angela Merkel. Daarnaast IMF-voorzitter Christine Lagarde en Jean-Claude Juncker (voorzitter van de Europese Commissie).Beeld AP

In tijden van crisis toont zich het ware leiderschap, al moet dat begrip in ons coalitieland altijd met een kleine letter worden geschreven. De beste premiers van dit land - Cort van der Linden, Drees, Lubbers - waren, hoe prozaïsch ook, pragmatische compromissensluiters. Hoe groot is de kans dat de liberaal Rutte tot dit gezelschap toetreedt?

De premier regeert in wat de Chinezen aanduiden als 'interessante tijden' en op basis van een coalitie die in de traditionele verhoudingen voor onnatuurlijk wordt gehouden. Ondanks deze hoge moeilijkheidsgraad heeft zijn tweede kabinet een groot aantal hervormingen in gang gezet en in crisissituaties redelijk trefzeker geopereerd. Met het compromis over de opvang van vluchtelingen demonstreerde het deze week zijn politieke wil de rit tot het voorjaar van 2017 vol te maken.

Dat compromis vertoont een sterk pragmatisch karakter, het sleutelwoord in het optreden van Rutte. Hoe sterk het verlangen op sommige momenten ook is aan leiderschap dat ideologisch uitstijgt boven Haags peil, het zit er door de smalle marges van de positie van de premier niet of slechts mondjesmaat in. Die marges zijn voor hem nog wat smaller dan voor de meeste van zijn voorgangers door de geringe homogeniteit van de coalitie en de noodzaak, als gevolg van de minderheidspositie in de senaat, ook steun daarbuiten te zoeken.

Op eieren lopen
Niet alleen de coalitie bepaalt de marges van de premier, ook diens staatsrechtelijke positie. Anders dan Merkel of Cameron, laat staan president Hollande, is de Nederlandse premier geen regeringsleider die ministers aanwijzingen kan geven of hen de laan uit kan sturen. Zijn macht is een beperkte, hoezeer ook het beeld iets anders suggereert. Daarom was de vraag in het heetste uur van de asielcrisis 'waar is Rutte?' maar betrekkelijk relevant. Uiteraard is er in crisissituaties behoefte aan zichtbaar leiderschap, maar ook dan blijft het voor een premier in ons bestel op eieren lopen.

Niemand heeft de mogelijkheden en marges van de minister-president scherper beschreven dan de staatsrechtsgeleerde A.M. Donner, zowel de zoon als de vader van een minister van justitie. Hij noemde het de voornaamste taak van de premier te voorkomen dat het woord 'onaanvaardbaar' valt 'en niet meer kan worden gesust'. De machinerie van ons stelsel is immers zo, redeneerde hij, dat de macht van elk onderdeel zit in de kracht iets tegen te houden, meer dan in de kracht iets tot stand te brengen.

Daarbij zal de premier zich vaak voelen, schreef Donner, als 'de herder van een kudde stekelvarkens, van wezens die allemaal op de eigen bevoegdheid en vrijheid, op het eigen gelijk en de eigen visie staan en daarom moeilijk bijeen te houden en in dezelfde richting voort te bewegen zijn'.

De opgave die uit deze volzin spreekt, verklaart grotendeels waarom Rutte bij de presentatie van het asielcompromis maar kort de nadruk legde op de nationale (verdragsrechtelijk opgelegde) plicht vluchtelingen op te vangen en uitweidde over de praktische aanpak.

Smeulende realiteit
Tegen het gangbare beeld van nuchterheid in, beschreef socioloog J.A.A. van Doorn Nederland als 'een kruitvat dat door de overheid bij voortduring nat moet worden gehouden'. Rutte onderkent die smeulende realiteit in dit land beter dan VVD-fractieleider Zijlstra, die vorig weekend de driften in de samenleving aanwakkerde door het vluchtmotief van de asielzoekers in twijfel te trekken. Mijn indruk is dat hij daarmee zijn kansen op opvolging van Rutte als aanvoerder van de VVD heeft vergooid.

Zijn opmerkingen over ooglidcorrecties en borstvergrotingen als vluchtmotief waren ver beneden Haags peil en hinderlijk bovendien voor staatssecretaris van justitie Dijkhoff, wiens optreden in de asielcrisis nu juist een verrassende rust en koelbloedigheid laat zien. Een politiek-bestuurlijk talent, deze Dijkhoff, en een bewijs dat het ware leiderschap zich toont als zich een acute crisis voordoet.

De wijze van opereren van Rutte verloopt nog altijd volgens de gewoonteregels van de overlegdemocratie, waarin het midden de logische vindplaats van het compromis is. Hoewel de premier daarin floreert, roept deze vorm met zijn binnenkamers vanouds onbehagen op. Zeker in tijden van crisis, als de polarisatie groeit, is het midden al gauw 'plaats delict' en het compromis verdacht. Is het leiderschap van Rutte sterk genoeg als weerwoord op het populisme, dat ook een behoefte uitdrukt aan een open, directe en ongefilterde democratie?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden