Wereldeconomie

Pre-corona was de schuldenberg al enorm. Wat is de impact van de schuldsom op de wereldeconomie?

In de rij voor een pinautomaat in Cape Town. Opkomende landen als Zuid-Afrika zijn extra kwetsbaar voor een wereldwijde economische crisis.Beeld REUTERS

Om de coronacrisis het hoofd te bieden, sluiten bedrijven en overheden en masse leningen af. Is dat wel zo verstandig, aangezien de schuldsom al historisch hoog was?

De wereld stond nog nooit zo veel bij zichzelf in het krijt als net vóór de coronacrisis. De schuldenlast van bedrijven, overheden en huishoudens bereikte eind 2019 een recordhoogte van 255 biljoen dollar. Dat getal zal dit jaar met ‘ongekende snelheid’ omhoogschieten door al het geld dat overheden lenen om de steunmaatregelen die ze hebben toegezegd waar te kunnen maken, schrijft het Institute of International Finance (IIF) in zijn Global Debt Monitor.

Afgezet tegen de grootte van de wereldeconomie, tegen het wereld-bbp dus, bedroeg de schuld eind ­vorig jaar 322 procent. Dat is een stijging van liefst 40 procentpunt ten opzichte van 2007, net voor de kredietcrisis uitbrak. Het IIF schat dat dit percentage alleen al in 2020 met nog eens 20 procentpunt zal stijgen naar 342 procent. Dat baseert het instituut op de aangekondigde steunmaatregelen van overheden, leen­gedrag van bedrijven in maart en de aanname dat de wereldeconomie met 3 procent krimpt dit jaar.

Opkomende landen

Kwetsbaar zijn vooral de opkomende landen, een lange lijst met namen waaronder Zuid-Afrika, Algerije, de Filippijnen en Polen. Door de dreigende economische crisis halen beleggers het geld dat ze daar uitleenden nu terug. Ze investeren het in veiliger staatsobligaties zoals die van de Verenigde Staten of Duitsland. De opkomende landen zien daardoor de rente in hun land stijgen, en daarmee ook de rentelast. Daardoor kunnen die landen moeilijker aan hun afbetalingen voldoen, waardoor het risico op wanbetaling toeneemt. Met als gevolg dat ze op nieuwe leningen nóg meer rente moeten betalen, wat uiteindelijk tot faillissement van een land kan leiden.

“Daarbij helpt het niet dat veel van de opkomende landen hebben geleend in vreemde valuta, zoals de Amerikaanse dollar”, zegt econoom Bert Colijn van ING. “Maar de dollar is erg in waarde gestegen de laatste tijd, en in vergelijking met de nationale munten van bijvoorbeeld Zuid-­Afrika, Brazilië en Mexico zelfs met meer dan 10 procent.” De waarde van de af te betalen schuld stijgt dan net zo goed mee.

Econoom Bert Colijn: 'In een sterke economie zoals de onze is het niet per se een probleem als de staatsschuld wat oploopt, die komt van relatief lage niveaus'.

In West-Europa, en dan met name bovenin, is de situatie heel anders. Landen als Nederland en Duitsland hebben hun staatsschuld goed binnen de perken weten te houden de laatste jaren. Daardoor is er nu ook ruimte om de economie te hulp te schieten, zegt Colijn. “In een sterke economie zoals de onze is het niet per se een probleem als de staatsschuld wat oploopt, die komt van relatief lage niveaus.” Colijn zegt dat zelfs een echt hoge schuld niet per se problemen hoeft te geven. “Het kan de economische groei wel op verschillende manieren drukken, maar het is niet direct reden tot paniek.”

Hij wijst naar Japan, dat al heel lang een relatief grote schuldenlast heeft. “Daar heb je geen zorgen over een mogelijk faillissement. Daarbij helpt het wel dat die schuld vooral binnen de eigen landsgrenzen uitstaat, bijvoorbeeld bij pensioenfondsen. En dat de Japanners zelf hun ­eigen monetaire beleid kunnen voeren.”

Beeld Sander Soewargana

Onbezorgd geleend

Het lijkt overigens vreemd dat de mondiale schuldenberg sinds de kredietcrisis zo enorm is gestegen in verhouding tot de grootte van de ­wereldeconomie. In 2007 ging het immers deels mis omdat er te onbezorgd geleend was. Ten eerste zijn de opkomende landen veel meer gaan lenen sinds 2007, schrijft het IIF. In rijke landen steeg de schuldgraad ook, de schuldlast afgezet tegen de grootte van de economie. Maar dat komt voornamelijk doordat de economieën krompen na de kredietcrisis, zegt Colijn. “Maak je de noemer kleiner in die breuk, dan stijgt het percentage ook. Ondertussen krimpt een uitstaande schuld niet mee met de economie van een land.”

In zijn eigen onderzoek ziet Colijn dat leningen aan huishoudens en bedrijven in de eurozone een stuk minder sterk gestegen zijn na de kredietcrisis.

Lees ook:

DNB-baas Klaas Knot waarschuwt: ‘Mondiale economie kwetsbaar bij langdurig lage rente’

Langdurige lage rente levert veel gevaren op, waarschuwt DNB-baas Klaas Knot.

Tien jaar na de val van Lehman Brothers: wat er (niet) is geleerd van de financiële crisis

Het instorten van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers luidde in 2008 de grootste financiële crisis in sinds de jaren dertig. Staat de wereld er nu beter voor?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden