Prats legt de Spaanse ziel bloot met een zinderende Ibéria

CHRISTO LELIE

klassiek

Jorge Luis Prats

*****

Zondagavond stond het Amsterdamse Concertgebouw voor eventjes onder de zinderende Spaanse zon toen meesterpianist Jorge Luis Prats er de complete 'Iberia' van Isaac Albéniz uitvoerde. In deze twaalfdelige suite karakteriseerde deze Spaanse componist op meesterlijke wijze diverse steden van zijn vaderland. Het werd een spannende muzikale reis langs o.a. Sevilla, Ronda, Málaga, Madrid en Jerez. Een warmere muzikale belevenis lijkt nauwelijks voorstelbaar.

In de serie Meesterpianisten, die dit jaar zijn zesde lustrum viert, werd deze cyclus, een van de allermoeilijkste composities uit de pianoliteratuur, niet eerder integraal gespeeld. De warmbloedige virtuoos Prats, half Cubaan, half Spanjaard, bleek de ideale pleitbezorger voor deze verrukkelijke muziek. Hij liet met zijn sensationele pianotechniek deze zuidelijke muziek gloeien, brullen, dansen, huilen en lachen, altijd smaakvol en evenwichtig.

Als Prats applaus afneemt en toegiften speelt komt hij over als een muzikale clown. Des te opvallender waren de toewijding, verstilling en lyriek waarmee hij de vanaf het sfeervolle 'Évocation' de Spaanse ziel van deze muziek blootlegde. Maar Prats zou Prats niet zijn als hij daarnaast niet de dansante, humoristische delen van 'Ibéria' op extraverte wijze in het Spaanse zonlicht zette. Sterke punten waren verder de ritmische vrijheid en zijn kolossale maar altijd plastische, oer-zangerige toon. Alleen in 'El corpus en Seville' raakte Prats kortstondig de technische controle kwijt; vermoedelijk was een onder zijn machtige aanslag bezweken toets de oorzaak.

Wie zocht naar de rauwe, Moors aandoende zigeunerzang, met de karakteristieke Arabische toonladders en smartelijke uithalen, was aan het verkeerde adres bij Albéniz. Want de van huis-uit Catalaanse componist baseerde zich in zijn harmonieën en ritmiek meer op de autochtone Spaans-Andalusische dans- en liedvormen dan op flamenco zoals we die in Andalusië kennen.

Toegiften leken na de oprichting van dit Spaanse monument overbodig. Maar het publiek reageerde zo enthousiast dat Prats wel moest. Flets tegenover Albéniz stak een (eigen?) bewerking af van 'Les feuilles mortes', en daarna volgde de voor Prats onvermijdelijke Mazurka van zijn landgenoot Lecuona, waarin de Cubaanse pianogigant voortdurend in octaafglissandi over de toetsen veegt, als waren zijn kolenschoppen van handen stofdoeken.

Jorge Luis Prats

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden