Praten over ’spreken over God’ heeft geen enkele zin

’Spreken over God’ staat vandaag op de agenda van de synode van de Protestantse Kerk in Nederland, want het spreken over God bevindt zich in een crisis. Ietsisme en esoterie kloppen aan de poorten van de kerk, klassieke uitspraken over God blijken steeds moeilijker uit te spreken en de plurale samenleving veroorzaakt zo’n meervoudig spreken over God, dat de gelovige door de bomen het bos niet meer ziet. Tijd dus om orde op zaken te stellen.

In een kerk die zichzelf afhankelijk heeft gemaakt van het Woord en dus van taal, een vanzelfsprekende gang van zaken. Strikt genomen zijn de protestantse kerken contractkerken. Hoe er over God gesproken wordt, ligt besloten binnen het contract van de belijdenis. Mensen worden lid door met deze belijdenis in te stemmen. Nu biedt een contract maar weinig interpretatieruimte. Als alles over God kan worden gezegd, wordt er uiteindelijk niets meer gezegd. Het spreken over God moet dus in zekere zin worden bewaakt. Daarmee is niet de veelvoud van uitspraken over God die de protestanten bedreigt. Het is de dreigende betekenisloosheid van de woorden en dus ook van het woord ’God’, die de bijl vormt aan de wortel van het protestantisme.

Ik snap de protestantse bezorgdheid wel. Ik heb zelf weinig met ’God als diepste bron van je innerlijke zelf’ en nog minder met de uitspraak dat God niet bestáát, maar God gebéurt. En ik heb nog wel het minst met mensen die met een gereformeerderige halsstarrigheid ervan overtuigd zijn dat God überhaupt niet bestaat, terwijl ze dertig jaar geleden – even recalcitrant – overtuigd waren van het tegenovergestelde. Enige ordening en kritische reflectie kan dus geen kwaad.

Toch denk ik dat het geen enkele zin heeft om te gaan praten over het ’spreken over God’, simpelweg omdat ik niet geloof dat dit spreken zich in een crisis bevindt, die groter zou zijn dan voorheen. Spreken over God gaat altijd gepaard met crisis. Crisis is de natuurlijke habitat waarin het spreken over God plaatsvindt. En als die crisis nog niet bestaat, mag je hopen dat het spreken over God die crisis veroorzaakt.

De werkelijke crisis in het spreken over God bestaat pas dan wanneer God en crisis uit elkaar worden gehaald. Wanneer er veilig over God gesproken kan worden, wanneer soldaten ’Gott mit uns’ op hun koppel gaan dragen, wanneer een politicus – inmiddels salonfähig – voor veel christenen God lijkt te willen redden door een pleidooi te voeren voor de joods-christelijke traditie. Op zo’n moment is het voor de kerk alle hens aan dek. Maar dan moet er niet worden gepraat over het spreken over God, maar dan moet het gaan over de mens. En heel protestants: dan moet het gaan over de taal van de mens. Over de macht van woorden, over de haat die taal kan zaaien, over de pijn die woorden kunnen aanrichten, over de vernietigingskracht die taal kan ontketenen. Wanneer er ’veilig’ over God gesproken wordt, moet de kerk op haar hoede zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden