Reisverslag

Praten met de laatste Lipowanen in de Donau-delta.

null Beeld George Harinck
Beeld George Harinck

Voor een IKON-documentaire en een boek maakt historicus George Harinck een reis om de Middellandse Zee met als reisgids Abraham Kuypers. Hier doet hij verslag van zijn belevenissen.

20 november 2014
Aan de straat, vernoemd naar Carmen Sylva, staat het Grand Hotel du Boulevard waar Kuyper in Boekarest verbleef. Het staat er nog, maar wordt gerenoveerd - ons hotel is een paar honderd meter oostelijker de boulevard af. Daar tussenin ligt het oude centrum van Boekarest, één groot Rembrandtplein van cafe's en bars, maar dan nog slonziger.

Daar staat ook het grote postkantoor dat Kuyper bewonderde en dat nu het Historisch Museum huisvest. Er is een tentoonstelling over Koning Carol en de in deze jaren onvermijdelijke Eerste Wereldoorlog-expositie, deze gaat over de twee neutrale jaren van Roemenië (1914-1916), voor het land zich aan geallieerde zijde schaarde - wat gegeven een koningshuis met Duitse wortels toch verrassend was.

Westelijker aan diezelfde boulevard ligt het sleetse gebouw van het nationaal archief. Daar gaan wij deze ochtend in de regen naar toe. Op Peles kasteel hoorden we dat koning Carol dagboeken bijhield. Nu ben ik benieuwd of deze dagboeken er nog zijn en vervolgens of Carol iets heeft geschreven over Kuypers bezoek van dinsdag 17 oktober 1905.

Van fixer Mihai had ik al begrepen dat er iets gevonden was - hij had voorwerk gedaan. Via de inventaris - doorgeslagen typemachinevellen - vinden we de dagboeken. Ik ga in de verouderde studiezaal zitten en al spoedig worden mij twee stukken gebracht: het dagboek van 1905 en een brief van de koning aan zijn zus Marie die getrouwd is met de broer van koning Leopold II van België en wier zoon Albert I is.

In het dagboek wordt Kuyper inderdaad genoemd, al is het zinsverband onleesbaar en weet ik dus nog niet wat hij over hem zegt. Maar de brief is getypt en bevat enkele zinnen over hun onderwerp van gesprek: Nederlands Oost-Indië en de noodzaak voor Nederland om zich omwille van de bescherming van de kolonie te alliëren, hetzij met Japan hetzij met de VS. Duidelijk is dat Carol Kuypers bezoek interessant vond, zoals ook Kuyper dat vond.

Het regent nog steeds, maar we bijten door en na de lunch filmen we op straat, bij het concertgebouw en op en om het station. We zijn blij als we in het hotel zijn, waar we opdrogen en opwarmen.

21 november
Na nog wat straatopnamen in nog steeds regenachtig Boekarest ga we naar het Elisabeth paleis, waar prins Radu woont en we een interview met hem hebben over Carol en Carmen Sylva en het huidige koningshuis.

Het paleis is eenvoudig, we zitten in een lage kamer met weinig aantrekkelijke meubels en Spachtelputz op de muur. Aan de wand hangen schilderijen van leden van het koninklijk huis. Dat zijn er niet zo veel en vooral Carol en Carmen Sylva hangen er daarom in meer uitvoeringen.

Is dit een koningshuis? De prins bevestigt wat Kuyper al schreef: dat Carol en Carmen Sylva een uitzonderlijk vorstenpaar vormde, dat Roemenië de moderne tijd in heeft geloodst. Carol heeft het land al zijn democratische instituties gegeven en was eerst gezaghebbend als een moderne staatshervormer voor hij dynastiek de positie van zijn vorstenhuis zeker stelde.

Radu draaft door als hij Carmen Sylva de moeder van de Europese gedachte noemt, maar hij weet handig hun talenkennis en hun streven verschillende etnische groepen met elkaar te laten samenleven te verbinden aan moderne Europese idealen.

Kuyper roemt ook het Roemeense vermogen tot assimilatie: het opnemen van heterogene elementen van buiten in de eigen cultuur zonder identiteitsverlies. Maar hoe dan ook, het koningspaar was niet alleen het beginpunt maar tevens het hoogtepunt.

Dat is vandaag het probleem: Carol en Carmen Sylva worden nog hoog geëerd, maar de actuele relevantie van het huis lijkt afwezig, hoezeer de prins ook probeert duidelijk te maken dat Roemenië constitutioneel een republiek heeft, maar voor zijn identiteit aan het koningshuis hangt.

Daarvan blijkt in de politieke werkelijkheid weinig tot niets, ook al zocht de zondag verkozen presidentskandidaat Klaus Johannis na de uitslag onmiddellijk contact met koning Michael - uit beleefdheid denk ik.

We rijden in de regen en de vallende duisternis naar Galati door armoedig Oost-Roemenië.

22 november
Vanuit het hotel in Galati zie ik een brede Donau - tot hier kunnen zeeschepen komen. Er staat hier een Nederlandse scheepswerf, de grootste van Roemenië. We rijden in een kwartier naar de grens met Moldavië, waar we na een half uur door zijn.

De weg loopt een kilometer door dit land, om dan in Oekraïne verder te gaan. Op dit stukje nemen we bij een tankstation afscheid van fixer Mihai en stappen over in het busje met chauffeur Alexi van fixer Irina.

De grensovergang naar Oekraïne kost ons drie uur. Kuyper ondervond de hinder om deze oostgrens van Roemenië (toen naar Rusland) te passeren, ook vanwege de wisseling van spoorwagon, wegens afwijkende spoorbreedte. Maar hij kreeg er een buffet, dat degelijk Russisch was, beter dan hij in Roosendaal gewend was bij de Belgische grens.

Het is hier zenuwachtigheid van een land in staat van oorlog en bureaucratie wat de klok slaat - brieven in het Engels die door Irina ter plekke in het Russische vertaald moeten worden, papier dat voorzien moet worden van het IKON-logo, door Martin van het internet te halen. Er is geen stromend water, geen koffie, niets en het is koud. De Donau rechts van ons stroomt ondertussen door.

We rijden over matige wegen naar Izmail, wel in een waterig zonnetje. Het land lijkt er beter aan toe, georganiseerder in elk geval dan Oost-Roemenië. Na de lunch aldaar is het tegen vier uur en zet de schemering in. Het zwaarste stuk komt nu, over slechte wegen, eerst de hoofdweg richting Odessa (om de slechtste weg te vermijden) en dan rechts af naar Vylkove, aan de uiteinden van de Donau-delta.

De hoofdweg bevat gaten van wel 10 centimeter diep en auto's voor ons maken de vreemdste bewegingen om in het donker die gaten op de onverlichte weg te vermijden, half door de berm soms, of over de andere weghelft. De auto moet vaak bijna stoppen om een doorgang te zoeken.

Dit is de hoofdweg naar Odessa, maar op de zijweg naar Vylkove wordt het nog veel erger. Daar lijkt het of er asfalt is gelegd op een niet alleen onverharde, maar ook ongeëgaliseerde weg, die soms meer van een pad heeft. Het is stikdonker en er zijn nauwelijks andere weggebruikers.

Buiten is het koud, maar binnen wordt door ons een pittig gesprek gevoerd met de Oekraïense chauffeur (geboren in Donetsk, nu wonend te Odessa) die zijn handen vol heeft aan de weg, maar ook graag wil weten hoe wij over de binnenlandse oorlog met de republiek Donetsk denken.

We geven via tolk Irina onze min of meer westerse blik (Donetsk is opstandig, Rusland moet zich er buiten houden, eerst staakt het vuren, dan referenda). Die deelt hij niet. Hij verdedigt het standpunt van Donetsk, waarvoor zijn oude buren, klasgenoten en vrienden nu vechten.

Hij vindt dat West-Oekraïne (Kiev) het oosten slecht heeft behandeld, er komt geen Europees geld naar dit gebied (de politici hebben het in hun zak gestoken in plaats van in deze wegen), de regering daar is niet door het oosten gekozen, het oosten wil zelfstandig.

Maar ze horen toch bij het land? Wie zijn de Oekraïners, vragen we. Zijn er wel echte, is het antwoord, wij zijn Russisch, in de Karpaten zijn ze Hongaars en in het westen Pools. Het probleem is dat Oekraïne als zelfstandige natie te veel een constructie is.

Je ziet heel goed wat Carol en Carmen Sylva ten goede voor Roemenië hebben gedaan: ze hebben er één natie van gemaakt. Zo'n samenbindende kracht ontbreekt hier. De toestand is dus tamelijk hopeloos, maar wordt nog hopelozer, vooral voor Donetsk, als de eenheid van het land breekt. Donetsk heeft onvoldoende macht (politiek, economisch) om op eigen benen te staan, en wordt een vazal van Rusland.

Dan beginnen we over de MH17. Zijn visie is dat het vliegtuig 200 km ten westen van de rampplek (lees: door Oekraïne) uit de lucht is geschoten. Dat van die kilometers is onzinnig en we staken de discussie dus maar.

Later die avond vraagt Martin zich af: is dit een goed geïnformeerde chauffeur of iemand die door de staat met ons is meegestuurd om een oogje in het zeil te houden? We komen licht geradbraakt aan. Ons pension is pover, maar warm.

undefined

23 november
We staan voor acht uur bij de Orthodoxe Kerk van de oudgelovigen. Ik ga er in, een twintigtal vrouwen staan in de kerk, steken kaarsen aan.

Achter de iconen hoor ik opeens de priester en dan weer wordt er gelezen voor de iconenwand, door vrouwen, of geantwoord door de gelovigen of gezongen. Vaste teksten, lijkt het, in het aangezicht van de Heilige. Of aangezicht, het altaar is verborgen achter een iconenwand.

De iconen en de symbolen zijn het lichaam voor de ziel van de zaak, zegt Kuyper. Ziel en lichaam zijn direct op elkaar betrokken, er is dus wel een relatie, maar die wordt toch vooral mystiek beleefd. De Geest is belangrijk, meer dan de Zoon - het filioque uit Sicilië keert hier weer terug: de geest is uit de vader, maar volgens de orthodoxen niet uit de zoon.

Daarmee vervalt volgens Kuyper het historisch karakter van het christendom, de veranderlijkheid, het besef van ontwikkeling, de noodzaak tot reflectie op wat het geloof in je leven betekent (daarom ook geen preek).

In de orthodoxie draait het om de Geest en die komt van buiten de geschiedenis in, breekt in als het ware, onverwacht en totaal. Daar wachten de gelovigen op.

De filmploeg mag toch de kerk niet in, blijkt nu. Dan naar een andere orthodoxe kerk, niet die van de oudgelovigen. Hier is de dienst aan het beginnen, er worden teksten gelezen en er wordt gezongen en ik hoor de priester een keer iets zeggen.

Hier filmen we met de kleine camera, tot ons gevraagd wordt er mee op te houden. Je komt hier alleen - ik zag geen gezinnen of echtparen komen - en je bent er alleen. Je steekt je kaarsjes aan, doet iets bij de iconen en gaat weer. Men loopt in en uit, alsof er geen begin en eind van de dienst is.

De overgave is soms van de gezichten af te lezen, de routine ook. De kerk is met goud en kaarslicht intiem en glanzend. De derde kerk die we bezoeken is bevolkt door mannen en we worden bij de deur door hun ogen naar buiten gekeken.

Dan gaan we naar een oudgelovige die ons naar de eilanden brengt waar de oudgelovige groep Lipowanen eens woonde - nu woont er nog een familie permanent. Oudgelovigen geloven nog hetzelfde als toen in 988 het christendom hier gebracht werd.

Onveranderlijkheid of continuïteit is het kenmerk van het geloof. Alles moet blijven zoals het eenmaal geschonken is - er is geen historische ontwikkeling. De oudgelovigen - ook de groep Lipowanen die wij bezoeken in Vylkove - werden door Kuyper bewonderd om hun standvastigheid op dit punt, al was hij het met hen oneens.

Maar de man die ik interview moet bekennen dat die standvastigheid verdwenen is. De groep heeft zich aangepast en eigenlijk is de groep ook verdwenen. Wij praten met de laatste Lipowanen die na eeuwen nog overgebleven zijn in de Donau-delta. Hij treurt daarover, maar de ouderen hebben zich aangepast en de jongere generatie is er niet meer.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden