Praagse kunst liet zich door Parijs sterk domineren

Zo pover als het kunstklimaat er tegenwoordig is, zo veelzijdig en geïnspireerd ging het er een kleine eeuw geleden aan toe in de Tsjechische hoofdstad Praag. Net als nu lag de stad weliswaar aan de periferie van het kunstgebeuren in Europa, maar er bestond een algemene wens om op elk niveau aan de toen nog zo prille vormen van de moderne kunst mee te doen.

Kunstenaars die elkanders streven deelden, zochten samenwerking door zich groepsmatig te manifesteren of reisden naar het buitenland om zich onder te dompelen in de nieuwste stromingen. Het typeert de Praagse schilderkunst van die jaren dat er in dat streven naar vernieuwing van de schildersidentiteit geen enkele schilder is geweest die een leidende rol heeft gespeeld.

Het ontbreken van zo’n leidersfiguur, heeft er voor gezorgd dat de Tsjechische schilderkunst uit de eerste decennia van de 20ste eeuw nog voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog een zachte dood is gestorven.

De afwezigheid van een dominante figuur wreekt zich ook op de tentoonstelling ’Praagse schilderkunst 1890-1939’ in het Drents Museum in Assen. Daar dringt zich onmiskenbaar een vergelijk op met de schilderkunst uit dezelfde periode, maar dan uit Finland. Een expositie over deze Finse kunst is momenteel te zien in het Haags Gemeentemuseum.

De situatie in beide landen komt zo sterk overeen dat het een verleidelijke gedachte vormt om Helsinki met Praag te vergelijken. Finland werd net als het Tsjecho-Slowakije van destijds door sterke buren gedomineerd met als gevolg dat de schilders er op uit waren in hun werk een ’nationale identiteit’ te creëren.

Finland kende minstens één schilder die daarvoor alle kwaliteiten bezat die men zich maar kon wensen. Dat was Akseli Gallen-Kallela.

Hij doorkruiste in wisselende jaargetijden zijn eigen land op zoek naar interessante motieven, maar bestudeerde ook volkskunstige motieven, die in de eigen literatuur (met name de Kalevala) waren aangedragen. In Tsjechië bood Haseks brave soldaat Svejk misschien een welkom opstapje, maar een echte inspiratiebron zou dit boek niet worden.

Opvallend is ook dat elke Scandinavische schilder (en de Russen incluis) minstens eens in zijn leven een reis naar het platteland maakte om daar naar zijn roots te zoeken. De Tsjechen schilderden dan wel het landschap maar verbonden daar geen nationalistische overwegingen aan. Voor hen bezorgden de bossen of het ongerepte platteland, anders dan de Denen, Finnen of Russen geen natuurbeleving. Wel werd het landschap een decor voor een wel heel sombere levensverwachting. Uitgesproken pessimistische symbolisten waren Maximilian Pirner (1854-1924) en Karel Masek (1865- 1924), de laatste een navolger van de Franse post-impressionisten Seurat en Signac.

Nee, de rijkdom van het Praagse schildersklimaat werd vooral geëtaleerd op die punten waar men liet zien dat men goed op de hoogte was van wat er zich in het buitenland (lees Parijs) afspeelde.

De beroemdste Tsjechische kunstenaars verwierven faam in het buitenland waardoor ze in alle standaardwerken over de moderne kunst werden opgenomen. Dan valt allereerst de naam van Alphonse Mucha (1860-1939) die niet in Praag maar in Parijs de belichaming van de art nouveau werd. Maar ook Frantisek Kupka (1871-1957) groeide in het westen uit tot een der grondleggers van de abstract concrete (constructivistische) kunst.

Museumdirecteur Tomas Vlcek van het Nationaal Kunstmuseum in Praag die deze tentoonstelling heeft samengesteld, kon echter niet over sleutelstukken van deze Tsjechen beschikken (hij putte nagenoeg geheel uit de eigen collecties van zijn museum). In ieder geval staan Mucha noch Kupka centraal, naar omvang noch naar in kwaliteit.

Het is alsof Vlcek steeds wil zeggen dat het artistiek klimaat in zijn stad een optelsom van uiteenlopende individuen is waarin slechts weinigen echt komen bovendrijven. In zijn ogen is dat bijvoorbeeld de schilder Emil Filla (1882-1953) die als vluchteling enige tijd in Nederland doorbracht waar hij contacten onderhield met Theo van Doesburgh.

Filla, die een bijdrage voor het tijdschrift De Stijl leverde, was op zich een interessante schilder. Hij is er echter nooit in geslaagd om zoals Mucha of Kupka wel deden, een stijl of een beweging naar zijn hand te zetten. Typerend voor Filla en trouwens voor nog heel wat Tsjechen is dat ze buitenlandse ontwikkelingen als een spons opzogen om er vervolgens volstrekt kritiekloos mee om te gaan.

Vaclav Radimsky was zo onder de indruk van de Franse impressionist Claude Monet dat hij landschappen ging schilderen die niet van die van zijn grote voorbeeld waren te onderscheiden. Radimsky (1867-1946) ging zo ver in zijn bewondering voor de grote impressionist dat hij zijn atelier vestigde pal tegenover dat van zijn grote voorbeeld in het Normandische Giverny.

Pas in 1915, toen Monet allang door de fauvisten en expressionisten was afgetroefd, kon Filla hem ook loslaten.

Andere schilders bleken op het juiste moment met de juiste wind te kunnen meewaaien. Frantisek Janousek (1890-1943) schilderde abstract-surrealistisch als Max Ernst, Jiri Kars maakte het helemaal bont door onbeperkt meesters als Cézanne, Le Fauconnier, Rouault en Matisse te citeren, terwijl Frantisek Kobliha zich als een adept van Gustave Moreau of Odilon Redon aandiende.

Van een eigen identiteit in de Praagse schilderkunst was dan ook nauwelijks sprake, ook al wil Vlcek dat aantonen door te wijzen naar de eigen interpretaties die de Tsjechen ten aanzien van het kubisme koesterden. Voor hen opende het kubisme het uitzicht op de abstracte kunst, anders dan Picasso die deze conclusie nooit uit zijn kubistische ontwikkeling heeft getrokken.

Een schilder als Mondriaan in zijn Parijse periode deed dat echter wel en met hem is er ook in Praag niemand te vergelijken. Eén schrale troost: Kupka schiep een van de allereerste abstracte schilderijen. In Parijs, dat wel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden