Portret/Op een essay kun je Geert niet betrappen

Wie is Geert Wilders? Niet alleen de peilingen, die zijn partij in oprichting inmiddels tussen de vijftien en vijfentwintig zetels toedichten, rechtvaardigen die vraag. De VVD lijkt door de electorale bedreiging aan de rechterkant ten prooi gevallen aan hevige interne twijfel. Gaat er wel eens een week voorbij dat de Tweede Kamer niet over Wilders spreekt?

Het laatste wat je Geert Wilders kunt verwijten, is dat hij meehuilt met de wolven in het bos. De politicus die al enige tijd met de dood wordt bedreigd, zware bewaking krijgt en op een geheim adres overnacht, vroeg al in 1999 -ver vóór Fortuyn en 11 september- aandacht voor de gevaren van het moslimextremisme.

Aan de toenmalige minister van buitenlandse zaken, Jozias van Aartsen, stelde hij kamervragen waarop overigens pas na de aanval op het World Trade Center een antwoord kwam.

De boze dreigbrieven en telefoontjes zijn voor Geert Wilders (41) geen nieuwe verschijnselen, want tijdens Paars-II zocht hij graag en vaak de confrontatie, vooral met coalitiepartners PvdA en D66. Zo vond Wilders dat mensen met psychische klachten niet in de WAO thuis hoorden en dat alle WAO'ers een herkeuring moesten krijgen. Als dat niet zou helpen, dan moesten duur en hoogte van de WAO-uitkering worden aangepast.

De andere partijen waren furieus. ,,Ik heb nog nooit zo'n asociaal voorstel gehoord'', kon D66-kamerlid Schimmel met moeite uitbrengen. De toenmalige PvdA-leider Ad Melkert noemde Wilders naar aanleiding van zijn WAO-voorstel gepikeerd 'die wildebras van de VVD'. Inmiddels is de WAO flink aangepast, mensen met psychische klachten komen er bijna niet meer in: Wilders kan een vooruitziende blik niet worden ontzegd.

Wilders maakte zich in die pre-Fortuyn-tijd nog geen zorgen over de heftige reacties van burgers. De tien à vijftien brieven per dag vormden soms een aaneenschakeling van scheldwoorden. Deze brieven beantwoordde Wilders telefonisch, want dan kon hij zijn standpunt beter uitleggen. Niet dat zij na het gesprek als vrienden uit elkaar gingen, maar dan waren de misverstanden volgens Wilders wel de wereld uit. De felle reacties van collega's vond hij alleen maar leuk. ,,Het maakt het debat wat levendiger'', zei hij ooit in een interview met Trouw.

Sinds hij in 1998 voor de VVD in de Kamer verscheen kreeg hij snel de sticker van rechtsbuiten opgeplakt. Samen met Pieter Hofstra (op gebied van verkeer) en Henk Kamp (asielzoekers) zocht hij de grenzen op van het Paarse regeerakkoord. Door zijn opvallende haardracht -gebleekt en achterover geföhnd- en zijn stevige oneliners verzamelde hij ook een keur aan bijnamen. 'Blonde Dolly', 'Mozart', 'Amadeus' of 'de Leeuw van Venlo' zijn enkele van de meer vriendelijke benamingen.

De in Venlo geboren liberaal was ook niet te beroerd om coalitiepartner PvdA te bestoken met de ontkoppeling van lonen en uitkeringen. Het mechanisme dat uitkeringen meegroeien met de cao-lonen is een oud twistpunt tussen de linkse partijen en de VVD. Mensen met uitkering hadden volgens Wilders een prikkel nodig om weer aan het werk te gaan. ,,We moeten niet zo dogmatisch doen over de koppeling'', zei hij luchtig in de Kamer.

Daarnaast jaagt hij de PvdA ook de gordijnen in met een voorstel de twee jaar durende ontslagbescherming van zieke werknemers te beëindigen. Wilders zoekt hiervoor met succes steun bij CDA en D66.

De Limburger maakte zich in 2001 nog minder populair bij zijn vrienden van de PvdA toen hij de positie van de vakbeweging ter discussie stelde. De rol in het Nederlandse poldermodel voor de bonden vond hij 'buitenproportioneel groot'. In het permanent overleggen en de bijna dwangmatige behoefte om overal maatschappelijke consensus over te bereiken, zag Wilders een bedreiging voor de dynamiek van economische activiteiten. De houding van de vakbeweging die wil vasthouden aan haar machtspositie terwijl nog maar een kwart van de werkende bevolking lid is, noemt Wilders regentesk.

Rond die tijd loopt wel het tweede Paarse kabinet op zijn laatste benen, maar is Pim Fortuyn nog lang niet in beeld als aanvaller van het politieke establishment. Mark Verheijen herinnert zich hoe vaak Wilders in die jaren zijn hart bij hem uitstortte over de gesloten manier waarop de politiek in de Tweede Kamer reilde en zeilde.

Verheijen is VVD-fractievoorzitter in de gemeenteraad van Venlo en trok tijdens de paarse periode veel met Wilders op. ,, Geert ergerde zich mateloos aan de manier waarop in de VVD-fractie alles gecontroleerd werd. Alle kamervragen moesten via het fractiebestuur. Hij vond dat hij door grijze muizen werd ingekapseld en dat de middelmaat regeerde. Geert was er diep ongelukkig mee dat de fractietop zo aan de band van het kabinet liep. Hij verafschuwde het torentjesoverleg, omdat dit hem in zijn werkdrift beperkte.''

In interviews geeft Wilders onomwonden toe dat hij in zijn jeugdjaren een lastpak voor zijn ouders en docenten was. Op de mavo en havo van het Sint Thomascollege in Venlo deed hij alles om de lessen te verstoren. Politiek bewust was hij zich in zijn tienerjaren niet, dat kwam pas nadat hij na zijn examen op achttienjarige leeftijd naar Israël vertrok om daar in een broodfabriek te werken.

Wilders raakte vanaf dat moment in de ban van het Midden-Oosten en bracht in latere jaren aan bijna landen in die regio een bezoek. De kiem voor de vergaande standpunten over de politieke islam ligt volgens Wilders in de kennismaking met de onderdrukkende regimes in het Midden-Oosten.

Lange tijd heeft de Limburger nooit de behoefte gehad om zich bij een politieke partij aan te sluiten. Dat verandert pas als hij vanaf 1986 bij de inmiddels opgeheven Sociale Verzekeringsraad (voorloper van college van toezicht sociale verzekeringen) werkt. Hij ergert zich aan de sociale partners die in zijn ogen een dubieuze rol spelen bij het besturen van Nederland. Hij wordt lid van de VVD en solliciteert in 1990 naar de vacature van beleidsmedewerker van de kamerfractie van die partij.

De VVD-kamerleden Hans Dijkstal en Robin Linschoten nemen hem aan voor sociaal-economische kwesties. Als beleidsmedewerker behoorde hij al snel tot het zogenoemde 'klasje van Bolkestein': jonge medewerkers die met de toenmalige fractieleider brainstormden over onderwerpen die op de agenda moesten komen.

Hij schreef ook regelmatig de, soms scherpe, toespraken van Bolkestein. Linschoten: ,,Ik vond hem een groot talent. Harde werker, snelle jongen, aardige kerel. Wij waren destijds zeer tevreden over hem. Hij wist de standpunten geprononceerd voor het voetlicht te brengen. Dat viel op. Daar hield ik wel van.'' In 1994 werd Linschoten staatssecretaris. Twee jaar later struikelde hij over de wanorde bij het college toezicht sociale verzekeringen. Binnen de VVD laat hij zich echter nog steeds nadrukkelijk gelden.

VVD-kamerlid Fadime ürgü leerde Wilders in 1998 kennen toen ze allebei kamerlid werden én samen woordvoerder op sociaal-economisch terrein. ,,We waren het eigenlijk altijd met elkaar eens. We werkten plezierig samen. Ik vond hem zeker niet extreem.''

Echt ruzie binnen de fractie maakte Wilders twee maanden voor de kamerverkiezingen van mei 2002. In de fractievergadering viel hij lijsttrekker Dijkstal frontaal aan over zijn zielloze aanpak van Fortuyn. Op dat moment had Dijkstal hem al op de dertigste en bijna onverkiesbare plek gezet.

Dijkstal zegt nu niet meer terug te willen blikken op die periode. Hij ervoer het wel als een ongelukkige tijd. ,,Wilders vond met enkele anderen dat ik een rechtsere koers moest varen in de campagne en dat ik me moest uiten in Jip- en Janneketaal. Ik voelde daar weinig voor. Terugblikkend kan ik zeggen dat ik met opgeheven hoofd de politieke arena heb verlaten en tegelijkertijd constateer ik dat momenteel de samenleving zeer veel onrust kent.''

Over de Wilders van nu kan hij niet veel zeggen, maar wel over de Wilders van toen. ,,Het is een groot verschil, dat wel. Hij profileerde zich toen als een liberaal op de rechtervleugel. Samen met hem heb ik nog gewerkt aan een wetsvoorstel om meer migranten aan het werk te helpen en die samenwerking ging uitstekend. Ik merkte ook niets van de ideeën die hij nu heeft.''

Het begin van het einde van Wilders' aanwezigheid in de VVD was het 'tienpuntenplan' dat hij afgelopen zomer samen met zijn collega Gert Jan Oplaat presenteerde. Uit deze opsomming, die zij op persoonlijke titel opstelden, blijkt zonneklaar de richting waarin het ook met zijn Groep Wilders op moet. Turkije niet in de EU, ontwikkelingshulp halveren, maximumsnelheid op snelwegen omhoog en levenslang voor mensen die voor de derde keer een misdrijf plegen.

Voor VVD-kamerlid Fadime ürgü, van Turkse afkomst, is het een keerpunt in de goede relatie die zij met Geert Wilders had. ,,Het tienpuntenplan heeft hij eigenlijk als kapstok gebruikt om uit te partij te stappen. In de fractie had hij ze nooit besproken. Dat werd hem niet in dank afgenomen.''

Robin Linschoten, oud-VVD-kamerlid en oud-staatssecretaris, ziet een andere oorzaak. Hij denkt dat het opvallende optreden van Wilders ook een keerzijde had. ,,Hij stond in de belangstelling van de media, hij kreeg veel publiciteit. In de interne pikorde in de fractie leidde dat tot fricties en jaloezie. Dat is door de politieke leiding onderschat en daardoor slecht gemanaged. Dat tienpuntenplan was niet on-onderhandelbaar. Ik denk dat het daaraan niet lag. Wilders was volgens mij niet echt uit op een confrontatie. In de fractie was echter een dynamiek ontstaan die niet meer te stoppen was. De kwestie escaleerde en het gevolg was dat Wilders opstapte.''

Fadime ürgü zag hem in korte tijd in haar ogen radicaliseren. ,,Hij kwam met die uitspraken 'Hoofddoekjes lust ik rauw' en 'Radicale imams zal ik achtervolgen tot in de holen van Arabië'. Zo kende ik hem niet. Deze uitspraken neigen naar mijn mening naar racisme en xenofobie. Ik heb hem dat ook recht in zijn gezicht gezegd. Als ik hoor wat hij nu allemaal uitkraamt, dan ben ik blij dat hij niet meer bij de VVD hoort. Ik wil daarmee niet geassocieerd worden.''

Fadime ürgü ziet een groot verschil tussen de oud-VVD-leider Bolkestein en Wilders. ,,Bolkestein deed gepeperde uitspraken, maar voerde ook doorlopend gesprekken met moslim-intellectuelen. Hij schreef er boeken over en essays. Daar heb ik Geert nooit op kunnen betrappen.''

Wilders heeft zijn nood geklaagd dat het voor hem vrijwel ondoenlijk is een eigen partij op te richten. Hijzelf krijgt dag en nacht bescherming, moet zich ophouden op schuiladressen en kan nauwelijks een zaaltje huren voor een bijeenkomst. Daarnaast vreest hij dat goede mensen zich niet bij hem willen aansluiten uit vrees voor hun persoonlijke veiligheid of van hun gezinsleden. Robin Linschoten: ,,Dit is buitengewoon betreurenswaardig. Hier wordt de democratie geweld aangedaan.''

Tegelijkertijd ziet hij in dit sombere perspectief een klein lichtpuntje. ,,Stel dat Geert Wilders er over een jaar niet in geslaagd is een eigen partij op te richten. Misschien moeten we dan weer toenadering tot elkaar zoeken. Daarvoor is het nu te vroeg, de wonden zijn te vers. Maar wellicht over een jaar zouden we er wel over kunnen praten. Zo'n man als Wilders moet wel in de politiek blijven. Uiteindelijk staat hij het dichtst bij de VVD.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden