Port en gefrituurde visjes

Bij een port-expeditie door het Dourodal is het slim om de trein te nemen. Weten de expeditieleden inmiddels, nadat ze met de auto gingen....

TEKST JOOST OVERHOFF

Daar waar de Douro-rivier zich verliest in de oceaan, in Vila Nova de Gaia, ligt de port van Dirk van der Niepoort in stilte te rusten. En dat recht tegenover Porto, de stad waar deze heerlijke drank zijn naam aan dankt. We zijn te gast bij een spraakmakende portproducent van Nederlandse komaf.

In de enorme loodsen van Van der Niepoort worden we rondgeleid door Nick Delaforce, een man die een made in England-indruk maakt, maar is geboren en getogen in Portugal. Zijn familie had ooit een eigen portbedrijf, maar gaandeweg is de portwereld steeds meer in handen gekomen van steeds minder grote spelers, waarvan de meeste inmiddels van Engelse oorsprong zijn. Met 'Niepoort', de kleine onder de groten, als buitenbeentje.

In principe lijkt port maken heel simpel: je laat druiven vergisten en gooit er op een gegeven moment naar keuze alcohol bij. Door deze kunstgreep stopt de vergisting van de suikers, met als resultaat een meer of minder zoete wijn. Eenvoudig dus? Integendeel. Het bereiken van verschillende smaken is precisiewerk.

Door de veelheid aan verschillende types lijkt port wel op een jungle. Is dat geen zwakte? Dirk van der Niepoort vindt van niet. Sterker, hij is zelf etikettenkampioen. Naast al die talloze ports maakt hij ook steeds meer 'gewone' wijnen. Daaronder zelfs een rode met de onweerstaanbare naam 'Gestolen Fiets'.

Wat port betreft wijst hij erop dat er los van witte port in feite maar twee soorten zijn: 'Ruby' en 'Tawny'. Ruby rijpt vooral op fles, Tawny op hout. De rest bestaat uit varianten. Ruby (robijnrood) is jolig en fruitig, Tawny (getaand) meer bedachtzaam. In beginsel. Daarna gaat het je duizelen. Is dat erg? Misschien niet. De gewone consument die zegt: 'Doe mij maar een glaasje port' krijgt doorgaans een simpele Ruby voorgezet en is daar tevreden mee, terwijl de echte portfreaks juist genieten van dat oerwoud aan nuances.

Ons gaat het, eenmaal in de auto gestapt, op een andere manier duizelen. Het Dourodal kronkelt, en dat zal je weten. We gaan stroomopwaarts in een land dat bekend staat om zijn roekeloze weggebruikers. Met de trein was het waarschijnlijk mooier, rustiger en veiliger geweest. "De Portugese automobilist wordt wel steeds beter", grijnsde de man van het autoverhuurbedrijf.

Onderweg praten we over de mogelijk heilzame werking van port. Daar werd niet aan getwijfeld door Jeanne Calment, de vrouw die ooit 122 kaarsjes op haar taart had staan. Los van haar onsterfelijke suggestie 'God is me vergeten', schreef ze die hoge leeftijd toe aan een feestelijk drietal: olijfolie, chocola en port.

De rivier wil stroomopwaarts maar nauwelijks smaller worden. En niet zonder reden. Men heeft de Douro getemd door er een aantal dammen in te leggen. Daardoor is aan het portvervoer richting Vila Nova de Gaia per zeilschip abrupt een eind gekomen. Jammer voor de romantiek, maar soms ging het ook wel eens jammerlijk mis waardoor het alcoholgehalte in de rivier aanzienlijk was.

We pauzeren met een karafje wit in het 'Huis van de Visjes'. De gefrituurde peixinhos, kleine visjes uit de Douro die ons worden voorgezet, zijn echter niet zo klein als de naam belooft. Als ware Hollanders laten we daarom de koppen van de visjes maar liggen en zet de ober vervolgens grote ogen op. Zonde!

Het was ook zonde geweest als we de trein hadden genomen, en daardoor dit truckers-tentje hadden gemist. Net zoals we zonder auto niet bij één van Van der Niepoorts quinta's waren gekomen, daar waar de wijnen feitelijk worden gemaakt.

De wijngaarden zijn er in de varianten steil, steiler, steilst. Mede door dat spektakel is het hele productiegebied van de Alto Douro verklaard tot Unesco Werelderfgoed. Bovendien is het er hoog, hoger, hoogst. Dat komt vooral goed uit voor de 'gewone' wijnen, in een gebied waar een zomertemperatuur van 45 graden geen nieuws mag heten.

Voor de portwijnen zweert Van der Niepoort nog bij het traditionele 'treden' van de druivenmassa door mensenvoeten. Aangezien bij het maken van port het contact met de druivenschillen maar kort duurt, moet de kleur voor een groot deel al stampend aan die schillen worden onttrokken. Meer industrieel werkende bedrijven doen dat uitsluitend met machines, maar mensen kunnen het beter. Hygiënisch ingestelde consumenten vinden al die voeten weliswaar geen aantrekkelijk idee, maar worden gerustgesteld door het hoge percentage alcohol. En oudere Nederlanders horen in gedachten een verre echo van Fons Jansen: "Deelnemers aan de kerkelijke voetwassing worden verzocht eerst hun..."

We rijden door naar Pinhão, het centrum van het portgebied. Het mooiste van die plaats blijken de azulejo-tegels van het treinstationnetje. Goed, goed, we hebben het begrepen. De volgende keer doen we het volgens de raad van schrijver José Rentes de Carvalho: per trein.

De Douro in de stad Porto.

Wijngaarden in het Dourodal.

Het Serra do Pilar klooster in Porto.

Rode Port

Lexicon in het kort
Alcohol: ca. 20%

Rubies

Ruby Port basiskwaliteit

Ruby Reserve betere kwaliteit

LBV (Late Bottled Vintage) laat gebotteld / van één jaargang

Crusted hoge kwaliteit / van doorgaans meerdere jaargangen

Vintage vroeg gebotteld / van één bijzonder goede jaargang

Single Quinta Vintage vroeg gebotteld / van één goede jaargang / van één wijngoed

Garrafeira bijzondere tussenvorm / niet te verwarren met dezelfde term voor onversterkte wijn

Tawnies
Tawny Port basiskwaliteit

Tawny Reserve betere kwaliteit

Aged Tawny

10, 20, 30, 40 Years Old met (niet-exacte) ouderdomsaanduiding

Colheita van één jaargang

Info
www.ivdp.pt

www.rvp.pt

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden