Pop-upshops schieten uit de grond

Tijdelijke winkelruimte biedt jonge ondernemer kansen, en moet een vergeten winkelstraat weer laten bruisen

Normaal gesproken staat ze op beurzen, verkoopt ze haar tassenlijn pieterSZoon via de gelijknamige site of bestaande confectiezaken. Maar sinds kort etaleert de dertigjarige Jennifer Pietersz haar zelfgemaakte leren buidels in een eigen zaak in hartje Amsterdam.

Aan de 24 vierkante meter grote ruimte in de Berenstraat, een onderdeel van De Negen Straatjes in de grachtengordel, trekt kapitaalkrachtig publiek voorbij. Enorme weelde, maar voor slechts twee weken. Daarna verdwijnt haar pop-upstore, en moet Pietersz ruimte maken voor een andere ondernemer.

Pandeigenaar Robert Holshuijsen (53) bedacht vier jaar geleden dat hij zijn woonkamer tijdelijk beschikbaar wilde stellen aan ondernemers als Pietersz. Minimaal een week en maximaal twee maanden, zodat hij er ook nog over kan beschikken. Zelf deed hij weinig met de ruimte. Holshuijsen: "Er stonden wat fietsen in de woonkamer. Hartstikke zonde, want de hele Berenstraat zit vol met winkels. Als je niet meedoet, laat je geld liggen."

Tijdelijke winkels of zogenoemde pop-upstores zoals die van Holshuijsen zijn sinds de crisis een veelvoorkomend verschijnsel, zegt Bob de Vilder van de Europese leegstandbeheerder Camelot. "Vier jaar geleden hadden we het hooguit twee keer per jaar over pop-upstores, maar tegenwoordig is de vraag naar tijdelijke ruimtes zo groot, dat we er wekelijks mee bezig zijn."

Exacte cijfers over de Nederlandse markt ontbreken, maar wereldwijd is de groei goed zichtbaar. Waar tien jaar geleden nog geen euro omzet werd gedraaid met pop-upstores, ging er volgens onderzoek van de Amerikaanse website Retail Customer Experience vorig jaar zeker 6,1 miljard euro in om.

Volgens De Vilder heeft de opmars van pop-upstores alles te maken met de benarde situatie waarin de retailbranche verkeert. Steeds meer winkelcentra kampen met structurele leegstand. Op het moment staan er 13.259 winkelpanden in Nederland leeg. 20 procent meer dan twee jaar geleden, blijkt uit de leegstanddatabank Locatus.

Pop-upstores spelen daarop in, zegt De Vilder. "Het is een win-win-winsituatie. De vastgoedbeheerder heeft liever een tijdelijk bemand pand dan helemaal niets. De gemeente is blij dat verloedering wordt tegengegaan. Wij als leegstandbeheerders kunnen verschillende partijen bij elkaar brengen. Daardoor krijgen veel startende ondernemers, in tegenstelling tot vijf jaar geleden, de kans om goedkoop toe te treden tot de markt."

Het succes van pop-ups gaat verder dan het tegengaan van leegstand, vindt onderneemster Nynke ten Napel. "De consument wil meer dan winkelen alleen. Shoppen moet plezierig zijn. Bij ons is de verkoop ondergeschikt aan de beleving." Met haar concept Store for Brands zegt ze in te spelen op de veranderende retailmarkt. Hierbij stelt ze een pand in de Amsterdamse Kalverstraat tijdelijk beschikbaar aan A-merken die op opvallende wijze willen communiceren met de consument. Of het nu gaat om een productintroductie of een bestaand product. Microsoft, Robijn en H&M passeerden bij haar de revue.

Ten Napel heeft een zwembad in haar pand gehad, bouwde de ruimte om tot een oerwoud en had twee weken geleden rijen mensen voor de deur die hun naam wilden laten zetten op een blikje cola. Ten Napel: "Op termijn maakt het niet meer uit waar je producten koopt. Dat kan op internet zijn of in de winkel. De fysieke locatie wordt vooral een plek om kennis te maken met het merk, het te beleven en je als consument te laten inspireren."

Het toenemende shopgedrag op internet is volgens Cor Molenaar, hoogleraar E-commerce aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, dé reden waarom winkeliers hun winkels een nieuwe invulling moeten geven. Maar of het pop-upconcept daar het antwoord op is, betwijfelt hij. "Het is een tijdelijk redmiddel om mensen aan te trekken. Ondernemers hebben behoefte aan structurele oplossingen. Gemeentes moeten daarin voorzien, maar schieten tekort. Ze schrikken consumenten af met krappe winkeltijden en minieme, dure parkeergelegenheden in winkelcentra."

Dé oplossing voor de in verval geraakte retailbranche bestaat niet, reageert leegstandbestrijder Janet van Huisstede van het initiatief De Winkelmeiden. Zij ziet pop-upstores wel als een van de alternatieven. In Schiedam, een stad waar vorige maand 21,7 procent van de winkels leegstond, probeert ze met De Winkelmeiden de leeggelopen winkelstraat Hoogstraat om te turnen tot bruisend shopgebied. Samen met de gemeente en andere partijen trekt ze diverse pop-upstores aan. Van Huisstede: "Succesvolle pop-ups leiden vaak tot een permanente invulling van lege panden".

Tassenmaakster Pietersz maakt dankbaar gebruik van de kansen die ze krijgt aan de Amsterdamse Berenstraat. Met een eigen zaak genereert ze meer naamsbekendheid, ook al levert die uiteindelijk 15 procent minder op dan beursverkoop.

Permanent zal de beginnend ondernemer het pand van eigenaar Holshuijsen niet vullen. Maar het is een stuk goedkoper dan het huren van een eigen winkel. Pietersz: "Voor een eigen zaak met atelierruimte betaal ik in de binnenstad van Amsterdam maandelijks 3000 euro. Nu kan ik voor 1700 euro twee weken mijn tassen etaleren én eindelijk contact maken met mijn klanten."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden