Pontonheld

Van de foto hiernaast klopt niet veel meer. Ik loop inmiddels in een korte boek of zwembroek, het bovenlijf grotendeels onbedekt en mijn gelaat zo nu en dan aan het gezicht onttrokken door een snorkel. Ik bevind me in dat andere land waar koning Willem-Alexander de scepter zwaait; Curaçao. Nooit eerder geweest dus voltrek ik de voorgeschreven toeristische rituelen. Ik lig aan het strand, drink fruitpunch en loop met een gidsje door Punda en Otrobanda, de Willemstadse binnenstad. De drijvende markt, de Mishva Israel synagoge, ik doe het allemaal.

Wat weet ik eigenlijk van Curaçao? Niks om eerlijk te zijn, ik ken Curaçaoënaars die naar Nederland zijn gekomen en ik heb boeken van Frank Martinus Arion en Tip Marugg gelezen maar tropisch Nederland, zoals W.F. Hermans het ooit noemde, ken ik niet. En tropisch is het. September is de heetste maand en de hittegolf die Nederland voige week trof doet dienst als een goede opmaat naar de temperaturen hier. Alleen waait het hier altijd, een winderig paradijs. Ik mag van mezelf niet alleen aan het strand liggen en dus heb ik me met wat liteatuur gewapend tegen een al te zonnig bestaan en realiseer ik me dat ik mij bevind 'op een door rifkalken omringde kern van afzettings- en stollingsgesteenten die deel uitmaakt van de eilandenboog die de Amerikaanse Middelzee omsluit', zoals Tip Marugg zijn 'De morgen loeit weer aan' begint. Want waar je ook bent het is ook altijd oud gesteente, eeuwenoude klei, of historische gond.

Een van de mooiste Curaçaose monumenten vind ik de houten pontonbug (Emmabrug geheten want ons koningshuis doet het hier goed), de gote snelweg die even verder in een nieuwe brug over de rivier spant heet Julianabrug en Willemstad zelf zal ook wel naar een oranje Willem zijn genoemd. Pontonbruggen zijn bij ons tijdelijke noodbruggen zoals die in Alphen aan den Rijn waar zo'n ding een tijdje de neergestorte brugdelen van de ook al weer Julianabrug moest vervangen. Maar deze ligt er al sinds 1888. Soms vaart het gevaarte even opzij, want als er schepen langs moeten moet het hele geval dat aan één kant aan de kade vastzit weggevaren worden, wandelaars blijven er gewoon op staan, alsof ze even een leuk tochtje maken, alhoewel dat volgens mijn gidsje niet mag.

Dat wil ik ook. Ik loop de brug op, zo langzaam dat als de sirene gaat ik de overkant zeker niet meer kan halen. Dom, in plaats van een klein bootje door te laten gaat het dit keer om een enome tanker, zeker een half uur zit ik als enige vast op de pontjesbrug, zoals-ie ook wel heet. Ik probeer zo stoïcijns mogelijk te kijken naar de mensen die de brug nu links laten liggen en met de naastgelegen veerboot gaan, alsof dit het hoogtepunt van mijn reis naar Curaçao is: de schipper van deze brug, helemaal aan het andere eind, lijkt het allemaal best te vinden, als die dwaas daar wil staan, prima. Na drie kwartier verlaat ik, verbaasd gadegeslagen door wandelaars die weer voor de hekken staan te wachten, de Emmabrug, als een onbegrepen held, nieuwe Curaçaose avonturen tegemoet.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden