Pontius Pilatus: duivel of bekeerde heilige?

Pontius Pilatus -na bijna 2000 jaar staat zijn naam nog steeds in veler geheugen gegrift als de man die Christus ter dood veroordeelde en vervolgens zijn handen in onschuld waste. Noemde Tony Blair hem daarom het prototype van de politicus? Wie was de Romein nu echt?

Waarom fascineert de Romeinse landvoogd Pontius Pilatus ons tot op de dag van vandaag? De Britse premier Tony Blair, een gelovige anglicaan, beantwoordde die vraag vijf jaar geleden als volgt: ,,We weten dat hij onjuist heeft gehandeld, maar zijn strijd gaat tussen het goede en het opportune -een strijd die zich door de hele geschiedenis heeft voorgedaan. Dat blijft mensen intrigeren.''

Zijn naam is voor velen onlosmakelijk verbonden met de onverdraaglijke slechtheid van het bestaan. Dit vormde tijdens de Middeleeuwen, lang voordat deze parafrasering van Milan Kundera's boek mogelijk was, voldoende reden om Pilatus een ellendige dood toe te dichten, verdronken in de Rhône of het Meer van Genève. Een terechte straf, vond men, voor een duivelse huichelaar die zijn handen in onschuld waste, nadat hij Gods Zoon de dood in had gezonden.

In vroeg-christelijke tijd werd daar anders over gedacht. Toen probeerde men, te beginnen bij Matteüs en Johannes, om Pilatus' schuld aan de dood van Jezus af te wentelen op de joden. Het verst daarin gingen de onbekende auteur van het apocriefe Evangelie van Petrus (circa 150 na Christus) en de theoloog Origines (185-215). De eerste beweerde dat Herodes en niet Pilatus Jezus ter dood had veroordeeld. Ook Origines pleitte Pilatus vrij, in weerwil van het feit dat kruisigen een typisch Romeinse straf was die alleen de stadhouder of landvoogd kon opleggen.

Door Pontius Pilatus onschuldig te verklaren hoopten deze eerste generaties christenen hun, van oorsprong oosterse, religie ook aantrekkelijk te maken voor de Romeinen. Nadat het christendom binnen het rijk steeds meer aanhang had gekregen en ten slotte zelfs staatsgodsdienst was geworden, ging het al snel bergafwaarts met de waardering voor hem. Zo stelde de geloofsbelijdenis van Nicea (381) veelzeggend dat Christus was gekruisigd 'onder Pontius Pilatus'. De joden werden in dit verband niet genoemd.

Maar geleidelijk kwam het antisemitisme weer boven. En vanaf de twaalfde eeuw werd in Europa elke jood een 'godsmoordenaar' genoemd. Toch is Pilatus in het Westen nooit gerehabiliteerd. In tegenstelling tot het Oosten waar kopten en ethiopiërs al vroeg van hem een tot het christendom bekeerde heilige maakten.

Wie was Pontius Pilatus? Waar is hij geboren? Hoe kwam hij aan zijn eind? Vragen die opeenvolgende generaties bezighielden. Zo kwam men tot de volgende reconstructie: Pilatus is in hetzelfde jaar als Jezus, tussen 7 en 4 na Christus, geboren, in het Spaanse Sevilla -of Tarragona- als zoon van een militair. Zelf diende hij in het leger van Germanicus, de beroemde neef van keizer Augustus. Eenmaal hoveling geworden trok hij in Rome de aandacht van Claudia Procula, stiefdochter van keizer Tiberius. Het kwam tot een huwelijk, waarna Pilatus het stadhouderschap over Judea kreeg. Door wanbeheer in ongenade gevallen werd hij teruggeroepen en verbannen.

Een historisch overzicht dat betrouwbaarder klinkt dan een andere 'biografie', die van Pilatus de bastaard van een Germaanse vorst maakt. Maar helaas, ook het Spaanse verhaal berust op fictie. In werkelijkheid weet men van zijn afstamming niets, al achten hedendaagse historici het waarschijnlijk dat Pilatus een Italiaan was. Zij wijzen op zijn achternaam Pontius die op een samnitisch verleden duidt. Zijn voornaam is onbekend, evenals geboortedatum en -plaats. Ook over z'n jeugd en huwelijk met Claudia Procula melden de archieven geen letter. Wat zijn bijnaam Pilatus -'hij die een speer (met precisie) werpt'- betreft, die kan wijzen op een militaire loopbaan.

Pilatus moet uit de ridderstand afkomstig zijn geweest, anders was hij nooit procurator (stadhouder) geworden. Zelfs niet van een derderangs provincie als Judea, qua oppervlakte nog geen derde deel van het huidige Nederland. Het was een roerig gebied, met een gevaarlijke mix van joden en samaritanen die mekaar en de 'heidense' Romeinen naar het leven stonden.

Ofschoon de stadhouder in theorie baas in eigen huis was, viel hij in feite onder het gezag van de legaat in het naburige, grotere en strategisch veel belangrijker Syrië. Bij geschillen tussen de procurator en autochtone leiders in Judea trad de Syrische legaat op als arbiter. En mochten er ongeregeldheden uitbreken dan kon de stadhouder rekenen op militaire hulp uit Syrië.

Pilatus zetelde in de havenstad Caesarea, 30 kilometer ten zuiden van wat nu Haifa is. Alleen tijdens de grote joodse feestdagen, zoals Pesach, kwam hij met een contingent hulptroepen naar Jeruzalem, kern van joods religieus leven. Hij sprak er recht en belette dat in de van devotie sidderende stad anti-Romeinse rellen uitbraken.

Opvallend is dat Pilatus de joodse hogepriester Kaiaphas, dezelfde als die in het lijdensverhaal, zijn hele ambtsperiode handhaafde. In tegenstelling tot de vorige stadhouder Gratus, die in eveneens elf jaar tijd vier hogepriesters versleet. Kennelijk was Pilatus tevreden met collaborateur Kaiaphas.

De stadhouder had zijn post mogelijk te danken aan Seianus, de wrede maar invloedrijke commandant van de keizerlijke garde. Pilatus vertrok -zoveel is duidelijk- rond 26 naar Judea en bleef er elf jaar. Hij was de vijfde stadhouder sinds het gebied in het jaar 6 onder direct Romeins bestuur was komen te staan. Het bewijs voor zijn regeerperiode komt van een inscriptie in het opgegraven theater van Caesarea en van gevonden munten die hij had laten slaan. Ook twee joodse historici, Philo van Alexandrië (25 vóór tot 45 na Christus) en Josephus Flavius (37-100), maken melding van zijn bewind.

En dan zijn er nog de vier evangelisten. Hun relaas valt echter niet binnen het kader van betrouwbare historische informatie. Het enige harde feit dat we over de relatie tussen Pilatus en Christus bezitten, is dat de tweede op bevel van de eerste, rond het jaar 30, werd gekruisigd. Dat, en meer niet, bericht Josephus Flavius in zijn 'Testimonium Flavianum'. Maar zelfs hier lijkt argwaan op z'n plaats, want de originele tekst van het geschiedwerk ontbreekt.

Philo, tijdgenoot van Pilatus, vermeldt geen kruisiging. Wat hem niet milder stemt tegenover de stadhouder. In zijn boek 'Legatio ad Gaium' schildert hij hem af als een onbuigzame, gewelddadige, corrupte regent die de bevolking provoceert en uitbuit.

Als bewijs beschrijft Philo het verhaal van de vergulde schilden die de procurator demonstratief in zijn paleis te Jeruzalem liet ophangen. Omdat deze aan de keizer waren gewijd beschouwden de joden ze als heiligschennend. Lokale joodse heersers beklaagden zich bij Tiberius, die vervolgens de stadhouder berispte. Ook dit verslag moet met enige scepsis worden gelezen, want Philo was fel anti-Romeins.

Josephus Flavius geeft Pilatus meer krediet. Al erkent hij dat de stadhouder bij vlagen halsstarrig en tactloos was. Hij noemt drie incidenten waarbij procurator en lokale leiders frontaal tegenover elkaar stonden. Het laatste van de drie kostte Pilatus zijn baan. Een menigte Samaritanen onder leiding van een religieuze mysticus besteeg in extase de heilige berg Gerizim, op zoek naar 'heilig vaatwerk'. Pilatus liet de groep met geweld uiteenslaan.

De Samaritaanse leiders beklaagden zich bij Vitellius, de legaat van Syrië. Deze, overtuigd van hun onschuld, onthief Pilatus begin 37 uit zijn functie en gaf hem bevel naar Rome terug te keren om zich te verantwoorden tegenover de keizer. Op dat moment was dit nog Tiberius, maar toen de afgezette stadhouder enkele weken later in de hoofdstad arriveerde, bleek de bejaarde keizer overleden te zijn en opgevolgd door zijn achterneef Caligula.

Hierna verdwijnt Pontius Pilatus abrupt uit het zicht van de geschiedenis en wordt hij het onderwerp van allerlei christelijke legenden en sagen. Zo beweert de vroeg-christelijke auteur Tertullianus (160-220) dat Pilatus in zijn hart christen was, en stelt bisschop Eusebius (265-339) dat de Romein later zelfmoord had gepleegd, uit wroeging over zijn historisch doodvonnis. Volgens anderen werd Pilatus -samen met zijn vrouw die, aldus Mattëus, haar man na een droom waarschuwde niets tegen de voor hem geleide Jezus te ondernemen- zelfs formeel christen en zou hij onder keizer Nero (54-68) in Rome gekruisigd zijn.

Het was het begin van een proces van mythevorming dat in de loop der eeuwen steeds vreemdere trekken kreeg. Met als modern hoogtepunt de verzonnen liefdesrelatie tussen Pilatus en Maria Magdalena, zoals Simon Vestdijk die in 1938 beschreef.

Voor wie dat nog niet bizar genoeg is, hij hure de filmsatire' The Life of Brian', waar een Pilatus met een spraakgebrek beveelt: ,,And cwucify him well!''(en sla hem stevig aan het kwuis). Nee, van deze Romeinse variant van Ahasverus, de eeuwig wandelende jood, zijn we nog lang niet af.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden