Politiek-correct links versleet Pegida voor extreem-rechts

Filosoof Jurriën Rood was in Dresden getuige van de opkomst van Pegida, burgerbeweging tegen islamisering. In een boek trekt hij er lessen uit: luister naar onwelgevallige meningen, en hou elkaar aan de basisregels van het sociaal contract.

Toen Pegida eind 2014 opkwam, stond Jurriën Rood er met zijn neus bovenop. Als links georiënteerde Amsterdammer in Dresden was hij verbaasd over wat hij zag: stoeten burgers die door de straten trokken, 'tegen de islamisering'. Terwijl in Dresden nog altijd nauwelijks een moslim te vinden is.

De naam Pegida ('Patriottische Europäer gegen die Islamisierung des Abendlandes') was voor de media reden om direct groot alarm te slaan. De demonstranten werden geassocieerd met extreem-rechts, dat onder invloed van het toenemende aantal vluchtelingen gegroeid zou zijn. 'Het bruine gevaar', heette dat in Duitse media. Op voorpagina's, journaals en tv werd er voortdurend over gepraat.

De wekelijkse Pegida-demonstraties groeiden, elke maandag kwamen er duizenden deelnemers bij. Op het hoogtepunt telden de demonstraties 25.000 deelnemers. Zeer terecht dus dat er aandacht aan werd besteed, hoewel de snelle groei volgens Rood ook niet los kan worden gezien van die media-aandacht. Pegida werd nieuws in heel Europa. Maar klopte de berichtgeving wel?

Als ooggetuige vielen Rood twee dingen op. "Ten eerste: er werd gesuggereerd dat Dresden nu een 'racistische stad' was geworden; dat de halve bevolking als het ware in vreemdelingenhaat was ontvlamd. Dat leek mij een grove overdrijving - het tegengeluid was sterk en daar hoorde je niemand over.

"Ten tweede: het beeld dat het hier om extreem-rechts ging, klopte niet. Ik heb in Dresden ook demonstraties van extreem-rechts gezien, Dat zijn veel kleinere groepen, vaak duidelijk herkenbaar; agressieve lui, veelal jongemannen in bomberjacks. Die zaten er ook nu wel tussen, maar Pegida bestond voor het overgrote deel juist uit onopvallende burgers; brave huisvaders en -moeders, opa's en oma's. Dit was een heel nieuw demonstratiepubliek en eigenlijk had niemand een idee wat die massa precies de straat op dreef. Er was ook nauwelijks een programma, geen woordvoerder, integendeel, men wilde helemaal niet met de pers praten."

Rood werd nieuwsgierig, begon demonstraties en discussiebijeenkomsten af te lopen en hield een dagboek bij, vastberaden om te begrijpen wat hier aan de hand was en als filosoof een antwoord op deze beweging te formuleren.

Dat antwoord op Pegida schoot tekort, vond u?

"Zeker. Commentatoren zeiden: 'Dit is heel erg, dit zijn fascisten.' Dat was de teneur: snel zeggen dat hun standpunt fout is, zonder onderzoek. Dan hoef je zelf geen standpunt te formuleren. Je beschuldigt de ander, maar je gaat niet in op de zaak zelf. Links Nederland heeft lange tijd precies hetzelfde gedaan. Daar heb ik me altijd enorm aan geërgerd. Nu is dat verleden tijd, Nederland heeft de politieke correctheid achter zich gelaten. Daar is een incorrectheid voor in de plaats gekomen waar ik evenmin blij mee ben, maar dat is een ander verhaal. Maar in Duitsland was politieke correctheid nog steeds de norm, al begonnen er in hoog tempo barsten in te komen. Het nationaal-conservatieve sentiment kwam steeds openlijker aan de oppervlakte. Polarisatie en vijandschap groeiden mee."

Pegida-aanhangers zijn, zo blijkt uit onderzoeken, voor een groot deel afkomstig uit het vergrijzende en leeglopende platteland van de voormalige DDR. Teleurgestelde CDU-stemmers. Grootste gemene deler: ze voelden zich bedreigd. En vooral: niet gehoord.

Rood: "Op discussieavonden trof ik vooral mannen van middelbare leeftijd die, zodra ze de kans kregen, lange verhalen hielden, waarin ze immigratie, de islam en werkloosheid in één adem noemden. Hun frustratie: 'Onder het communisme mochten we niets zeggen. Nu mogen we wel iets zeggen, maar wordt er door niemand geluisterd'."

Welke Pegida-aanhanger heeft u het meest verrast?

"Joachim Möhler uit Perba, een dorpje in Saksen. Daar zouden plompverloren vijftig vluchtelingen worden gedropt. Toen daar protest tegen kwam, dreigden de autoriteiten het aantal vluchtelingen te verdubbelen. Het gaat hier om een dorpje van 170 inwoners, zonder winkels of voorzieningen, enkel een bushalte.

"Meneer Möhler liet zich eerst behoorlijk gelden in de media en ging meedemonstreren met Pegida. Hij werd in de media een soort symbool van het verzet tegen de opvang van asielzoekers. En toen heeft hij op zeker moment een omslag gemaakt; hij is

vluchtelingen gaan helpen. Ik vroeg hem hoe dat kwam. Het antwoord: hij had in een overvolle gymzaal gezien hoe het eraan toeging, hoe mensen daar moesten overleven. Vrouwen die kinderen de borst moesten geven zonder enige privacy; families die met stukjes karton probeerden om een paar meter voor zichzelf te hebben.

"Meneer Möhler vond dat dit niet door de beugel kon. Hij was nog steeds niet voor open grenzen, maar hij vond dat mensen die eenmaal binnen zijn wel netjes behandeld moesten worden. Hij is - met het halve dorp - gaan helpen om de omstandigheden van die asielzoekers te verbeteren."

Welke conclusies trekt u hieruit?

"Dat het belang van de fysieke confrontatie nooit onderschat moet worden. We zijn in de publieke sfeer geneigd om in een soort wolk van ideeën en overtuigingen te leven, zonder nog contact te maken met de realiteit. Dat geldt voor het debat, waarin we mensen verketteren om hun onwelgevallige meningen. Als je één op één met ze gaat praten en naar ze luistert, hoor je iets heel anders. Het geldt ook voor deze Pegida-aanhanger, die met eigen ogen ging kijken hoe die vluchtelingen er eigenlijk bij zaten. Dat veranderde zijn houding totaal."

Na de stormachtige groei viel Pegida al na een paar maanden weer uiteen, nadat drijvende kracht Lutz Bachmann keiharde uitlatingen had gedaan over asielzoekers, die hij 'tuig en vee' noemde. Er ontstond een breuk in het bestuur, gematigde leden trokken zich terug. Hetzelfde gebeurde op straat: alleen de radicaleren - nog steeds enkele duizenden - bleven over. Maar Pegida als brede volksbeweging was verleden tijd.

De massale Pegida-aanhang van het eerste uur werd gedreven door een gevoel dat onze beschaving bedreigd wordt. Deelt u die angst?

"Grof gezegd - in mijn boek werk ik dat uit - komt de dreiging van binnenuit en van buitenaf. Van binnenuit: doordat wij ons vermogen lijken uit te hollen om naar elkaar te luisteren en constructief te discussiëren. Politiek wordt dagelijks gebracht als een wedstrijd met winnaars en verliezers, en zo scherp mogelijk geëxpliciteerde tegenstellingen. Wat verloren gaat is het zoeken naar de grootste gemene deler. Dat is gevaarlijk voor de democratie. Van buitenaf worden we bedreigd door extremisten die geweld gebruiken. Ze vallen de pijlers van onze beschaving aan en dat is een bedreiging, niet de komst van groepen mensen in nood."

Wat stelt u tegenover die dreiging?

"De grootste vergissing is om te denken dat wij een grondeloze, richtingloze samenleving zijn. De westerse samenleving heeft heel duidelijke grondslagen - die hebben we de laatste decennia schromelijk verwaarloosd, maar die zouden we met meer bewustzijn en trots moeten uitdragen: de scheiding van kerk en staat, het geweldsmonopolie voor de staat en tolerantie tegenover andersdenkenden. Ze vormen de basis van ons 'sociaal contract', een term van Rousseau, oftewel onze spelregels.

In Duitsland zie je een bewustwording in die richting op gang komen. De SPD heeft in een onverwachte samenwerking met boulevardblad Bild de grondwet in een speciale krant afgedrukt, in het Duits en het Arabisch. Ook Merkel heeft gezegd dat je aan nieuwkomers eisen kunt stellen. Dat was een jaar geleden nog ondenkbaar geweest. De politieke correctheid wordt minder verstikkend."

Intussen heeft de AFD, de Duitse eurosceptische partij die gekant is tegen Merkels vluchtelingenbeleid, in enkele deelstaten winst geboekt.

"Dat zat er al heel lang aan te komen. Het heeft me steeds verbaasd dat Duitsland nog geen grote populistische partij had zoals de PVV in Nederland of het Front National in Frankrijk. Het is niets om van in paniek te raken, het hoort erbij in een democratie. Je moet geen partijen uitsluiten, je moet ze een antwoord geven. Ik zie een breed gedragen politieke beweging liever in het parlement dan op straat."

Uw boek eindigt met een ontwerp voor een 'dun sociaal contract' (zie ingekorte versie hierboven). Moeten we allemaal dit tekenen?

"Het zou goed zijn als iedereen het leest. De grondwet uitdelen, zoals nu gebeurt, dat is sympathiek, maar te veel en te dik. De basis, de grondbepalingen, moet je kennen. Je moet het sociale contract samenvatten tot de essentie en die tot inzet van regeringsbeleid maken. Hoe je dat verder uitvoert en of mensen daadwerkelijk moeten tekenen, doet er minder toe. Er zijn genoeg manieren om het te verspreiden en het bewustzijn erover te vergroten.

"Iedereen - zowel nieuwkomer als autochtoon - zou hiermee vertrouwd moeten worden gemaakt. Zoals de huisregels in een café aan de muur hangen, of de 14 regels op een bordje bij elk Johan Cruijff Court: als democratische rechtsstaat kunnen we het af met deze drie."

Wat als mensen het contract verscheuren?

"Overtreders zijn ook geen reden om de verkeersregels af te schaffen. Je moet onderscheid maken tussen gedachten - die zijn vrij; meningsuiting - die is al niet volstrekt vrij; en onze handelingen - die zijn aan duidelijke grenzen gebonden. Als mensen een grens overschrijden, biedt de wet mogelijkheden tot vervolging. Pegida-voorman Bachmann staat binnenkort voor de rechter, net als Geert Wilders.

"De meeste mensen staan welwillend tegenover deze beginselen. Eigenlijk geven vluchtelingen ons een compliment; ze gaan niet naar andere Arabische landen, ook niet naar Rusland, ze hebben goede reden hierheen te komen. Wij moeten ze iets aanbieden, iets waar wij zelf uit volle overtuiging voor staan.

"Let wel: hier staat niet de judeo-christelijke cultuur tegenover de islam, of zoiets. Noch in de christelijke, noch in de joodse cultuur was tolerantie een belangrijke waarde. Het waren de dissidenten, de door zijn gemeenschap uitgebannen Jood Spinoza en de gevluchte Engelse christen Locke die in het zeventiende-eeuwse Amsterdam de basis van de tolerante rechtsstaat formuleerden, waar latere denkers de uitgangspunten van de Amerikaanse en de Franse Revolutie op baseerden. Onze huidige burgerlijke, seculiere cultuur met geweldloze tolerantie was destijds iets nieuws. En daar bouwen we in Europa nog steeds aan."

De beste beschaving van de wereld?

"Voor mij tot nu toe wel, ja. Het kan altijd beter, maar we hebben iets te verdedigen."

Wie is Jurriën Rood

Jurriën Rood (1955) studeerde aan de filmacademie en maakte films, documentaires en theaterstukken. Daarna studeerde hij in deeltijd filosofie.

Zijn eerste boek 'Wat is er mis met gezag' (2013), een praktische filosofische studie over politieautoriteit, werd genomineerd voor de Socratesprijs. Hij woont in Dresden en Amsterdam.

Ontwerp voor een dun sociaal contract

(ingekorte versie)

Overeenkomst aangegaan tussen de staat en een persoon.

Ondergetekende verklaart hierbij als burger / gast in te stemmen met onderstaande grondbeginselen.

Staat en religie zijn strikt gescheiden.

In wereldse zaken heerst de staat, via het recht. De wet geldt voor iedereen gelijkelijk. De kerk of religieuze instanties hebben geen bevoegdheden in wereldse zaken.

Geen geweld tussen burgers.

Het geweldsmonopolie ligt in handen van de staat. Bij conflicten kan men zich wenden tot de onafhankelijke rechterlijke macht. Behalve uit zelfverdediging is alle geweld door burgers verboden.

Tolerantie voor andersdenkenden, binnen de wet.

Er bestaat een grote vrijheid van gedachten en uitingen, mits niet strijdig met de wet. Er geldt een grote geestelijke tolerantie, terwijl die op lichamelijk gebied niet op dezelfde manier bestaat. Daar gelden de lichamelijke integriteit en onschendbaarheid van elk individu.

In ruil hiervoor biedt de staat ondergetekende bescherming, alle rechten die bij zijn status van burger of gast horen en de mogelijkheden om zich zoveel als mogelijk te ontplooien in vrijheid en gelijkwaardigheid, binnen de grenzen van de wet.

Bij overtreding maakt de overtreder zich

vatbaar voor vervolging.

Datum, plaats

Ondertekening

Jurriën Rood: De Kwestie Pegida. Journalistieke filosofie uit Dresden en Amsterdam ISVW; 224 blz. euro19,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden