Politie verliest greep op mensenhandel

Raamprostitutie op het Zandpad in Utrecht. © ANP

De politie verliest haar greep op de illegale prostitutie en de mensenhandel, blijkt uit de Korpsmonitor Mensenhandel 2010 - een rapport waarin de aanpak door politiekorpsen van de seksbranche is geanalyseerd. De Korpsmonitor concludeert bovendien dat de huidige aanpak "veel capaciteit kost en weinig oplevert".

Uit het rapport blijkt dat de politie niet goed weet in te spelen op veranderingen in de prostitutiebranche. Bij seksclubs en raambordelen die een vaste locatie hebben en werken met een vergunning van de gemeente zijn weliswaar steeds meer controles, maar er worden ook steeds meer misstanden gesignaleerd. Dat deel is in 2010 nog steeds niet onder controle, aldus het rapport.

Seksverkopers zijn bovendien in toenemende mate in dat deel van de branche actief dat onder de huidige wet geen vergunning nodig heeft - zoals escortbedrijven, massagesalons, of prostituees die in hotels of vanuit huis werken.

In dat deel van de branche faalt het toezicht, waardoor de politie haar greep op de sector kwijtraakt.

Uit de Korpsmonitor blijkt dat slechts 9 van de 25 korpsen deze niet-vergunde sector in enige mate controleren. Veel korpsen komen alleen in actie als er overduidelijke signalen van mensenhandel zijn, maar doen nauwelijks iets om de uitbuiting te voorkomen of zelf op te sporen. Bovendien werken de korpsen slecht samen, terwijl bijvoorbeeld veel escortbureaus actief zijn in meer dan één korpsregio, of soms zelfs landelijk.

Het rapport noemt de escortbranche met de huidige aanpak 'vrijwel oncontroleerbaar'. Zo heeft de politie niet genoeg technieken ontwikkeld om seksaanbieders op internet en in chatboxen te volgen, terwijl advertenties zich daar naar toe hebben verplaatst.

In de nieuwe prostitutiewet, die nu in de Eerste Kamer wordt behandeld, worden escortbedrijven ook vergunningplichtig, maar de politie ziet dat sommige escortbazen zich daarom al in het buitenland vestigen om vandaaruit vrouwen aan te bieden. Bovendien is escort niet het enige probleem, andere vormen van niet-vergunde prostitutie groeien ook.

Het rapport bevat vernietigende conclusies over de inzet van sommige politiekorpsen. Een deel investeert onvoldoende in de aanpak van mensenhandel, of steunt slechts op het enthousiasme van enkele bevlogen medewerkers.

Als die rechercheurs ander werk krijgen, verdwijnt de expertise. Op papier heeft het thema mensenhandel in alle korpsen prioriteit, maar in de praktijk krijgen andere vormen van criminaliteit vaak voorrang. Een onvoldoende krijgen de korpsen IJsselland, Gelderland-Midden, Gelderland-Zuid en Limburg-Zuid, maar nog elf korpsen scoren matig.

De korpsmonitor haalt ook hard uit naar anderen. Zo hekelt het rapport het feit dat veel gemeenten helemaal geen prostitutiebeleid hebben, of niets doen met informatie over mensenhandel die de politie aanlevert - terwijl allang duidelijk is dat de politie de bestrijding niet alleen aankan.

Comensha, het coördinatiepunt mensenhandel dat de slachtoffers registreert en voor een deel van hen opvang regelt, blijkt niet altijd goed bereikbaar.

De belastingdienst, de Arbeidsinspectie en de SIOD (de opsporingsdienst van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid) werken soms onvoldoende samen met de politie.

Ruud Bik, korpschef van het Korps landelijke Politiediensten en portefeuillehouder mensenhandel, wil dan ook dat ook al dit soort 'ketenpartners' worden beoordeeld in een soort monitor.

De politie meldt ook enkele successen. Ze heeft in de afgelopen twee jaar meer verdachten en strafdossiers mensenhandel aangeleverd aan het Openbaar Ministerie en het aantal verdachten steeg van 239 (2008) naar 337 in 2010. Het aantal overgedragen verdachten van 173 naar 278. De politie zegt ook meer slachtoffers uit het illegale prostitutiecircuit te hebben gehaald.

Expertisecentrum faalt

Vijftien van de vijfentwintig politiekorpsen gebruiken harde woorden over het Expertisecentrum Mensenhandel en Mensensmokkel (EMM), dat een centrale rol zou moeten spelen bij de bestrijding. De Friese politie stelt dat het centrum 'geen meerwaarde' heeft. "De informatie die het korps van de experts ontvangt, kunnen ze zelf ook wel vinden via het eigen systeem", staat in het Friese oordeel. Het Utrechtse korps verwacht 'een meer coördinerende rol'. Het korps Amsterdam-Amstelland vindt dat de "expertisepoot van het EMM onvoldoende is ontwikkeld."

De korpsen verschillen in hun verwachtingen over het EMM. Zo vindt Noord-Holland-Noord dat het EMM 'meer regiospecifiek gerichte rapportages moet leveren'. Het korps Kennemerland vindt dat het EMM ook een internationale taak heeft.

Het Korps Landelijke Politiediensten, waar het EMM onder valt, was gisteren niet in staat om te reageren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden