Politicus geveld door stalknecht

Hij bracht zijn Liberale Partij bijna in het centrum van de macht. Maar een morsig schandaal maakte een eind aan die oude droom.

Met zijn rappe tong kon hij geselen en opzwepen, amuseren en hekelen, stemmen winnen en verliezen. Tientallen jaren was Jeremy Thorpe een fenomeen in de Britse politiek om vervolgens tientallen jaren in stilte af te takelen.

Zijn naam is onverbrekelijk verbonden aan een scandaleuze affaire, die nu hooguit een kolommetje in een roddelblad zou halen, een homoseksuele relatie in zijn jonge jaren vóór zijn huwelijk. Begin jaren zestig zou Thorpe het hebben aangelegd met een elf jaar jongere man, Norman Scott, een voormalig fotomodel die als stalknecht werkte. Tot 1967 waren homoseksuele handelingen nog strafbaar in Groot-Brittannië, en Scott zou Thorpe, toen al een geruchtmakend parlementariër, hebben gechanteerd.

Scott verkocht zijn verhalen aan de schandaalpers en maakte zelfs een paar brieven openbaar die Thorpe hem zou hebben gestuurd, waarin hij hem een paardrijcursus in Frankrijk belooft. Scott wordt daarin aangesproken met een troetelnaam, Bunnies (billetjes). "Bunnies kan (en zal) naar Frankrijk gaan", aldus de brief.

Thorpe zou vrienden hebben ingeschakeld om Scott te vermoorden, al bleef dat vermeende complot beperkt tot het doodschieten van Scotts hond op de verlaten heide van Exmoor.

Het kwam tot een rechtszaak in 1979, die een maand duurde. Zijn tweede vrouw en zijn bejaarde moeder zaten elke dag op de publieke tribune. Thorpe werd van alle aanklachten vrijgesproken, maar het was gedaan met zijn politieke loopbaan, die zo vanzelfsprekend had geleken.

Jeremy Thorpe was geboren in een politieke familie. Zijn vader en zijn grootvader waren als Conservatief lid van het Lagerhuis geweest. Hij werd geboren ten zuiden van Londen en werd wegens de Duitse bombardementen tijdens de oorlog met een zus naar een tante in Amerika gestuurd.

Terug in Engeland in 1943 moest hij erg wennen aan de discipline van de exclusieve kostschool in Eton. Toen zijn vader in 1944 bezweek aan een hardaanval, kwam zijn moeder in financiële problemen. Een oom bekostigde zijn verdere opleiding in Oxford.

Thorpe speelde viool en vermaakte iedereen met zijn imitaties van leraren en bekende mensen. Zijn kleding was flamboyant en een van zijn hobby's was het verzamelen van Chinese vazen. Wie hem daarmee pestte, kreeg ervan langs met zijn scherpe tong.

Hij studeerde rechten, maar was vooral bezig om verkozen te worden tot bestuurslid van allerlei studentenclubs, vingeroefeningen voor een politieke loopbaan. Tot ongenoegen van zijn Conservatieve moeder werd hij lid van de Liberale Partij (tegenwoordig de Liberaal-Democraten).

Met de hakken over de sloot voltooide hij zijn studie en hij vestigde zich in 1954 als advocaat in Londen. Belangrijker vond hij zijn kandidatuur voor het Lagerhuis in een kiesdistrict in Devon, in de zuidwestelijke punt van Engeland. Hij leek er kansloos door een grote Conservatieve meerderheid van 12.000 stemmen in 1951. Maar na drie nederlagen wist hij de zetel van Noord-Devon te bemachtigen met een krappe meerderheid van 326 stemmen. Vervolgens zat hij twintig jaar lang voor dat district in het Lagerhuis.

Een opmerkelijke prestatie, want zijn kiezers dachten heel anders dan de liberale Thorpe. Hij wilde aansluiting bij Europa, waarvan zijn kiezers gruwden. Zijn verzet tegen de blanke overheersing in Zuid-Afrika en Rhodesië (nu Zimbabwe) vond geen weerklank bij zijn kiezers. Hij was tegen de doodstraf, zij vóór. De kiezers waren afkerig van immigranten, ook al waren die er nauwelijks in het landelijke Devon, hij had er geen probleem mee.

Toch wist hij steeds weer een meerderheid te krijgen door elk dorp te bezoeken, soms vier of vijf op een avond, waar hij met zijn talent voor imitatie, de mensen toesprak in hun eigen tongval.

Bij zijn debuut in het Lagerhuis leek het alsof hij al tien jaar het woord voerde. Geruchtmakend was zijn pleidooi in 1966 om een spoorlijn in Rhodesië te bombarderen, zodat het blanke bewind geen olie meer kon exporteren.

In 1967 kozen de twaalf Liberale leden van het Lagerhuis hem tot fractieleider. Hij spiegelde zijn partij een grote toekomst voor, als derde partij die regeringen van de twee grote partijen kon maken of breken. Maar de verkiezingen van 1970 bleken een teleurstelling: er resteerden slechts zes zetels. Een diepe teleurstelling. Twee weken daarna verloor Thorpe ook nog zijn vrouw, met wie hij een zoon had, bij een auto-ongeluk. Hij hertrouwde in 1973.

In februari 1974 wist hij zijn aanhang te verdrievoudigen tot twintig procent; maar in het Britse districtenstelsel leverde dat slechts veertien zetels op. De Conservatieven probeerden een coalitie met hem te sluiten, maar hij had zijn hoop gevestigd op een coalitie met Labour. Maar bij hernieuwde verkiezingen een half jaar later scoorden de socialisten zo goed dat ze de Liberalen niet meer nodig hadden.

Wat Thorpe nog aan hoop had voor zijn Liberalen, werd verbrijzeld door een op geld beluste stalknecht. De gevierde politicus werd bespot. Er werden T-shirts gedrukt met de tekst 'Bunnies kan (en zal) naar Frankrijk gaan'.

Hij trok zich met zijn tweede vrouw terug in het afgelegen Exmoor. Slechts één keer kwam hij terug op het schandaal in een interview: "Als het nu zou gebeuren, zou het publiek aardiger reageren."

John Jeremy Thorpe werd op 29 april 1929 geboren in Surrey, Engeland. Hij stierf op 4 december 2014 in Londen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden