Politici schrikken van grote onderlaag zonder dromen

Het was al lang bekend, maar pas nu zien politici het ook: Duitsland kent een grote onderlaag van mensen die niet meer meedoen.

„Er zijn veel te veel mensen in Duitsland die de hoop hebben opgegeven om ooit nog uit de problemen te komen”, zei Kurt Beck onlangs in de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung. De leider van de sociaal-democraten herinnerde eraan dat „vroeger in arme families, ook de mijne, de ouders ernaar streefden dat hun kinderen het beter zouden krijgen”.

Nu is er een groeiende groep die geen verwachtingen meer van de toekomst heeft. „Sommigen noemen dat de onderlaag”, voegde Beck eraan toe.

Daar was het ineens: het o-woord. De SPD-voorzitter had een taboe doorbroken. Met het woord ’onderlaag’ benoemde hij een fenomeen waarvoor politici tot nu toe weinig oog hadden. Het gaat om mensen die afhankelijk zijn van de staat omdat ze geen werk hebben of te weinig verdienen. In plaats van zich om die groep te bekommeren, gokte de politiek erop dat economische groei het probleem vanzelf zou oplossen.

Nu het woord ’onderlaag’ is gevallen, erkennen politici van verschillende partijen ineens dat het probleem dieper ligt. Het gaat niet om armoede alleen, het gaat erom dat een grote groep mensen in de armoede is gaan berusten. Een afgelopen weekend verschenen rapport van de Friedrich Ebert Stichting brengt dat scherp aan het licht. Het rapport was olie op het vuur van het opgelaaide armoededebat.

De studie spreekt niet van ’onderlaag’ maar van een ’afgekoppeld precariaat’. Daarmee doelen de onderzoekers op een groeiende groep mensen die hun bestaan als ’uiterst precair’ ervaren.

Ze zijn op de maatschappelijke ladder gedaald, hebben het contact met de samenleving verloren, geloven niet dat de politiek hen nog kan helpen en ondernemen ook zelf niets om hun positie te verbeteren.

Die typering heeft de politiek geschokt. Bondskanselier Angela Merkel verklaarde op haar persconferentie deze week dat de regering „er niet in zal berusten dat deze splijting van de samenleving als gegeven wordt geaccepteerd”.

Voor onderzoekers is die onderlaag echter allang een gegeven. De gezaghebbende wetenschapper Paul Nolte heeft meer dan eens op het fenomeen gewezen. De politiek heeft haar verantwoordelijkheid „voor de problemen aan de randen van de samenleving tot nu toe met geld proberen af te kopen”, verklaarde hij maandag in Die Welt. „Maar dat is niets anders dan zorgzame verwaarlozing.”

De politiek is wakker geschud. Het regende deze week voorstellen om de afgehaakte bevolkingsgroepen weer bij het maatschappelijk leven te betrekken. De aanstichter van het debat, Kurt Beck, wil vooral in de kinderen investeren, opdat zij niet in de apathie van hun ouders vervallen. De arbeidsexpert van zijn partij stelt voor uitkeringstrekkers bij gemeentelijke diensten te laten werken. Christen-democraten willen vooral in de gezinszorg investeren.

Ook de voormalige communisten van de PDS zien werklozen het liefst parken aanharken, ouderen verplegen en kinderen bij hun huiswerk helpen. Als enigen in de politiek zijn zij niet verrast door de bevindingen van het armoedeonderzoek. „Het enige verrassende aan het onderzoek”, aldus de PDS-parlementariër Petra Pau, „is dat het de SPD heeft verrast.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden