Politici luisteren niet alleen naar peilingen

Er zijn allerlei redenen waardoor de formatie lang duurt, maar peilingen maken daar geen deel van uit.

Het stokje is in handen van Ruud Lubbers. Nadat eerder Herman Tjeenk Willink een eindje mocht lopen in de estafette op weg naar een nieuw kabinet, is het nu de beurt aan een andere senior in het circuit.

Dat de vorming van een meerderheidkabinet niet eenvoudig zou zijn, was al op de avond van 9 juni bekend. De opmerking van Mark Rutte dat de nieuwe formatie er op 1 juli zou staan, werd door slechts weinigen serieus genomen. In de campagne hadden diverse partijen inhoudelijk scherp stelling genomen en breekpunten waren niet geschuwd. De VVD was de grootste partij geworden, maar met niet meer dan 31 zetels. De als politieke partner weinig geliefde PVV had stevige winst geboekt. Dat alles maakt het vormen van een nieuw kabinet een uiterst gecompliceerde aangelegenheid.

Daar komt nog iets bij, naar de mening van Carla van Baalen, hoogleraar parlementaire geschiedenis te Nijmegen. Eerder deze week gunde zij Trouw een blik in haar formatiedagboek. Daarin vroeg zij zich af of Maurice de Hond niet eens wat anders kon gaan doen. „Je kunt het niet verbieden, maar wat heeft het voor zin? Er ligt nu een mandaat van de kiezer, dat is nog maar zes weken oud. Onze volksvertegenwoordigers kunnen zo toch niet werken?” Een interessante en zelfs enigszins onthullende observatie.

Het opmerkelijke zit hem in de overtuiging dat van politici kennelijk gedacht wordt dat zij voortdurend de peilingen in de gaten houden en daar hun meningen en gedragingen op afstemmen. Dat is waarschijnlijk maar een heel klein deel van de waarheid. Zeker, peilingen zijn tegenwoordig een onontkoombaar verschijnsel en volksvertegenwoordigers zullen de peilingen als uitdrukking van de publieke opinie nauwlettend in de gaten houden. Maar er zijn andere manifestaties van die publieke opinie, zoals directe contacten met georganiseerde groepen of individuen, de schriftelijke en elektronische post, de contacten binnen de partij en het eigen werkveld, en het beeld dat in de media wordt geschetst van het opinieklimaat. En er zijn de verkiezingen als meest gezaghebbende uitdrukking van de publieke opinie.

Politici zullen misschien niet te snel en hard de peilingen afvallen omdat dan gemakkelijk de indruk wordt gewekt dat men zich niets aantrekt van ‘de mensen in het land’, maar het is ten zeerste de vraag of men peilingen, als het erop aankomt, werkelijk zo serieus neemt. Eerder eigen onderzoek onder enkele (oud-)Kamerleden leverde in ieder geval een stevige relativering op van het geloof in de volgzaamheid van politici van opiniepeilingen.

Eerlijk is eerlijk: het idee dat politici peilingen volgen, is wijdverbreid. Uit onderzoek van 2006 bleek dat slechts een op de vijf Nederlandse burgers dacht dat minder dan tien procent van de politici zich in de bepaling van standpunten, gedrag of uitingen zou laten leiden door de peilingen. Een op elke zeven burgers meende echter dat dat zou gelden voor meer dan de helft van de politici. Is dat dan de opmaat voor een verbod, een gedachte waarmee Van Baalen even gespeeld lijkt te hebben? Zij heeft gelijk in haar besef dat een dergelijk verbod zeker in een tijd van internet lastig te handhaven zou zijn. Belangrijker is dat het een forse inbreuk zou zijn op het recht van informatieverzameling en -voorziening. De roep om een verbod klinkt met enige regelmaat, maar gelukkig wordt aan dergelijke geluiden niet of nauwelijks gehoor gegeven.

Blijft de vraag of en in hoeverre het proces van kabinetsformatie gehinderd wordt door peilingen en hun meer suggestieve dan eenduidige boodschap. Het feitelijke antwoord is onbekend, al is het niet onlogisch dat politici de electorale effecten van hun (onder)handelingen mede in ogenschouw nemen. Op dat punt dienen we echter misschien meer vertrouwen te hebben in onze politici. We mogen hopen dat zij de lokroep van peilingen kunnen weerstaan. Het is niet De Hond maar Lubbers die, als ware hij Tom Poes, de kabinetsformatie vlot moet trekken. „Verzin een list”, zal de koningin hem hebben opgedragen, en vertel de onderhandelaars nog eens van vroeger, van 1986, toen de peilingen door de werkelijkheid hard werden gelogenstraft. Peilingen zijn tenslotte slechts peilingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden