Polen zit niet te wachten op Nederlandse nertsenfokkers

Beeld ANP

Ze worden verbannen uit Nederland. Maar ook in Polen zijn activisten tegen dierenleed in opmars en protesteren omwonenden steeds vaker tegen de overlast van fokkerijen.

'Nooitgedacht’. Dat zou een goede naam zijn voor het bedrijf van Konrad Piwonski. “Ik had zelfs niet kunnen dromen dat ik ooit een eigen bedrijf zou hebben”, zegt hij terwijl hij tussen zijn dieren loopt. Zes-en-zestig overdekte gangen met aan weerszijden kooien, met daarin ruim 28.000 nertsenmoeders die ieder jaar gemiddeld vier tot vijf jongen werpen. Hij was achttien toen hij in 1992 naar Nederland kwam. Zoals duizenden andere Polen op zoek naar werk. Zes jaar lang werkte hij voor een nertsenfokker in Noord-Brabant. Nu zijn de rollen omgedraaid. Hij heeft een bloeiend bedrijf, terwijl zijn vroegere baas de zaak moet sluiten.

Bij Piwonski geen spoor van leedvermaak. Integendeel. Hij heeft nog regelmatig contact met zijn vroegere baas en heeft met hem te doen. “Zijn dochter is hier stage komen lopen”, vertelt hij. “Zij wil het bedrijf voortzetten.” Daarvoor moet ze in het buitenland zijn, want vanaf 2024 mag er in Nederland geen nerts meer gekooid worden. “Wat een ongelooflijke stommiteit”, zegt Piwonski hoofdschuddend over het Nederlandse besluit.

“Polen komen nu naar Nederland om hele inventarissen op te kopen voor de prijs van oud ijzer”, weet Wim Verhagen, voorzitter van de Nederlandse Federatie van Edelpelsdierhouders. Hij is bitter over de sloop van ‘een bloeiende bedrijfstak’. “Er gebeurt precies wat we altijd hebben voorspeld: de productie verplaatst zich gewoon. Het is een wereldmarkt.”

Overlast

De ėėn zijn dood is de ander zijn brood. Polen is de snelstgroeiende producent in Europa, nu al twee keer zo groot als Nederland. Nederlandse fokkers proberen uit te wijken naar het buitenland. In Polen is al jaren een tiental heel grote Nederlandse bedrijven actief. Maar hun aantal groeit niet, weet Verhagen. “Nederlanders hebben weinig geld, want hun bedrijven zijn niks meer waard. Bovendien is het heel moeilijk om er in Polen tussen te komen.” Veel populairder zijn Spanje en Griekenland, waar starters subsidie krijgen.

Er is nog een reden waarom nertsenhouders Polen liever mijden. Ecologen zijn ook hier in opmars. Bijvoorbeeld in Kaweczyn, een gehucht onder de rook van het stadje Wrzesnia, ten oosten van Poznan. Zeventig inwoners heeft het nog, maar daar blijft weinig van over, vreest Malgorzata Nowak. “In de zomer is de stank ondraaglijk.” De horizon wordt van twee kanten afgegrendeld door enorme nertsenfokkerijen, in bezit van de voorzitter van de Poolse vereniging van bontfokkers, een van rijkste mensen in de wijde omgeving. Hij wil de resterende vrije hectares naast het dorpje volbouwen. Het negentiende-eeuwse landhuis – nota bene een monument – is al gesloopt om plaats te maken voor een miljoen kippen, verdeeld over twintig mega-stallen. Alleen het lindenlaantje staat er nog.

Het is met een paar honderdduizend nertsen als buren al niet uit te houden, vertelt mevrouw Nowak. Niet alleen door de stank. Zwermen krijsende meeuwen komen af op het voedsel van de nertsen. Soms is er een muggenplaag, dan weer een invasie van muizen. Om over de ontsnapte nertsen maar te zwijgen. “Vorig jaar joegen ze op de konijnen van de buren”, zegt Nowak. Ze verhuisde twee jaar geleden naar het platteland, maar dat ziet er heel anders uit dan ze zich had voorgesteld. Namens de bewoners voert ze de strijd aan tegen de machtige nertsen- en kippenboer. “De prijs van onze huizen is nu al gedaald.”

Dierenleed

Werk levert het ook al niet op. De bontbranche zegt in Polen voor 50.000 arbeidsplaatsen te zorgen. In Kaweczyn merken ze daar niks van. “In het hele dorp werkt welgeteld ėėn persoon op de nertsenboerderij”, zegt Nowak. Het zijn volgens haar vooral Oekraïners die er het smerige werk opknappen.

Dierenleed staat niet hoog op haar bezwarenlijstje. Dat hiaat wordt schielijk ingevuld door Pawel Rawicki van Otwarta Klatka – Open Kooi – een organisatie die nauw samenwerkt met het Nederlandse ‘Bont voor Dieren’. “Nertsen zijn roofdieren. Die hebben heel veel ruimte nodig”, zegt Rawicki, die de bewoners bijstaat in hun strijd. Ook wijst hij op het belang van water: “In de natuur zijn het echte zwemmers. Hier zitten ze hun leven lang in een kooitje.”

Begin dit jaar haalde Open Kooi de publiciteit met een rapport over de nertsenindustrie. Vooral de bijgeleverde filmpjes en foto’s maakten furore op het internet. Nertsen met open wonden. Nertsen met afgebeten oren. Nertsen die morsdood in hun kooi lagen. De foto’s werden stiekem gemaakt. Konrad Piwonski heeft geen goed woord over voor ‘Open Kooi’. “Ecoterroristen zijn het”, zegt de bontfokker boos. “Ze nemen die foto’s in de kooien waarin gewonde dieren worden afgezonderd.” Het is ze maar om ėėn ding te doen, meent hij: geld. Dat halen ze binnen door op de sentimenten van het publiek in te spelen en dan om een bijdrage te vragen. Daarnaast verdenkt hij de ‘ecoterroristen’ ervan zich te laten financieren door bedrijven die slachtafval verwerken. “Een nerts eet in een jaar tijd veertig kilo slachtafval”, legt hij uit. “Het is de meest natuurlijke manier om de afvalhoeveelheid te verkleinen.” Als de nertsen verdwijnen, zijn deze verwerkingsbedrijven hun belangrijkste concurrent kwijt.

Regering

Pawel Rawicki van ‘Open Kooi’ doet het verwijt van winstbejag af met een kwinkslag: “Als ik veel geld zou willen verdienen, dan zou ik bontfokker worden.” Hij is – niet verwonderlijk – vol lof over Nederland. “Het eerste land met een grote productie, dat het fokken verboden heeft.” Polen gaat dat voorbeeld volgen, hoopt hij.

De nationalistische regering die het land nu anderhalf jaar regeert, ligt overhoop met ecologen. Vanwege het omhakken van bomen, het stimuleren van de jacht, het investeren in de steenkoolstook. Een uitzondering echter is bont. Hier loopt de scheidslijn tussen voor- en tegenstanders dwars door de partijen heen. De voorzitter van de Poolse bontfokkers bijvoorbeeld is lid van oppositiepartij Burgerplatform. Maar de regeringspartij heeft ook haar fractie die het economische belang van de fokkers verdedigt.

Omgekeerd zijn tegenstanders in alle partijen te vinden. Die laatsten hebben enkele overwinningen behaald. Nertsenhouders moeten binnenkort grotere kooien hebben en een dubbele omheining om hun bedrijf zetten. Vanaf volgend jaar wordt het veel moeilijker nieuwe bioindustrie te bouwen, of het nu om nertsen, kippen of varkens gaat. En zelfs als iemand een vergunning krijgt, zijn zijn problemen nog niet voorbij. “Vroeger protesteerden omwonenden niet”, zegt Rawicki. “Maar dat is veranderd.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden