Polen is voor oude paus één grote verzoeking

Was dit het finale vaarwel aan het vaderland? Voor de man die herder van de wereld en van de Eeuwige Stad is geldt dat hij hier geen vaderland heeft. De heilige vader is de dienaar van de heilige moederkerk; de claim die de Polen nu al bijna 25 jaar op hun beroemdste zoon leggen is vol romantiek en sentiment, maar geen toonbeeld van evangelische onthechting.

Eigenlijk waren de afgelopen warme dagen in Polen één grote verzoeking voor de oude paus. Rede en gevoel roepen om het hardst: Jan Pavel, Lolek, blijf toch hier, blijf bij ons nu het avond is in je leven. Die kerk redt het heus wel, beter waarschijnlijk, met een andere paus, een jongere, zonder kwalen en gebreken. Niemand eist van je dat je maar door- en doorgaat. Hier heb je ons, toti tui, hier heb je je geliefde Zwarte Madonna van Czestochowa, de Lieve Vrouwe van Calvarië, de heilige Faustyna, Maximilian Kolbe.

Een mens hoeft geen supermeester in het geestelijk leven te zijn om goed te weten dat de grote verzoeking je niet zal overvallen in de woestijn maar thuis, in de vertrouwde plaatsen en in het welbehagen. Paus Johannes Paulus II is meester genoeg, hij heeft bovendien een onmiskenbare hang naar lijden, heroiek en opoffering. Eén ding wist hij zeker, toen hij toegaf aan zijn verlangen naar een sentimental journey, naar dierbare plekken, als het graf van zijn moeder die hij nauwelijks heeft gekend, ontmoetingen met oude klasgenoten, de kerk van zijn eerste mis, zijn verlangen om zich oud en broos nog eenmaal onder te dompelen in het warme bad van de extatische Polen, een helikoptervlucht boven zijn geboortedorp Wadowice.

Hij liet zich als het ware meevoeren naar de tinne van de tempel, daar waar de verzoeking het grootst zou zijn en hij zou manmoedig weerstand bieden, toch teruggaan naar de plaats waar zijn God hem naar zijn idee wil hebben tot ,,het is volbracht''. In het bedevaartsoord Kalwarie Zebrzydowska in Krakau stortte hij een gebed van die strekking: dat Maria hem ,,de fysieke en psychische krachten zou geven tot aan het eind van de zending die de Opgestane Christus mij heeft toevertrouwd''.

Volgens een oude legende is Petrus de stad Rome ontvlucht onder de vervolging van keizer Nero. Op de Via Appia zou hij Christus zijn tegengekomen, die de andere kant opging. ,,Quo vadis, Domine?'', Waar gaat u heen, Heer? ,,Naar Rome, want daar worden de mijnen vervolgd.'' En Petrus, de 'plaatsbekleder' keerde op zijn schreden terug naar Rome en werd, aldus de overlevering, daar gekruisigd.

Daarom zal deze paus als Petrus' opvolger, al wordt hij honderd, al heeft de kerk tegenwoordig meer last van interne zorgen dan van Nero's en Caligula's, nooit een goed heenkomen zoeken buiten Rome. En daarom is hij terug naar de post die hem niets meer te bieden heeft en die op zijn beurt naar de mens gesproken van hem niets meer heeft te verwachten. Redelijkheid en gevoel zijn het helemaal eens: Lolek, rust uit, geef het uit handen, niemand is onmisbaar. Maar in zijn mystieke bevinding hoort hij tot op zijn geboortegrond een andere stem.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden