Polak: Ik ben goed, maar niet de beste

Clairy Polak: 'Ik kan die emoties nu gelukkig beter bedwingen dan vroeger. Dat is ervaring, denk ik.' © Maartje Geels Beeld
Clairy Polak: 'Ik kan die emoties nu gelukkig beter bedwingen dan vroeger. Dat is ervaring, denk ik.' © Maartje Geels

INTERVIEW - Clairy Polak was vrijdagavond voor het eerst te zien in haar nieuwe programma over media. Wat is volgens deze zowel geprezen als bekritiseerde interviewer het perfecte vraaggesprek?

Over Clairy Polak heeft iedereen wel een mening. Ze is een vakvrouw, scherp en heeft een grote dossierkennis. Of ze is links, fel en moralistisch. Zelf lijkt ze weinig onder de indruk van al die meningen. "Het is iets wat anderen vinden. Ik noem mezelf vaak een haaibaai. Om mensen voor te zijn."

Polak (55) formuleert zorgvuldig, zoals ze dat ook doet als zij degene is die de vragen stelt. Het is een paar dagen voordat haar nieuwe programma 'De waan van de dag' bij de Vara begint. Daarom werkt ze mee aan een interview, als een soort reclame. Maar eigenlijk zit ze liever op de stoel van de interviewer.

Dat doet ze niet onverdienstelijk, want vorig jaar kreeg ze de Sonja Barend-Award voor het beste televisie-interview van het jaar, voor haar gesprek in 'Nova' met DSB-topman Hans van Goor. Datzelfde jaar werd ze door Elsevier uitgeroepen tot beste interviewer van Nederland.

Hoe doe je dat, de beste worden?

"Ik ben wel goed, maar zeker niet de beste. Ik heb ook niets met toptienen, dat is zo waan van de dag. Volgend jaar weet niemand het meer en dat is maar goed ook."

U kunt die onderscheidingen ook opvatten als compliment. Krijgt u liever geen complimenten?

"Ik hoor niets liever dan complimenten. Ik weet misschien niet goed hoe ik erop moet reageren."

Is dat bescheidenheid?

"Bescheidenheid is geen slechte kwaliteit zolang het geen valse bescheidenheid is. Ik hou er niet van om mensen om het minste of geringste op een voetstuk te plaatsen. Ik doe gewoon mijn werk. Ik doe het goed, maar ik ben niet de beste.

"Waar ik trots op ben? Op het feit dat ik me altijd goed voorbereid, dat ik goed kan luisteren. Dat ik ook zelfspot en zelfrelativering heb. Dat hoort bij het vak, vind ik. Je bent God niet. Wij als journalisten nemen iedereen de maat, dat moeten we ook vooral blijven doen, maar we moeten ook wel eens onszelf de maat nemen. Journalisten hebben vrij lange tenen."

En hoe zit het met uw tenen?

"Ik kan niet tegen kritiek als mensen roepen: het was waardeloos. Maar als iemand zegt: daar luisterde je niet goed of dat kon beter, dan heb je wat aan de kritiek. Je moet daar wel tegen kunnen in dit vak. Ik krijg veel reacties, ook op straat. Daar zitten ook leuke tussen, hoor."

Wilde u altijd al bekend worden?

"Mij overkomt alles. Ik heb nooit geweten wat ik wilde worden. Behalve toen ik heel jong was, toen was het archeoloog. Maar ik ben per ongeluk in de journalistiek terechtgekomen, per ongeluk op de radio, per ongeluk op tv en nu per ongeluk niet bij 'Nieuwsuur'.

"Het voordeel is wel, al vond ik dat vroeger een nadeel, dat ik in een gezin van een BN'er ben opgegroeid. Mijn vader (Bram Polak, beter bekend als Alexander Pola van 'Farce Majeure', red.) werd vroeger te pas en te onpas op straat aangesproken, dus ik ken het fenomeen. Al besefte ik niet dat het voor mij ook zou gaan gelden toen ik net begon met dit werk."

Polak was zeven jaar lang het gezicht van actualiteitenprogramma 'Nova'. Tot in 2010 besloten werd dat er behoefte was aan een 'neutralere' variant: 'Nieuwsuur'. Voor Polak was daar geen plaats als presentatrice, ze zou daarvoor te links zijn, vanwege haar Vara-achtergrond. Wel mocht ze interviews op locatie gaan maken. Dat werd uiteindelijk zo minimaal, dat ze zelf besloot te stoppen.

"Ik mis Nieuwsuur niet", zegt ze nu. "Ik wilde van dat snelle nieuws af. Natuurlijk was het toen een teleurstelling. Maar dat was vooral door de manier waarop en de reden waarom. Ik vond dat mijn hoofdredacteur het meer voor me had moeten opnemen. Ik dacht dat ik had bewezen dat ik iedereen kritisch ondervraag en niet alleen rechtse mensen. Ik was teleurgesteld dat ik zo makkelijk losgelaten werd."

Dan voegt ze er op nuchtere toon aan toe: "Maar ach, je moet ook niet in het verleden blijven hangen."

Tijd om vooruit te kijken. Hoe voelt het om terug te zijn met een eigen programma?

"Ik zie dit programma niet als terug zijn, want ik ben niet weggeweest. Het is geen comeback, ik ben 'Buitenhof' namens de Vara blijven doen. Het 'Filosofisch Kwintet' heb ik voor de Human gedaan en dat ga ik komende zomer weer doen. Misschien beschouwen mensen mij als weggeweest omdat ik niet elke avond meer de huiskamer in kwam met Nova.

"Bovendien is het niet mijn eigen programma. Het is van de redactie en de presentator. Het zou een miskenning zijn van alle mensen die zich er met hart en ziel voor inzetten als ik zou zeggen dat het mijn programma is. Wel ben ik nu meer betrokken bij de totstandkoming dan dat ik bij Nova was. Daar was ik de uitvoerder, ik deed mijn kunstje, ik stelde mijn vragen."

'De waan van de dag' gaat over journalistiek. Is dat niet een beetje een slager die zijn eigen vlees keurt?

"Nee, want we keuren niet. Het is de bedoeling dat we het journalistieke proces inzichtelijk maken. Er wordt veel gezegd over media, er wordt ook veel geklaagd over media. Het is de bedoeling dat we praten over waarom een onderwerp het nieuws domineerde, of waarom er bepaalde afwegingen zijn gemaakt."

Is daar behoefte aan, een kijkje in de keuken van de media?

"Ik denk het wel. We maken het programma niet voor journalisten, want als het goed is stellen die zichzelf elke dag de vragen die ik in het programma stel. Het programma is voor het publiek. Steeds meer mensen hebben te maken met media of gedragen zichzelf als journalisten."

Polak zegt elke keer nadrukkelijk 'het is de bedoeling' als het over haar nieuwe programma gaat. Hoe het er precies uit komt te zien, is een paar dagen voor de eerste uitzending nog niet duidelijk. Het programma wordt vanavond rechtstreeks uitgezonden, want dat is wat Polak het liefste doet. "Bij live-uitzendingen ben je het meest actueel en er heerst een ander soort spanning dan als je iets opneemt. Dan heb je altijd het idee dat er nog in geknipt kan worden. Het zorgt voor een andere soort adrenaline. Het voordeel van live is dat het voor beide partijen spannend is, dat je er niets meer aan kunt veranderen. Ik hou van die spanning."

Is die spanning er na al die jaren ervaring nog steeds?


"Ik denk dat ik ermee stop als die spanning weg is. Spannend is het nog steeds, maar ik ben niet meer zenuwachtig, zoals vroeger. Toen ik begon, was ik bang om domme vragen te stellen. Nu weet ik dat domme vragen echt niet bestaan. Je mag best eens zeggen: ik begrijp het niet. Dat is vaak juist beter."

Wat probeert u te vermijden tijdens een interview?

"Dat ik zelf een te duidelijk standpunt inneem. Toch gebeurt het me wel eens. Ik had het bijvoorbeeld bij Aart Jan de Geus, toen minister van sociale zaken. Ik werd boos over de wijze waarop hij voorbeelden van leed negeerde dat ontstond door nieuwe herkeuringen van WAO'ers. Ik ben niet gewend en in staat om mijn tong af te bijten. Dat zit in mijn karakter. Daardoor ben ik soms een open boek, dat is mijn zwakte.

"Het is mijn kracht dat ik snel kan reageren. Maar het is ook weer een zwakte dat dat soms niet een vraag is, maar een tegenwerping. Dat ik boos werd in het gesprek met De Geus is niet goed en onprofessioneel. Het is ook niet dienstbaar aan het gesprek, want je gesprekspartner wordt de underdog. Maar ik kan die emoties nu gelukkig beter bedwingen dan vroeger. Dat is ervaring, denk ik."

Wanneer bent u tevreden over een interview?

"Het moet een gesprek zijn, dan is het een geslaagd interview. Dus dat een vraag leidt tot een antwoord en dat leidt weer tot een vraag. Het moet een uitwisseling van gedachten zijn.

"Naar elkaar luisteren is één van de moeilijkste dingen. Dat is een onderschat fenomeen: Het grootste gedeelte van het werk wordt gedaan door de ander. Het is aan de geïnterviewde om te bepalen of hij zich wil laten zien, zich bloot wil geven.

"En als ik niet tevreden ben, kijk ik de uitzending altijd terug. Dan zie ik: daar heb ik niet geluisterd of dat heb ik niet gedaan. Maar soms valt het ook mee hoor. Dan denk ik na het terugkijken: het ging eigenlijk best goed."

Heeft u zich bij dit interview bloot gegeven?

"Ik probeer altijd mee te werken."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden