Plukken en vergelijken - de deur uit om planten te onderzoeken

Eddie Weena in het Zwalkerbos nabij Zwolle. Beeld Herman Engbers
Eddie Weena in het Zwalkerbos nabij Zwolle.Beeld Herman Engbers

Ondanks DNA-technieken en plantenapps blijft het aloude botaniseren onmisbaar. Ecoloog Eddy Weeda ruikt, proeft en plukt erop los, terwijl hij planten verzamelt en bestudeert.

Gulden boterbloem is wel een van de ergste. Een complete chaos. De plant heeft voor 99 procent de seks in de ban gedaan, maar die ene resterende procent zorgt er toch voor dat genetische eigenschappen af en toe opnieuw gemixt worden. Tja, en het lukt maar niet de diverse pakketten erfelijke eigenschappen te koppelen aan veldkenmerken. Noch uit de bloem, noch uit blad of stengel valt iets werkbaars te halen. Een onmogelijk geval."

Eddy Weeda, vegetatiekundige en ecoloog, is op deze kille lenteochtend op botaniseertocht in de omgeving van Zwolle. Weeda speurt naar planten om ze te determineren. Hij 'scant' de bodembegroeiing en duikt af en toe op de knieën om blad of wortel beter te kunnen bekijken. "Dat schaafstro is al net zo'n probleemgeval. Blijkt flink te bastaarderen, maar de bastaarden zijn niet makkelijk herkenbaar. Gemakshalve is lang gedaan alsof alle planten tot dezelfde soort behoorden, maar uit DNA-onderzoek weten we inmiddels wel beter. En dat betekent dat je op alle vindplaatsen nieuw materiaal moet verzamelen om een verspreidingskaart te kunnen samenstellen. Een kluif voor plantensystematici."

Weeda raapt een paar stengels op, losgereden door een auto of fietser, en stopt ze in zijn tas. Mooi determinatiemateriaal voor thuis.

Waarom nog planten verzamelen?
Jeugdherinneringen van zelfgemaakte bladen vol halfvergane gedroogde planten komen boven. Kan deze man, een internationaal gewaardeerd botanicus, geen afscheid nemen van archaïsche praktijken als het verzamelen van planten? We leven toch in de eenentwintigste eeuw, de eeuw van soortenbank.nl en waarneming.nl, van blogs en Facebook? Waarom nog planten verzamelen als een foto met een determinatievraag in een seconde de hele wereld over kan gaan?

"Ach", zegt Weeda, "de grote systematicus Linnaeus kon nog denken dat hij alle planten wel zo'n beetje beschreven had. Dat is natuurlijk een farce. Neem alleen al het feit dat Nederland - in tegenstelling tot wat sommige politici denken - niet op slot kan. Er komen steeds nieuwe planten binnen, en die moeten allemaal een plek krijgen in het collectieve bewustzijn van de plantenzoekers. En ja, dat begint met botaniseren; verzamelen, drogen en vergelijken. DNA-technieken doen daar niets aan af; ook daarvoor is vers plantmateriaal nodig."

De botanicus vond bijvoorbeeld onlangs nabij Wijhe oranje springzaad, een nieuwkomer uit Noord-Amerika en dubbelganger van ons inheemse groot springzaad. Beide soorten groeien er naast elkaar en van beide heeft hij materiaal verzameld voor DNA-onderzoek. "Ze zouden eens met elkaar kunnen kruisen, dan heb je echt iets nieuws..."

Tekst loopt door onder foto.

null Beeld Herman Engbers
Beeld Herman Engbers

Een vergissing
En terwijl hij lopend, buigend, ruikend, proevend en af en toe plukkend door het veld loopt, gaat hij terug in de geschiedenis van het botaniseren. Het begon met het gebruik van kruiden als medicijnen en dat van eetbare gewassen. Beide werden in hoven geteeld, maar ook in het wild verzameld. Daarvoor moest men de oogst kunnen vergelijken met afbeeldingen of gedroogde planten. Een vergissing kon desastreuze gevolgen hebben.

Nog steeds overigens, zo blijkt als Weeda op een veldje daslook wijst. Deze naar uien geurende plant is goed eetbaar, maar makkelijk te verwarren met het dodelijk giftige lelietje-van-dalen. "Zo'n vergissing maak je één keer."

Het verzamelen was ook onontbeerlijk voor wetenschappelijk onderzoek; alleen met een gedroogd exemplaar bij de hand kon vastgesteld worden of het al dan niet een nieuwe soort betrof.

Nieuwe flora

Ter gelegenheid van haar jubileum heeft de botanische vereniging twee nieuwe ‘floristische initiatieven’ genomen. De interactieve en educatieve website ‘Flora van Nederland’ werd al in 2008 opgezet, maar is nog steeds ‘werk in uitvoering’. De website maakt steeds meer kennis en informatie over de flora voor een breed publiek toegankelijk. Daarnaast staat de ‘Nova Flora Neerlandica’ op stapel: een twaalfdelige boekenreeks met speciale aandacht voor ‘botanisch moeilijke groepen’, zoals bramen en havikskruiden.

Reizen
"En zeker toen men begon te reizen en botanisch onontgonnen gebieden aan snee kwamen, was de behoefte aan herbaria groot."

Dat reizen hoefde niet ver te zijn, haast hij zich op te merken. In de achttiende eeuw waren Twente, Drenthe en Limburg floristisch nog onbekend. Vele veldtochten volgden, maar af komt het botaniseerwerk nooit. En niet alleen vanwege nieuwkomers die een plek veroveren.

Zelfs een paardebloem - toch een plant die zelfs een kind feilloos weet te herkennen - blijkt herboristen nog hoofdbrekens te bezorgen. Er zijn, zo vertelt Weeda, heel veel paardebloemsoorten. "Maar hoeveel precies is onbekend." Een extra probleem bij de determinatie is dat paardebloemen in de loop van hun leven verschillende bladvormen kennen. Ga je op één blaadje af, dan is de kans op vergissing dus levensgroot. Je moet zo'n plant dus levenslang blijven volgen om tot een betrouwbare conclusie te kunnen komen.

null Beeld Herman Engbers
Beeld Herman Engbers

DNA-onderzoek legt steeds meer verschillen bloot tussen planten die voorheen als hetzelfde werden gezien. Weeda: "En om het voor botanici en planteninventariseerders werkbaar te houden, moeten die verschillen vervolgens wel aan veldkenmerken worden gekoppeld. En ja, daar is plantmateriaal voor nodig."

Aangeland bij een veldje teer ogende zacht paars bloeiende planten knielt hij glimlachend neer, duidelijk genietend. "Holwortel. Niet inheems, ongetwijfeld aangeplant, maar hij doet het goed. Prachtig toch?"

Botanische meesterwerken

Eddy Weeda schreef samen met anderen onlangs het boek ‘Botanische meesterwerken’, uitgegeven naar aanleiding van het 170-jarig bestaan van de Koninklijke Nederlandse Botanische Vereniging. In het boek niet alleen de geschiedenis van de vereniging, maar met name veel aandacht voor de rijke verzameling botanische meesterwerken die in de loop van de eeuwen zijn verschenen. Rijk geïllustreerd, maar wel echt voor de liefhebbers. ‘Botanische meesterwerken’, redactie Eddy Weeda, Joop Schaminée, Nils van Rooijen. KNNV-uitgeverij, € 29,95.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden