Ploeteren door de modder voor een paar liter benzine

Smokkelroute Syrië is hindernisbaan

"Het water komt tot hier." Abdoelhamid (35) wijst naar zijn middel. Hij heeft zojuist zijn jerrycan gevuld met benzine en staat in zijn natte, modderige broek in de stromende regen te rillen naast de tankauto buiten het grensdorp Shilikya. Bijna dertig liter brengt hij op zijn rug via de smokkelroute de grens over van Irak naar Syrië. De zware regens van de afgelopen dagen hebben de bergroute veranderd in een hindernisbaan met kolkende beken, verraderlijke meertjes en heel veel modder.

Samen met duizenden Syrische smokkelaars maakt deze vader van drie kinderen de retourtrip van vijf uur een paar keer per week. Want in het door strijd getroffen Syrië is aan alles een tekort. De Iraaks-Koerdische overheid is onlangs begonnen met voedseltransporten, maar officieel wordt er vanuit Irak bijna niets toegelaten. "Auto's met goederen mogen de grens niet over", vertelt Abdoelhamid. "Benzine, vlees, sigaretten, het mag Syrië niet in."

En dat zijn nou net de goederen waaraan dringend behoefte is. Bij een paar winkels in het naburige gehucht Saheila staat een groepje kletsnatte en modderige mannen te kleumen. Sommigen hebben lege plastic jerrycans op hun rug en vijfliter-containers in de hand. Anderen lopen van winkel naar winkel om goederen te verzamelen. Dozen met sigaretten staan voor ze klaar.

Normaal is het hier een drukte van belang. Door het slechte weer is het vandaag rustig. Jaloers kijken ze naar een jongen die op zijn paard komt aangereden.

"Het is als het einde van de wereld daarbuiten!" klaagt Moestafa als het paard naast hem staat uit te dampen. Hij wijst hoe ver het water kwam: tot de schouder van het dier. Hij gaat iedere dag. "Ik neem vlees mee en alles wat ik kan vinden." Hij erkent dat hij bevoorrecht is; het paard kan meer dan het dubbele vervoeren dan een volwassen man. Sommige smokkelaars hebben een ezel, maar de prijs daarvan is door de toenemende vraag enorm gestegen.

"We hebben niets meer", zeggen de mannen als hen gevraagd wordt waarom ze door weer en wind naar Irak komen. Voor Moestafa is het smokkelen een baan geworden. Ook Abdoelhamid, die als boerenknecht werkte, vat het als zodanig op. Die benadrukt dat hij er niet veel aan verdient, een paar dollar per jerrycan benzine, "en soms zelfs niets".

Ali Hoessein, een vijftiger die de oudste is van het groepje, bibbert onophoudelijk. Hij zegt dat hij voor zijn familie smokkelt. "Mijn vrouw stuurt me voor brood, macaroni en meel."

De meeste smokkelaars zijn Koerden, een enkeling Arabisch, al is het verschil nauwelijks te zien omdat ze allemaal een Koerdische sjaal om hun hoofd dragen tegen de kou. "We zijn degenen die honger lijden", zegt een man uit een Arabisch dorp. Hij klaagt over de hoge prijzen als gevolg van de tekorten. "We willen een normaal leven!"

Anderen klagen over tegenwerking van de milities. Even verstoort de politiek de sfeer van verbroedering. Er ontstaat een handgemeen als een Arabische Syriër klaagt dat een islamitische tak van het Vrije Syrische Leger geen benzine toelaat. "Dat is de schuld van Basjar", roept een Koerdische winkelier boos, die alle schuld bij de Syrische president Basjar Assad legt en de Arabische Syriër indirect van steun aan het regime beschuldigt.

De route naar Shilikya is voor deze mannen de enige mogelijkheid: de Turkse grens is gesloten. "Hier geven de autoriteiten ons de ruimte en er zijn geen officiële checkpoints onderweg", legt een smokkelaar uit. Een Koerdische veiligheidsagent in burger luistert zwijgend toe. Nadat hij de papieren van de verslaggever zorgvuldig heeft gecontroleerd, vertrekt hij zonder de smokkelaars een strobreed in de weg te leggen.

Dezelfde route wordt gebruikt door vluchtelingen, vertelt zijn collega bij de controlepost in Shilikya. "Dagelijks melden zich hier wel tweehonderd gezinnen. We maken hier de papieren klaar en sturen ze door naar het Domiz-vluchtelingenkamp." Vanwege het weer waren het er vandaag maar tien. Een man staat met koffers op een ezel te wachten om naar huis terug te keren. Hij gaat zijn gezin halen, in Irak is de situatie beter, zegt hij. Iraaks Koerdistan telt nu al meer dan 80.000 Syrische vluchtelingen.

De veiligheidsagent haast zich naar de warmte van zijn auto. Het werk zit er op voor vandaag. En de smokkelaars dan? "Daar bemoeien we ons niet mee. Ze halen wat ze nodig hebben om te overleven en keren naar huis terug."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden