Pleidooi voor meer adequate omschrijving van 'zwaar werk'

Het kabinet wil zware beroepen ontzien bij de ingreep in de AOW. Maar wat is zwaar?

Jeroen den Blijker

Wat is de overeenkomst tussen een bouwvakker en een verpleger? Seth van den Bossche, onderzoeker van TNO Arbeid heeft geen moeite met de vraag. Beiden hebben een zwaar beroep, zegt hij. „Maar het werk van een verpleger is naast lichamelijk ook nog eens psychisch zwaar.”Â

Zware beroepen zijn een sleutelbegrip in het debat over de verhoging van de AOW naar 67 jaar. Het kabinet wil dat iedereen langer doorwerkt, maar gunt wie veertig jaar een ’zwaar beroep’ heeft uitgeoefend eerder zijn AOW, zij het met een korting. Maar wat is zwaar?

In een artikel in het economenvakblad Economisch Statistische Berichten (ESB) houdt Van den Bossche met twee collega’s een pleidooi om dat begrip breder te interpreteren dan tot nu toe gebeurt. Ze wijzen erop dat tegenwoordig in Nederland driekwart van de beroepsbevolking in de dienstensector werkt. „En daar gaat het minder om gevaarlijk werk, bedrijfsongevallen of zwaar tillen, maar meer om werkdruk, veeleisende en emotionerende klantcontacten met intimidatie, agressie en geweld. Dat lijdt meestal niet tot fysieke, maar tot psychische klachten.” De onderzoekers baseren zich op de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden van TNO en het CBS. Daarvoor worden jaarlijks 24.000 werknemers ondervraagd.

Zo beschouwd hebben bijvoorbeeld verpleegkundigen en ziekenverzorgers, docenten en onderwijzers ook een zwaar beroep. Net als politie, brandweer, bus- en treinbestuurders. Zo ervaren zij het ook, zegt Van den Bossche. Onlangs publiceerde TNO een onderzoek naar langer doorwerken. „Werknemers werd gevraagd of ze langer willen doorwerken als ze lichter werk krijgen aangeboden. Op die vraag antwoordt de helft van de werknemers in de gezondheidszorg of onderwijs ’ja’, net iets meer dan in de industrie.”Â

In hun artikel noemen Van den Bossche en zijn collega’s het daarom ook ’onterecht’ als fysiek zwaar werk het enige criterium zou worden voor vervroegde AOW-uitkering. Zo is bijvoorbeeld bijna veertig procent van de mensen die arbeidsongeschikt worden, op psychische gronden afgekeurd.

In deze krant maakte de Tilburgse hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen eerder gehakt van het begrip zwaar werk. Hij vindt het te complex en onrealistisch om een werkbaar criterium op te leveren. Ook diverse oppositiepartijen en de vakbeweging denken daar zo over.

Van den Bossche brandt zich niet aan deze kwestie. „Maar we zijn nog wel mijlenver verwijderd van een goed criterium”. Het is weliswaar goed mogelijk om op basis van onderzoek iets te zeggen over de psychische en fysieke belasting van een bepaald beroep – „Daar doen wij veel onderzoek naar” – maar het beeld wordt minder eenduidig als je naar de praktijk kijkt. Veel hangt bijvoorbeeld af van persoonlijke belastbaarheid – waar de een afknapt, werkt de ander rustig door – maar ook van specifieke omstandigheden, zoals de sfeer op de werkvloer of de bedrijfsvoering.

Ook blijken klachten van werknemers zich anders te uiten dan je vaak zou denken. „Zo hebben we vastgesteld dat werkdruk net zo goed tot klachten van het bewegingsapparaat (knieën, schouders) kan leiden als lichamelijk zwaar werk”, zegt Van den Bossche, die een langdurige ingewikkelde discussie voorspelt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden