Platte aaneenschakeling van uitsluitend typetjes

Scÿne uit 'De infiltrant'. (Trouw) Beeld
Scÿne uit 'De infiltrant'. (Trouw)

‘De infiltrant’ van Victor Meijer door De Varkensfabriek o.r.v. Patrick Stoof. Tournee t/m 5-6. Inl.: www.grunfeld.nl

Naïeve Mimoun is nog maar net naar de grote stad verhuisd, of hij valt al in handen van lepe buurjongen Hasanova, die hem in recordtempo van zijn Wibra-outfit en maagdelijkheid afhelpt, honderdjes toeschuift en zo meetrekt in de bende van broer Alinova, die juist even in de gevangenis zit.

In razende vaart en met een tomeloze energie zetten Karim El Guennouni en Mohammed Azaay het verhaaltje en de personages neer. Niet alleen de twee hoofdpersonen, maar ook alle omringende figuren zoals de afzonderlijke bendeleden, broers, moeders, dealers, slagers die een neergeschoten slachtoffer in mootjes hakken, vaders met of zonder dood schaap.

Beide acteurs wisselen continu van typetje of nemen elkaars typetje over. Daartoe dient onder andere een kamerscherm op het toneel, waarachter ze als x verdwijnen en als y tevoorschijn komen, of de een als x verdwijnt en de ander als x verschijnt. Het is een procedé dat zij ook in hun eerdere programma’s ’De varkensfabriek’ en ’Het spreekuur’ toepasten en wat ze steeds beter beheersen. Een ritsje open of dicht, een petje op of af, telkens een ander dik aangezet accent.

In fracties van seconden tolt de ene na de andere figuur voorbij, zo snel dat het al gauw niet meer uitmaakt waar ’De infiltrant’ over gaat. De infiltrantenintrige zelf wordt er in de laatste scènes overigens zó doorheen gejast, dat elke andere titel de lading ook had kunnen dekken.

Eerder zijn El Guennouni en Azaay wel geroemd om hun allochtonenhumor en cabareteske aanpak. Kan ik inkomen, maar daarmee ben je er nog niet. Zelf noemen zij hun genre humoristisch toneel. Als je de voorstelling ziet te midden van een voor de helft uit jongeren bestaand publiek en er wordt vrijwel niet gelachen, dan kun je op zijn positiefst veronderstellen dat die humor mogelijk meer verinnerlijkt is. Anderzijds moet je concluderen dat zoiets onmogelijk is met een moordende aaneenschakeling van uitsluitend typetjes.

De acteurs/makers gunnen zich niet de tijd om de figuren enige dimensie te geven of een spanningsboog op te bouwen. Dan blijft er weinig over om de verbeelding of de geest van het publiek te prikkelen. Mag het desondanks aangenaam lijken dat moralisme ontbreekt, irritant is dan wel weer dat in de gebezigde straattaal en -cultuur telkens zo eenzijdig de afkeer van homo’s opduikt.

Van theater mag je toch op zijn minst enige relativering of nuancering verwachten. In ’De infiltrant’ komt de drijfkracht van beide mannen niet verder dan een plat ’hap-slik-of-ik-schiet’. Aan het eind is inderdaad iedereen dood. Gelukkig. Om zo te vergeten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden