Plan voor bijzetting Camus in Panthéon stuit op weerstand

(Trouw)

De Franse president Sarkozy wil de vijftig jaar geleden verongelukte Albert Camus bijzetten in het Panthéon. Maar familie en vrienden van de schrijver denken dat hij daar niet op zijn plaats is.

Linten, medailles, ceremonies. De République Française heeft talrijke eerbewijzen te vergeven. De allerhoogste eer is bijzetting in het Panthéon, een neoklassiek bouwwerk in het vijfde arrondissement van Parijs.

Eén vrouw ligt er begraven: Marie Curie, de uitvindster van het radium. Voor de rest is het een mannenbolwerk. De filosoof Voltaire ligt er, de schrijver Emile Zola, de verzetsheld Jean Moulin en nog tientallen andere meer en minder bekende Franse helden.

Doorgaans worden kandidaten voorgedragen door bewonderaars en is het de president die uiteindelijk beslist. Maar soms heeft de president een eigen voorkeur. Zo liet Nicolas Sarkozy zich in de marge van zijn bezoek aan Brussel afgelopen donderdag ontvallen dat hij graag zou zien dat de schrijver Albert Camus (1913-1960) wordt opgenomen in het oorspronkelijk als kerk gebouwde Panthéon.

’Een uiterst krachtig symbool’ noemde Sarkozy dat. En een idee dat hem ’zeer na aan het hart ligt’.

Camus’ bekendste boek is wellicht ’De Vreemdeling’ (1942), gesitueerd in Frans-Algerije, waar Camus werd geboren en een groot deel van zijn leven doorbracht. Hoewel hij het etiket zelf altijd verwierp, wordt hij vaak gezien als een van de representanten van het existentialisme, de denkrichting die de mens voorstelt als een individu dat verantwoordelijk is voor zijn eigen lot en daden – ten goede of ten kwade.

Camus is ook bekend vanwege zijn filosofie van het ’absurde’, het meest expliciet verwoord in ’De mythe van Sisyphus’ (1942). Hij schreef voor het verzetsblad Combat en haalde zich de woede van de linkse Parijse intelligentsia op de hals toen hij besloot te breken met het communisme. Met name zijn vriend Sartre zou hem dat nooit vergeven.

Drie jaar nadat hij de Nobelprijs voor literatuur won, kwam Camus om bij een auto-ongeluk en in januari is het precies vijftig jaar geleden dat hij is overleden. Een mooi moment om hem de ultieme eer te bewijzen, zo meent Sarkozy. Bijkomend voordeel is dat Camus nu alom wordt bewonderd. Voor polemiek en twist is in het Panthéon namelijk geen plaats.

Maar Camus mag dan onomstreden zijn, Sarkozy’s voornemen is dat bepaald niet, zo bleek de afgelopen dagen. „Voor mij stond Camus, de auteur van ’De mens in opstand’, voor een discreet soort heldendom waarvoor in het Panthéon geen plaats is”, meent Jean Daniel, vriend van Camus en oprichter van het linkse weekblad Le Nouvel Observateur. Hij vindt dat Camus moet blijven liggen in het sobere graf in het Zuid-Franse dorpje Lourmarin.

„Camus heeft Sarkozy niet nodig; Sarkozy heeft wat intellectuele schittering nodig,” aldus Camus-biograaf Olivier Todd. Ofwel: dit is bedoeld om de tanende populariteit van Sarkozy wat op te krikken.

Pijnlijker voor Sarkozy is dat het erop lijkt dat Camus’ zoon Jean de noodzakelijke toestemming voor de bijzetting in het Panthéon zal weigeren. Ook Jean vreest dat Sarkozy uit is op politiek gewin en dat een ’panthéonisation’ strijdig is met de idealen waar zijn vader voor stond.

Onduidelijk is of Sarkozy zijn pogingen de familie voor zijn voornemen te winnen, zal voortzetten. „We zullen zien”, zo commentarieerde het Elysée gisteren laconiek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden