Plan moet hulpprogramma’s aanscherpen

Wil Plan Nederland nog iets aan overheidsgeld ontvangen, dan zal de ontwikkelingsorganisatie zich op een groot aantal punten moeten verbeteren. Dat blijkt uit een advies dat aan minister Van Ardenne is uitgebracht.

Het advies is opgesteld door de commissie die de minister voor ontwikkelingsamenwerking heeft bijgestaan bij het beoordelen van 114 subsidieaanvragen van Nederlandse organisaties. Als het advies wordt opgevolgd, dan wordt Plan Nederland stevig op zijn kop gezet. Zo moet de organisatie duidelijk onderscheid maken met wie wordt samengewerkt in ontwikkelingslanden. Het is de commissie blijkbaar te vaag dat Plan Nederland als onderdeel van Plan International een relatie heeft met 46 veldkantoren die met geld vanuit 16 donorlanden worden gevoed. Plan Nederland moet dan, wil het voor overheidsubsidie (aangevraagd is 144 miljoen euro) in aanmerking komen, een gericht programma opstellen in plaats van het geld over die landenkantoren verspreiden. Plan, zo luidt het advies, zal inzichtelijk moeten maken in welke programma’s het geld wordt gestopt en welke doelgroepen in de ontwikkelingslanden daarvan profiteren. Dat is nog niet genoeg. Het belastinggeld mag niet alleen niet over de wereld worden verspreid, de nieuwe eis is ook dat Plan effectiever omspringt met een eventuele subsidie door zich te concentreren op die programma’s die voor de doelgroepen de grootste verbeteringen van hun lot opleveren.

Paul Lem, directeur van Plan Nederland, wil niet op dit advies aan de minister ingaan. Het is een integraal onderdeel van de negatieve beschikking die de organisatie van Van Ardenne heeft ontvangen. Plan rekent er nog altijd op dat het de minister kan overtuigen dat de subsidie op verkeerde gronden is afgewezen. Een reactie op de aanbevelingen is volgens Plan in dit stadium dan ook voorbarig. Wel stelt Lem dat elke ontvangen euro bij de overheid is verantwoord en dat inmiddels de focus niet meer op 46 landen maar op 20 is gelegd.

Bij de organisatie bestaat nog wel grote verwarring over de reden van de afwijzing. Over één zaak is men het wel eens: de afwijzing zal worden aangevochten. En dan moet volgens Lem ook duidelijk worden wat de werkelijke reden is. Dat moet in zijn ogen een andere zijn dan de negatieve beschikking nu aangeeft.

Van Ardenne heeft recent de verwarring bij Plan alleen maar groter gemaakt. Op vragen uit de Tweede Kamer stelt zij dat Plan Nederland de veldkantoren, en de daaronder hangende lokale organisaties, als partners mee mag tellen. Dat mocht in het oude subsidiestelsel, en dat mag ook in het nieuwe. Dat is opmerkelijk, omdat de adviescommissie tot het oordeel komt dat de veldkantoren niet als partner gerekend mogen worden omdat het simpelweg een integraal onderdeel is van de Internationale Plan-familie. Dat enkele veldkantoren, zoals dat in Nepal, zich inmiddels een grote mate van zelfstandigheid hebben verworven en niet meer aan de leiband lopen van Plan International, overtuigt de commissie, en blijkbaar ook de minister, niet.

Uit de gisteren op de website van Plan Nederland geplaatste beschikking, blijkt dat de adviescommissie grote twijfels heeft over de wijze waarop Plan Nederland zijn resultaten meet. Plan Nederland is ervan overtuigd, getuige ook de eigen verklaringen, dat het wel degelijk resultaten kan tonen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden